Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 10 september 2021 | ‘Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra)

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat hij zou doorgaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar (ra).

De verovering van Damascus

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Damascus gedurende enkele maanden werd belegerd tijdens de tijd van Hazrat Abu Bakr(ra), en uiteindelijk, kort na de ondergang van Hazrat Abu Bakr(ra), behaalden de moslims de overwinning in Damascus. Zijne Heiligheid (aba) heeft enkele incidenten beschreven die plaatsvonden na de overwinning van Damascus, zoals plaatsgevonden tijdens de tijd van Hazrat Umar (ra).

De slag bij Fahl

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een plaats genaamd Fahl, een plaats in Syrië, ook werd veroverd tijdens de tijd van Hazrat Umar (ra). Hazrat Umar(ra) had geïnstrueerd dat de moslims zich eerst moesten concentreren op de verovering van Damascus, en als ze daarin slaagden, dan moesten ze naar Fahl gaan. Toen deze landen eenmaal waren veroverd en de moslims zegevierden over de Romeinen, instrueerde Hazrat Umar(ra) dat de gronden onder de hoede van hun eigenaren moesten worden gelaten. Slechts een deel van de grond zou worden gebruikt voor het bouwen van moskeeën, maar anders dan dat zouden de eigenaren hun land behouden.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Besan ook werd veroverd tijdens de tijd van Hazrat Umar (ra). Na de overwinning van Fahl vestigden de moslims hun kamp buiten Besan. Tegen die tijd had het nieuws over de verliezen die de Romeinen leden tegen de moslims zich verspreid. De moslims belegerden Besan een paar dagen, waarna een paar mensen kwamen vechten en werden verslagen. De rest van de bevolking van Besan stemde in met de voorwaarden van een verdrag.

De verovering van Tabariyyah

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Tabariyyah ook werd veroverd tijdens de tijd van Hazrat Umar (ra). Toen Tabariyyah was veroverd, verzochten ze om voor Shurahbil te worden gebracht, dezelfde persoon die de veroveringen van Fehl en Besan leidde, om tot overeenstemming te komen. Ze kwamen dezelfde voorwaarden overeen die werden afgesproken met de mensen van Damascus, samen met de voorwaarde dat de helft van de huizen in de steden en dorpen zou worden leeggemaakt zodat moslims ze konden bewonen.

De verovering van Homs

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Homs ook werd veroverd tijdens de tijd van Hazrat Umar (ra). Dit was een bekende plaats in Syrië en had een grote betekenis. De mensen van Homs kwamen zelf voorwaarts om de moslims te bevechten, wat uiteindelijk resulteerde in hun nederlaag. Het weer was in die tijd koud en de Romeinen geloofden dat de moslims niet lang in een open gebied zouden kunnen strijden. Het is opgetekend dat de Romeinen leren schoenen hadden, maar hun voeten zouden bevriezen, terwijl de moslims alleen normale schoenen zouden hebben. Ondanks de kou bleven de moslims echter resoluut, en toen de kou voorbij was en de Romeinen beseften dat de moslims niet verslagen konden worden, verzochten de mensen van Homs om een verdrag.

De slag bij Marj-ur-Rum

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Marj-ur-Rum ook werd veroverd tijdens de tijd van Hazrat Umar (ra). De moslims vochten ondanks het koude weer en velen van hen verzorgden wonden. Er volgde een strijd waarin de moslims zegevierden en de enige mensen die overbleven waren degenen die vluchtten. Als buit ontvingen moslims rijdieren, harnassen en kleding.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat na de overwinning van Marj-ur-Rum, Hamat ook werd veroverd door de moslims. De mensen van Hamat stemden in met de voorwaarden van een verdrag. Toen gingen de moslims verder met het veroveren van Salamiya.

De verovering van Lazica

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de moslims vervolgens Lazica gingen veroveren. Toen de mensen van Lazica de moslims zagen naderen, sloten ze elke toegang tot hun stad af en begonnen voorbereidingen te treffen om te vechten. De moslims belegerden de stad. Hazrat Abu Ubaidah (ra) bepaalde dat het leggen van een beleg erg lang zou duren, en zelfs dan zou de overwinning niet gegarandeerd zijn. Daarom bedacht Hazrat Abu Ubaidah (ra) een plan, waarbij verschillende greppels werden gegraven, die zowel een paard als zijn berijder konden verbergen. De volgende ochtend, toen de mensen van Lazica de moslims niet langer konden zien, werden ze blij en kwamen naar buiten, waarna de moslims de stad konden binnengaan en haar konden veroveren. Zo sloten de mensen van Lazica een verdrag met de moslims. Ze konden het eigendom van hun kasteel behouden, waarna de moslims er een moskee naast zouden bouwen.

De verovering van Qinnasrin

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de moslims vervolgens Qinnasrin gingen veroveren. De mensen van Qinnasrin hadden hun kamp buiten hun stad gelegerd om tegen de moslims te vechten. Uiteindelijk bleken de moslims over hen te zegevieren en werd er een verdrag gesloten. Sommigen gingen de stad binnen en sloten zichzelf op. Hazrat Khalid bin Walid (ra) vertelde hen dat God de moslims in staat zou stellen hen te bereiken of dat God hen naar de moslims zou brengen, en dat hun snode plannen zinloos waren. Uiteindelijk zagen ze hun schuld in en gaven zich over. Vanwege wat er gebeurd was, werd bepaald dat het alleen maar rechtvaardig zou zijn om hun kastelen af te breken. Vervolgens kregen de inwoners van Qinnasrin de verzekering van veiligheid, konden zij hun landen behouden en werd slechts een deel van de grond door de moslims gebruikt om moskeeën te bouwen.

De verovering in Caesarea

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er toen de verovering in Caesarea was. Hazrat Umar(ra) stuurde Yazid bin Abi Sufyan met 17,000 Moslims die ook Caesarea belegerden, wat in die tijd een grote stad was en werd bewaakt door een groot Romeins leger. De Romeinen vielen de Moslims aan maar hadden geen succes en het resultaat was dat 80.000 van hun soldaten in de strijd werden gedood, en met inbegrip van degenen die vluchtten, liep dit aantal op tot 100.000. Hazrat Ubadah bin Samit(ra), een Metgezel die deelnam aan de Slag van Badr, nam ook deel aan deze slag. Hij handelde met grote dapperheid en moedigde de moslims aan en vertelde hen dat telkens wanneer hij moslims in de strijd leidde, zij altijd overwinnaars waren. Hij zei dat hij in de voorhoede zou blijven, bereid om zijn leven op te geven indien nodig. Het resultaat was dat de moslims op inspirerende wijze vochten tegen de Romeinen en zegevierend bleken.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij in toekomstige preken door zou gaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar(ra).

Gebed voor oveledenen

Huzoor (aba) zei dat hij de begrafenisgebeden van de volgende overleden leden zou leiden.

Khadijah Sahiba echtgenote van Molvi K. Muhammad Alvi Sahib, voormalig missionaris van Kerala. Ze is enkele dagen geleden overleden. Ze bezat veel goede eigenschappen. Ze wordt overleefd door twee zonen en vijf dochters. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah haar met vergeving en genade zou behandelen.

Malik Sultan Rashid Khan Sahib is in de nacht van 22 op 23 augustus overleden. Zijn vader accepteerde Ahmadiyyat van de Tweede Khalifa (ra). Malik Sultan Rashid Khan Sahib diende als de Amir van het Attak-district. Hij gaf voorrang aan zijn geloof ten opzichte van de hele wereld. Hij stond altijd klaar en stond in de voorhoede van de gemeenschap. Hij had een diepe liefde voor het Khilafat en was gevorderd in spiritualiteit en zijn verbinding met God, maar hij zei nooit zulke dingen tegen anderen. Er waren verschillende huishoudens die financieel werden ondersteund door Malik Sultan Rashid Khan. Hij had een passie voor het verspreiden van de boodschap en door zijn inspanningen werden veel mensen naar de waarheid geleid. Hij bracht veel tijd in afzondering door om te bidden en te smeken tot zijn Heer. Hij bezat veel kennis en had de boeken van de Beloofde Messias(a) gelezen. Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij vele grote en deugdzame kwaliteiten bezat. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem met genade en vergiffenis zou behandelen.

Abdul Quyyum Sahib uit Indonesië die enkele dagn geleden is is overleden. Hij was de zoon van Abdul Wahid Samatri Sahib, de eerste niet-Indiase en niet-Pakistaanse missionaris. Hij behaalde een Master in Petroleum Economics en zou later in verschillende hoedanigheden in zijn vakgebied werken. Na zijn pensioneren behaalde hij een PhD in Chemical Engineering. Hij diende zijn land op vele manieren. Hij stelde de regering een formule voor vloeibaar aardgas voor, die de regering zou helpen een winst van $ 110 miljard te maken. Zijne Heiligheid (aba) zei dat op deze manier, zelfs in landen waar Ahmadi’s worden vervolgd, Ahmadi’s hun land op het hoogste niveau blijven dienen. Hij ontving diverse onderscheidingen van de overheid en kreeg vanwege zijn grote verdiensten een militaire begrafenis. Hij was erg zorgzaam en respectvol voor zowel zijn familie als de missionarissen van de Gemeenschap. Hij was ook erg aardig voor degenen die onder hem werkten. In feite was het te danken aan zijn vriendelijke behandeling dat één persoon ertoe werd gebracht de boeken van de Beloofde Messias(a) te lezen en later Ahmadiyyat accepteerde. Hij hield veel van de gemeenschap en van het Khilafat. Hij liep voorop bij het brengen van elk offer of hulp die nodig was. Toen de Vierde Khalifa (r) naar Indonesië reisde, verbleef hij in zijn huis. Hij verborg nooit het feit dat hij een Ahmadi was en bleef hier altijd trots op. Hij heeft grote diensten bewezen en financiële offers gebracht bij de bouw van moskeeën, pensions en andere gebouwen van de Gemeenschap. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem met genade en vergiffenis zou behandelen.

Daud Razzaq Yunus Sahib van Benin die op 27 augustus is overleden. Hij was een van de vroege Ahmadi’s in Benin. Zijn familie is nog geen Ahmadi, Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hen in staat zou stellen om Ahmadiyyat te accepteren. Hij was een geleerd lid van de Gemeenschap en had een MA-diploma behaald in Frankrijk. Hij was een rechtvaardig persoon die regelmatig was in zijn gebeden. Hij hield van de Beloofde Messias(a) en zijn opvolgers en bestudeerde hun boeken. Hij was ook enige tijd voorzitter van Humanity First in Benin. Hij bood de Gemeenschap verschillende financiële offers en land aan. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem met genade en vergiffenis zou behandelen.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 3 september 2021 | ‘Syed Taalay Ahmed: Een man die recht deed aan zijn gelofte – een voorbeeldige levenstoegewijde’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad(aba), dat onlangs een zeer dierbare toegewijde, Syed Talay Ahmed, de martelaarsdood stierf in Ghana, Afrika. Wij behoren tot Allah en tot Hem keren wij terug.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in de nacht van 23 op 24 augustus het MTA-team, dat een documentaire aan het filmen was, op reis was toen ze werden aangevallen door overvallers die hen vervolgens beschoten met vuurwapens, waarbij twee mensen gewond raakten, Umar Farooq en Syed Talay Ahmed. Op weg naar het ziekenhuis overleed Syed Taalay Ahmed. Zijne Heiligheid (aba) zei dat hoewel er eerdere martelaren van werknemers van MTA International uit andere delen van de wereld zijn geweest, dit de eerste uit het Verenigd Koninkrijk was. Zijne Heiligheid (aba) zei ook dat dit allicht het eerste martelaarschap van Waqfe Nau Verenigd Koninkrijk was. Zijne Heiligheid (aba) verzocht ook om gebed voor Umar Farooq die tijdens het incident gewond raakte en nog steeds aan het herstellen is.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij de achterkleinzoon was van Hazrat Mirza Bashir Ahmad (ra) en Mir Muhammad Ismail (ra). Via hen was hij familie van zowel de Beloofde Messias(as) als zijn vrouw Hazrat Nusrat Jahan Begum Sahiba. Hij was ook de schoonzoon van Ghulam Qadir Shaheed.

Syed Talay Ahmed’s diensten aan de Ahmadiyya Gemeenschap

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Syed Taalay Ahmed actief was in het dienen van de Ahmadiyya Muslim Youth Association UK in verschillende hoedanigheden, zowel in Majlis Atfalul Ahmadiyya als in Majlis Khuddamul Ahmadiyya. Hij diende ook de gemeenschap in zijn plaatselijke Jama’at van Hartlepool, Verenigd Koninkrijk. Hij werd in 2016 fulltime aangesteld bij het MTA News Team, en daarvoor diende hij The Review of Religions als hoofd van de afdeling indexering en tagging. Hij kreeg de kans om verschillende documentaires te maken voor MTA. Hij was ook degene die het zeer populaire This Week With Huzoor-programma initieerde dat op MTA te zien is.

Incident dat heeft geleid tot zijn martelaarschap

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Syed Taalay Ahmed erg gepassioneerd was over zijn werk en het afmaken ervan, ongeacht de ontberingen die hij onderweg kon tegenkomen. Zijn belangrijkste focus was altijd om ervoor te zorgen dat het werk werd uitgevoerd. Dit bleek ook uit het incident van zijn martelaarschap, omdat hij zijn reis begon in een tijd waarin een verhoogd gevaar heerste. Zijne Heiligheid (aba) zei dat toen Syed Taalay Ahmed op weg was na enkele opnames, hij zich zorgen maakte over de videobestanden die hij had opgenomen en ervoor wilde zorgen dat de bestanden niet beschadigd/onbruikbaar zouden raken, dus begon hij op zijn laptop al te werken terwijl hij nog aan het reizen was.

Zijne Heiligheid (aba) heeft de incidenten beschreven die leidden tot het martelaarschap van Syed Taalay Ahmed. De overvallers begonnen op het voertuig te schieten, waarna ze het voertuig naderden en alle waardevolle spullen meenamen. Syed Taalay Ahmed was in de rug geraakt en had veel bloed verloren. Terwijl de overval plaatsvond, verborg hij snel de laptop en andere apparatuur onder de stoelen zodat de overvallers het niet zouden kunnen vinden. Terwijl ze naar een nabijgelegen kliniek reden, vroeg Syed Talay Ahmed of Zijne Heiligheid (aba) op de hoogte was gesteld van dit incident. Vanuit de kliniek werd besloten dat hij naar een ziekenhuis moest worden gebracht. Onderweg zei hij: ‘Vertel Huzoor dat ik van hem hou en vertel mijn familie dat ik van hen hou.’

Een juweel dat ons heeft verlaten

Zijne Heiligheid (aba) zei dat dit een prachtig juweel was dat ons heeft verlaten. Dit verlies heeft iedereen geschokt. Hij begreep zijn eed van levenstoewijding en vervulde die tot in de hoogste mate. Zijne Heiligheid (aba) zei dat Syed Taalay Ahmed hem altijd verraste, en hij zich afvroeg hoe een jongere die was opgegroeid in een wereldse omgeving in staat was zijn belofte van toewijding te begrijpen en na te komen. Zijn niveau van liefde en toewijding voor het Khilafat was zo groot dat zelfs sommigen met een diepgewortelde geloofskennis die niet bezitten. Zijn toewijding aan het Khilafat was zo groot dat hij zelfs in zijn laatste momenten voortdurend zijn liefde voor het Khilafat uitte.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Syed Taalay Ahmed een paar jaar geleden een gedicht schreef waarin hij zijn liefde voor het Khilafat uitdrukte. Hij begon het gedicht door te zeggen dat hij het meest van Zijne Heiligheid (aba) hield, en hij eindigde door te zeggen dat Zijne Heiligheid (aba) misschien nooit zou beseffen hoeveel hij van hem hield. Zijne Heiligheid (aba) zei echter dat hij dit zelfs vóór de laatste woorden van Syed Taalay Ahmed wist – hij wist hoeveel Syed Taalay Ahmed van hem hield toen hij aan het filmen was met zijn camera, en toen hij hem ontmoette zonder zijn camera. Hij kon zien aan de fonkeling in zijn ogen en het licht op zijn gezicht, eigenlijk aan al zijn handelingen. Zijne Heiligheid (aba) was zich bewust van de liefde die Syed Taalay Ahmed voor hem had.

Zijn overvloedige liefde voor Khilafat

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er onder de jongeren van de familie van de Beloofde Messias (as) niemand was die zoveel van Khilafat hield als Syed Taalay Ahmed, er zijn zelfs maar weinig ouderen die zoveel van Khilafat houden als hij. Hij zou proberen zijn liefde te verbergen, maar op de een of andere manier zou Allah de Almachtige die liefde manifesteren. Hij zou zich zorgen maken over hoe hij de wereld over het Khilafat kon informeren en hoe hij Khilafat het beste kon dienen, zelfs tot het punt dat hij zijn leven moest opofferen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat op het moment van de begrafenis van de vierde Kalief (rh), terwijl hij bij het graf stond voordat de begrafenis begon, een jonge Syed Taalay Ahmed naast hem kwam staan. Destijds wist Zijne Heiligheid (aba) niet wie hij was, maar nu hij de foto ziet, realiseert hij zich dat het zelfs al in die tijd was alsof hij beloofde altijd het Khilafat dienstbaar te zijn.

Buitengewone gehoorzaamheid aan de Khalifa van die tijd

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij zelf getuigt van het feit dat Syed Taalay Ahmed zijn eed van levenstoewijding heeft vervuld. Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij tijdens een bijeenkomst tegen missionarissen had gezegd dat ze minstens één uur per dag Tahajjud (vrijwillige gebeden vóór zonsopgang) moesten bidden. Ook al was hij geen missionaris, Syed Taalay Ahmed wist dat hij een toegewijde voor het leven was, en dus deed hij ook zijn best om deze instructie uit te voeren. Soms leek hij overdag moe, omdat hij vroeg wakker was geworden om deze instructie van Zijne Heiligheid(aba), die niet eens rechtstreeks aan hem was gericht, te vervullen. Toch was dit het niveau waarop hij zijn eed van levenstoewijding vervulde.

Zijne Heiligheid (aba) richtte zich tot leden van de familie van de Beloofde Messias (as) om te leren van het voorbeeld van Syed Talay Ahmed en hun toewijding te vergroten. Er rust geen eer in het onderdeel uitmaken van het nageslacht van een gerespecteerd persoon, tenzij de eigen daden eer waardig zijn.

Getuigenis van de hoogwaardige eigenschappen van Syed Taalay Ahmed

Zijne Heiligheid (aba) zei dat veel mensen hem hebben geschreven over zijn uitstekende kwaliteiten en hiermee nog meer licht werpen op zijn niveau van toewijding. Zijne Heiligheid (aba) zei dat het enkel goed zou zijn om enkele van de gevoelens die hij heeft ontvangen te delen.

Zijne Heiligheid (aba) deelde de gevoelens van Amer Safir, de redacteur van The Review of Religions, die zei dat Syed Taalay Ahmed hoofd was van het indexerings- en taggingteam dat bijna 100 jaar aan materiaal uit The Review of Religions organiseerde, wat een grote taak was. Alles wat hij deed draaide om het Khilafat. Als hij ooit een instructie van Zijne Heiligheid (aba) voor hem te horen kreeg, lichtten zijn ogen op als een kind dat snoep ziet. Zijn werkhouding was geweldig, want er waren tijden dat hij aan twee documentaires tegelijk werkte.

Zijne Heiligheid (aba) verklaarde dat Abdul Quddoos Arif, Sadr Khuddamul Ahmadiyya VK, zei dat Taalay Ahmed op jonge leeftijd het vijfdelige commentaar van de Heilige Koran zeer gedetailleerd had gelezen, waarbij hij overal aantekeningen en markeringen had achtergelaten, en hij voltooide het volledige commentaar binnen een paar maanden. Hij zei dat wanneer hij Taalay Ahmed prees voor een documentaire waaraan hij werkte, zijn reactie altijd was om gebeden te vragen, en aan te geven dat dit allemaal te danken was aan de genade van Allah de Almachtige.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat iemand ooit bezwaar had gemaakt op sociale media tegen de titel van een van zijn documentaires, waarop hij reageerde. Hij zei dat hij de titel alleen verdedigde omdat deze was goedgekeurd door Zijne Heiligheid (aba). Als de titel van hemzelf of van iemand anders was geweest, zou hij gezwegen hebben.

Zijne Heiligheid (aba) deelde de gevoelens van zijn vrouw Satwat Sahiba, die zei dat Syed Taalay erg aardig, zorgzaam en liefdevol was. Hij was altijd erg dankbaar en steunend, zelfs als ze zich zorgen maakte vanwege het martelaarschap van haar eigen vader. Ze merkte zijn liefde voor de Beloofde Messias (as) al heel vroeg in hun relatie op. Hij vertelde verhalen over het Khilafat aan zijn zoon en huilde zelf. Wanneer ze een familie-mulaqaat hadden met Zijne Heiligheid (aba), trakteerde hij zijn zoontje naderhand omdat hij zich goed had gedragen. Zijne Heiligheid (aba) zei dat ogenschijnlijk kleine dingen het niveau van iemands oprechtheid en toewijding aangeven. Als hij ooit voelde dat Zijne Heiligheid (aba) niet tevreden over hem was (Zijne Heiligheid (aba) merkte op dat hij zich geen enkel moment kon herinneren waarin dat het geval was), dan zou hij overvloedig het Tahajjudgebed verrichten. Wanneer hij een geschenk ontving, was hij altijd dankbaar. Hij vertrouwde er altijd op dat Allah hem in zijn behoeften zou voorzien, en in feite is bij verschillende gelegenheden, op de een of andere manier, aan zijn behoeften voldaan en heeft God op de een of andere manier voor hem gezorgd. Hij was erg aardig, vergevingsgezind en koesterde nooit enig vijandschap jegens iemand.

Zijne Heiligheid (aba) deelde de gevoelens van Syed Taalay Ahmed’s vader, Syed Hashim Akbar. Hij zei dat hij een droom had gezien over zijn eigen martelaarschap en later hoorde dat zijn zoon Syed Taalay Ahmed dezelfde droom had gezien over het martelaarschap van zijn vader. Hij moet echter gebeden hebben dat hij de marteldood zou sterven in plaats van zijn vader. Toen hij zijn uitstekende eigenschappen zag, aanvaardde God de Almachtige zijn gebed en verleende hem de rang van martelaarschap. Zijn ziel was toegewijd aan de Heilige Profeet (sa), en hij leefde en ademde ter wille van het Khilafat. Syed Taalay Ahmed’s moeder, Amatul Shakoor Sahiba, zei dat hij al op jonge leeftijd geneigd was tot religie. Hij was erg goed in zijn studie en haalde goede cijfers.

Zijne Heiligheid (aba) vertelde dat de zus van Syed Talay Ahmed, Nudrat Sahiba, zei dat hij vaak laat thuiskwam van zijn werk. Hij keek vaak naar verschillende programma’s en documentaires om zijn eigen vaardigheden in het maken van documentaires te verbeteren. Hij bestudeerde vaak Ahadith (uitspraken van de Heilige Profeet (sa)) en was welbespraakt. Hij was vaak in staat om Koranverzen over een bepaalde kwestie te citeren, en hij had ook Arabisch gestudeerd en Arabische grammatica geleerd. Nudrat Sahiba deelde ook twee dromen die een aanwijzing lijken te zijn voor zijn martelaarschap.

Zijne Heiligheid (aba) deelde de gevoelens van de jongste zus van Syed Taalay Ahmed, die zei dat hij een uitstekend rolmodel was en dat ze veel van hem heeft geleerd. Hij vertelde haar dat hij op weg van en naar het werk luisterde naar lessen over de Heilige Koran, gegeven door de Vierde Kalief (rh). Hij leerde haar dat je, zelfs als je grappen maakt, geen grappen mag maken over welke religie dan ook.

Zijne Heiligheid (aba) deelde de gevoelens van Abid Khan, perssecretaris van de Ahmadiyya Gemeenschap en oom van moederszijde van Syed Talay Ahmed. Hij zei dat Syed Taalay Ahmed een diepe liefde voor de Beloofde Messias (as) bezat, hoewel hij er buitengewoon trots op was uit het nageslacht van de Beloofde Messias (as) te komen, deelde hij dit feit nooit openlijk en hij gebruikte het ook nooit om bevoordeeld te worden. Voordat hij vertrok op zijn reis naar Afrika, op instructies van Zijne Heiligheid (aba), maakte hij een gedetailleerd schema van zijn dagelijkse werk. Hij zei dat als hij er achter zou komen dat de instructie van Zijne Heiligheid (aba) ook maar een klein beetje afweek van zijn eigen mening, hij het van harte zou accepteren. Hij zei dat Syed Taalay Ahmed het tot zijn missie had gemaakt om van MTA News een sterke afdeling binnen MTA te maken, en door vastberadenheid en hard werken was hij in staat om dit te bereiken.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een aspect dat Adam Walker Sahib opmerkte bij Syed Taalay Ahmed was dat hij zeer nauwgezet werkte en altijd nieuwe manieren zou bedenken om de boodschap van de Beloofde Messias (as) over te brengen. Hij zei dat hij altijd eerlijk en oprecht was in alles wat hij zei.

Zijne Heiligheid (aba) zei vervolgens dat Naseem Bajwa vertelde dat terwijl hij de missionaris in Bradford was, hij merkte dat de jonge Syed Taalay Ahmed altijd gehoorzaam was, respectvol naar zijn ouderlingen, verantwoordelijk, altijd bezig in het gedenken van God, en gepassioneerd over het prediken van de boodschap van de Islam en Ahmadiyyat. Zijne Heiligheid (aba) presenteerde vervolgens de gevoelens van Nosherwan Rasheed, een missionaris en collega van Taalay Ahmed. Hij zei dat Syed Taalay Ahmed de afgelopen drie jaar als een broer voor hem was. Hij was regelmatig in het verrichten van gebeden, vasten en het geven van aalmoezen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Syed Taalay Ahmed zijn plicht vervulde als het spirituele en fysieke nageslacht te van de Heilige Profeet (sa) evenals de Beloofde Messias (as). Zijne Heiligheid (aba) zei dat het daarom passend is dat Allah de Almachtige de Islamitische maand Muharram koos voor Syed Taalay Ahmed om dit offer te kunnen brengen.

Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah de Almachtige de status van Syed Taalay Ahmed mag blijven verhogen. Hij heeft vast een plaats in het Paradijs gekregen in de buurt van de Heilige Profeet (sa). Sterker nog, iemand heeft een droom gehad waarin hij naar de Heilige Profeet (sa) rende die hem verwelkomde. Zijne Heiligheid (aba) bad dat zijn familie dit verlies met geduld mag dragen. Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij na het vrijdaggebed het begrafenisgebed van Syed Taalay Ahmed zou leiden.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 20 augustus 2021 | ‘Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra)

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat hij zou doorgaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar (ra).

De slag bij Gundeshapur

Huzoor (aba) zei dat een van de veldslagen die in de tijd van Hazrat Umar (ra) werd gevochten, de Slag bij Gundeshapur was. Deze vond plaats in de stad Khuzestan. De strijd duurde enige tijd en beide partijen waren volhardend. Tijdens deze strijd besloot een moslim een teken van vrede te presenteren. Toen de vijand dit zag, opende deze de poorten van het fort. Meteen renden de mensen naar buiten omdat ze dachten dat de strijd over was en zeiden dat ze de Jizyah [belasting] zouden betalen en in ruil daarvoor de vrede zouden krijgen. Nadat Hazrat Umar (ra) op de hoogte werd gebracht dat dit teken in feite niet van de moslims was, zei hij dat Allah de Almachtige veel belang heeft gehecht aan het nakomen van iemands beloften en deze overeenkomst daarom na moest worden gekomen. Op deze manier kwam er een einde aan deze strijd en keerde het moslimleger terug.

De verovering van Iran

Met betrekking tot de verovering van Iran en de motieven erachter, zei Huzoor (aba) dat het de wens van Hazrat Umar (ra) was om een einde te maken aan de strijd tussen Irak en Ahwaz, een plaats in Iran. Vaak sprak hij zijn wens uit voor een soort barrière tussen de twee om zo beweging in beide richtingen te voorkomen. Dit was echter niet mogelijk door de regelmatige aanvallen vanuit de Perzische kant. In 17 AH kwam een moslimdelegatie van het leger naar Hazrat Umar (ra). Hij vroeg de delegatie waarom de afspraken in veroverde landen nog steeds werden geschonden. Hij zei dit met de gedachte dat de moslims misschien problemen voor de mensen daar aan het veroorzaken waren. De delegatie antwoordde dat dit niet het geval was en dat de moslims zich aan hun eed hielden. Een lid van de delegatie, Ahnaf bin Qais, zei toen: ‘U heeft ons verboden om verdere militaire stappen te zetten en hier te blijven. De koning van Iran leeft echter nog en de Iraniërs blijven ons aanvallen. Het kan niet zo zijn dat er op één plek tegelijkertijd twee regeringen zijn’. Dit toont aan dat de moslims nooit gebieden hebben veroverd om gewoonweg oorlog te voeren. Ze reageerden slechts op de aanvallen van de tegenstanders door defensief terug te vechten. Op die manier werden er dus wel eens gebieden veroverd.

De slag bij Nahavand

Pas in 21 AH besloot Hazrat Umar (ra) om actie te ondernemen toen een groot leger van de Iraniërs zich had verzameld. Dit was tevens het moment waarop de Slag bij Nahavand, ook bekend als de overwinning der overwinningen plaatsvond. Na twee verschrikkelijke nederlagen te hebben geleden, deden de Iraniërs een laatste poging om te overwinnen. Nahavand was een stad omringd door bergen. Hazrat Sa’d (ra) informeerde Hazrat Umar (ra) over het grote leger dat werd verzameld. Vervolgens werd Hazrat Ammar bin Yasir (ra) aangesteld om de zaak te leiden. Hazrat Umar (ra) hield een krachtige toespraak waardoor moslims zeiden bereid te zijn te doen wat Hazrat Umar (ra) ook maar besloot; of het nu in Medina blijven was of dat het ten strijde trekken was. Hazrat Uthman (ra) stelde voor dat hij ook naar de frontlinie zou gaan om te vechten. Hazrat Umar (ra) won verder advies in. Hazrat Ali (ra) zei dat het moslimleger in drieën verdeeld moest worden, zodat Medina ook beschermd was. Uiteindelijk besloot Hazrat Umar (ra) dat het gepast was om iemand anders te sturen en stelde hij Hazrat Nu’man bin Muqarrin (ra) aan voor deze grote taak.

Nadat Hazrat Nu’man bin Muqarrin(ra) was vertrokken, ontving hij een brief van Hazrat Umar(ra) om met de moslims op te rukken. In deze brief vermeldde Hazrat Umar (ra) ook wie hem zou vervangen als Hazrat Nu’man bin Muqarrin(ra) zou sneuvelen Met betrekking tot het Iraanse leger zeggen historici dat het 60.000 man sterk was. Sommige bronnen vermelden zelfs dat het 100.000 man sterk was. Echter, volgens Sahih Bukhari waren het 40.000 manschappen. Toen beide legers oog in oog kwamen te staan, zeiden Iraniërs grove woorden tegen de moslims en dreigden ze hen volledig te vernietigen, waarop beide partijen zich gereed maakten voor de strijd. De Iraniërs vochten vanuit hun fort en loopgraven. Ze kwamen alleen op bepaalde momenten naar buiten op het slagveld om zich vervolgens weer terug te trekken. De moslims bevonden zich echter wel in het open slagveld. Een metgezel suggereerde een tactiek waardoor de Iraniërs zouden denken dat de moslims zich terugtrokken en daardoor hun poorten zouden openen zodat ze de in hun ogen terugtrekkende moslims konden najagen. Dit is precies wat er gebeurde en Hazrat Nu’man bin Muqarrin(ra) hield zo’n krachtige toespraak dat het de moslims in tranen achterliet, voordat ze de vijand aanvielen. Er werd zoveel bloed vergoten in deze strijd dat zelfs de paarden uitgleden. Hazrat Nu’man bin Muqarrin(ra) viel ook van zijn paard en sneuvelde. De strijd duurde de hele dag en toen het nacht werd hadden de moslims de overwinning behaald en de stad veroverd.

Toen Hazrat Umar (ra) het nieuws hiervan ontving, sprak hij zijn dankbaarheid uit aan Allah de Almachtige. Toen hem verteld werd over de moslims gesneuveld waren, huilde en bad hij voor elk van hen, waarna hij zei dat Allah de Almachtige aan deze mensen de eer van het martelaarschap had geschonken.

Huzoor (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) werd verteld dat zolang de Iraniërs aan de macht zouden zijn in bepaalde gebieden, zij dezelfde problemen zouden blijven veroorzaken. Dus gaf Hazrat Umar (ra) toestemming aan de moslims om ten strijde naar deze gebieden te trekken om voor eens altijd een einde te maken aan de problemen.

De veroveringen van Isfahan en Hamedan

Hazrat Umar (ra) stelde Hazrat Abdullah bin Abdillah (ra) aan voor de verovering van Isfahan. Hij kreeg de opdracht om naar Isfahan te trekken, waar een leger op hem wachtte. Na een hevig gevecht trok de vijand zich terug. De moslims rukten op en omsingelden de stad, die zich vervolgens aan de moslims overgaf.

Huzoor (aba) vermeldde dat Hamedan ook werd veroverd na de slag bij Nahavand. Maar het pact werd verbroken door de Iraniërs en er was een leger samengesteld om de moslims te bestrijden. Hazrat Umar (ra) gaf opdracht om een moslimleger samen te stellen om de Iraniërs te bestrijden. Na tegen de Iraniërs te hebben gevochten herwonnen de moslims de stad Hamedan.

Huzoor (aba) zei dat hij verdere veldslagen zal blijven aanhalen in toekomstige preken insha’Allah.

Gebed voor overledenen

Huzoor (aba) zei dat hij de overlijdensgebeden van de volgende overleden leden zou leiden.

Muhammad Diyantono Sahib uit Indonesië, die op 15 juli op 47-jarige leeftijd is overleden. ‘Voorwaar, tot Allah behoren wij en tot Hem zullen wij terugkeren.’ Hij werd niet als moslim geboren, maar vond het interessant om naar de moskee te gaan en over de islam te leren. Nadat hij Ahmadiyyat had aanvaard, studeerde hij in Jamia en studeerde af in 2002. Door zijn prediking hadden veel mensen Ahmadiyyat aanvaard. Tijdens zijn tijd als missionaris kreeg hij veel tegenstand te verduren. Huzoor (aba) bad dat Allah hem in zijn rang verheft en zijn kinderen in staat stelt zijn goede daden voort te zetten.

Sahibzada Farhan Latif Sahib uit Chicago, die de achterkleinzoon was van Hazrat Sahibzada Abdul Latif Shaheed Sahib (ra). Hij stond altijd klaar om te dienen. Hij laat drie kinderen en zijn ouders na. Hij was 45 jaar oud op het moment van zijn overlijden. Huzoor (aba) bad dat moge Allah de Almachtige hem genade en vergeving schenken en zijn kinderen in staat stellen stevig aan de Gemeenschap gehecht te blijven.

Malik Mubasher Ahmad Sahib uit Lahore, die op 21 november is overleden. Hij was de zoon van Malik Ghulam Fareed Sahib. Hij heeft de Jamaat in verschillende hoedanigheden gediend. Huzoor (aba) bad dat moge Allah de Almachtige hem genade en vergeving schenken.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 13 augustus 2021 | ‘Jalsa Salana UK 2021: Zegeningen en dankwoord – Het ervaren van de zegeningen van de Jalsa over de hele wereld’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Jalsa Salana UK 2021: Zegeningen en dankwoord – Zegeningen van de Jalsa over de hele wereld

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba), dat door de genade van Allah de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap de gezegende gelegenheid had om haar Jalsa Salana vorige week vrijdag aan te vangen. Vanwege het coronavirus werd de Jalsa het jaar ervoor niet gehouden en de kans bestond dat het dit jaar ook niet zou worden gehouden. Zijne Heiligheid (aba) zei dat er misschien verslapping was in de voorbereidingen die eraan voorafgingen, wat er op zijn beurt toe zou leiden dat de vrijwilligers minder voorbereid zouden zijn, maar hij had ook vertrouwen in Allah dat het op een juiste manier zou worden voltooid.

Dank aan alle medewerkers en vrijwilligers

Zijne Heiligheid (aba) zei dat na de arbeiders op hun verantwoordelijkheden te hebben gewezen, veel mensen van onder de mannen en vrouwen zich beschikbaar stelden om vrijwilligerswerk te doen en hun diensten te verlenen. Zijne Heiligheid (aba) zei dat Allah de Almachtige hen allemaal zal belonen volgens hun intenties, zelfs degenen die niet in staat waren om te komen en te dienen ondanks hun verlangen.

Zijne Heiligheid (aba) vermeldde dat veel mensen hem schreven om hun dankbaarheid te betuigen aan alle arbeiders en vrijwilligers. Ze hielpen vooral om de auto’s los te krijgen van de modderige grond, wat inderdaad een enorme klus was. Deze inspanning bleef niet onopgemerkt en MTA zond het zelfs uit, wat een grote indruk op de mensen achterliet.

MTA International zendt de geest van Jalsa Salana uit

Evenzo kwamen veel vrijwilligers helpen op andere afdelingen, zoals hygiëne, koken en eten serveren, de loopplanken op de grond plaatsen enz. Nogmaals, velen waren onder de indruk van deze inspanningen nadat ze op MTA hadden gekeken. Niet alleen werd de Jalsa over de hele wereld uitgezonden, ook werden alle voorbereidingen en handelingen getoond, op een manier die hen verbaasde en een geest van dankbaarheid inboezemde voor hun inspanningen.

Zijne Heiligheid (aba) sprak zijn dankbaarheid uit aan al diegenen die onbaatzuchtig hebben gewerkt en zei dat hij enkele van de gevoelens die hem via de post van over de hele wereld werden geuit, zal presenteren.

Zijne Heiligheid (aba) verklaarde toen dat er echter één ding ontbrak, en dat is de wereldwijde Bai’at [eed van trouw] ceremonie waar velen naar uitkeken.

Daarna zei Zijne Heiligheid (aba) dat mensen deelnamen vanuit 22 plaatsen over de hele wereld behalve het VK, zoals de VS, Canada, Guatemala, Bangladesh, Niger, Mauritius, Gambia, Frankrijk, Duitsland, Finland en vele anderen.

Getuigenis van de zegeningen van Khilafat en de Jalsa

Een persoon uit Niger die een tegenstander was van Ahmadiyyat, keek naar de drie dagen van de Jalsa. Waarna hij toegaf dat als dit alles een bewijs was van de waarachtigheid van de islam en hij erg onder de indruk was, in de hoop dat de hele moslimwereld dit voorbeeld zou kunnen volgen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een niet-moslim uit Nigeria de Jalsa-procedure gadesloeg en zei dat dit zeer zeker een echte gemeenschap van God is en dat ze zich bij Ahmadiyyat wilden aansluiten.

Een niet-islamitische lerares uit Zambia zei dat ze, na het zien van de Jalsa via MTA, ervan overtuigd was dat de islam de enige religie is die vrouwen hun volledige rechten geeft, en was onder de indruk van de islamitische leer over de verantwoordelijkheden van zowel mannen als vrouwen.

Zijne Heiligheid (aba) herinnerde alle Ahmadi’s eraan dat ze dit niveau van gehoorzaamheid moesten handhaven en ook thuis een goed voorbeeld moesten geven, niet alleen tijdens de drie dagen van Jalsa. Het mag niet zo zijn dat we de wereld bedriegen door dat alleen in die drie dagen te doen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een persoon zei dat ze zo onder de indruk waren van de sfeer tijdens de Jalsa en de geest van opoffering en dienstbaarheid. Dit is inderdaad iets dat alleen een gemeenschap van God kan tonen.

Zijne Heiligheid (aba) verklaarde toen dat een stamhoofd uit een dorp in Kameroen zei dat hem altijd geleerd was dat wanneer de Imam Mahdi komt, de hele wereld hem zou zien. Nadat hij naar de Jalsa had gekeken, was hij ervan overtuigd dat hij de gemeenschap van de Imam Mahdi en zijn vertegenwoordiger in de kalief van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap had gezien.

Een niet-Ahmadi moslim in Tanzania zei dat het de eerste keer was dat ze naar de Jalsa keken. Alle misvattingen die ze over Ahmadiyyat hadden gehoord, werden weggenomen en zagen niets anders dan liefde en waarheid.

Zijne Heiligheid (aba) vertelde dat een nieuwe bekeerling uit Maleisië zei dat ze, na het zien van de Jalsa Salana UK, Allah zo dankbaar waren dat Hij hen in staat had gesteld om Ahmadiyyat te accepteren en dat ze al deze zegeningen zouden zijn ontnomen als ze er niet bij waren geweest van zo’n gezegende gemeenschap. Ze zeiden ook dat ze nu zullen beloven hun band met Zijne Heiligheid (aba) te versterken.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat veel mensen de prachtige organisatie prezen tijdens de Jalsa, ondanks de moeilijke omstandigheden, en anderen prezen de prachtige voordrachten tijdens de procedure.

Een persoon uit Mauritius zei dat ze zo onder de indruk waren van de hele Jalsa, en dat elk woord van de kalief (aba) tijdens zijn toespraken een indruk op hun hart achterliet.

Hoe de Jalsa zielen naar de waarheid blijft trekken

Een persoon uit Ivoorkust zegt dat hij na het bekijken van de Jalsa en een paar vrienden in een restaurant over de Ahmadiyya-gemeenschap spraken. Na enige tijd sprak een onbekende persoon en zei dat als er één gemeenschap handelt naar de ware leer van de islam vandaag de dag, het de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap is. Dit gezegd hebbende stond hij op en vertrok. Later ontmoette hij de Mu’allim van de Gemeenschap en zei dat hij niet langer van dergelijke zegeningen beroofd wilde zijn en trad zo toe tot de Jama’at van Ahmadiyyat.

Een mu’allim uit Congo zei dat een christelijke vriend samen met zijn vrouw alle Jalsa activiteiten heeft bekeken. Nadat hij dat had gedaan, zei hij tegen haar dat hij niet gelooft dat ze dergelijke leerstellingen en begeleiding ergens anders kunnen vinden. Hij zei toen dat ze een groot deel van hun leven in het christendom hebben verspild en wat ze tijdens deze drie dagen hebben geleerd, konden ze in hun hele leven in het christendom niet vinden. Op deze manier accepteerden zij beiden en hun kinderen Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de voordrachten in Senegal werden uitgezonden via vier radiozenders en op tv. Een zeer goed opgeleide radiopresentator was zo onder de indruk van de woorden van de kalief (aba) en was er zeker van dat hij de waarheid had gevonden. Hij en zijn familie voegden zich daarna allemaal bij Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een persoon uit Guatemala zei dat ze er zeker van waren, na het bekijken van de Jalsa Salana UK, dat dit een goddelijke gemeenschap is. Hij doceerde jarenlang de bijbel, maar nadat hij onderzoek had gedaan naar Ahmadiyyat, veranderde zijn leven volledig en begon hij regelmatig te bidden en naar de moskee te gaan.

Vervolgens zei Zijne Heiligheid (aba) dat een persoon in Albanië de Jalsa programma’s had gevolgd en zei dat de boodschap van de kalief (aba) de mensheid zal redden en hen zal herinneren aan hun verantwoordelijkheden. Wat hij zag tijdens de Jalsa en de diensten die werden verleend, zoals die van Humanity First over de hele wereld, maakten een diepe indruk op hem.

Zijne Heiligheid (aba) presenteerde verschillende indrukken van anderen die hun verbazing uitten over de leerstellingen waarover ze hadden geleerd, en ze zeiden dat de moslimwereld zeer zeker een kalief nodig heeft om hen samen te brengen, net zoals de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap één verenigde gemeenschap is die de ware leer van de Islam verspreidt. Hij zei dat veel mensen zich later bij Ahmadiyyat voegden uit verschillende landen over de hele wereld, nadat ze voordrachten tijdens de Jalsa hadden geluisterd en de woorden van de kalief (aba) hadden gehoord.

Steun van wereldleiders

Zijne Heiligheid (aba) vermeldde dat vele leidende figuren over de hele wereld hun steun uitspraken, waarvan sommige via video, anderen schriftelijk. De premier van het VK, de premier van Canada, de leider van de Labour Party, de leider van de liberaal-democraten en vele andere ministers hebben allemaal hun steun en goede wil uitgesproken.

Wereldwijde dekking van Jalsa Salana UK

Zijne Heiligheid (aba) zei toen dat veel mensen de Jalsa Salana UK via MTA Africa hebben bekeken, maar daarnaast ook live op vele andere tv-zenders. Hij zei dat de boodschap volgens een schatting vele miljoenen mensen heeft bereikt.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een niet-Ahmadi de Jalsa bekeek om te leren wat het verschil was tussen Ahmadiyyat en andere moslimgroepen. Nadat hij dit had gedaan, was hij ervan overtuigd dat alle propaganda tegen Ahmadiyyat volledig vals was en dat alleen via de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap de ware leerstellingen van de Islam aan de wereld worden gepresenteerd. Hij zei dat hij het zijn verantwoordelijkheid vond om deze boodschap nu over te brengen aan iedereen om hem heen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Jalsa via de afdeling Pers & Media meerdere keren op BBC werd uitgezonden. Volgens een schatting bereikten deze uitzendingen 52 miljoen mensen. 40 websites publiceerden berichtgeving over de Jalsa. 20 kranten wijdden berichtgeving aan de Jalsa. Er werden 16 radioprogramma’s uitgezonden die 16 miljoen mensen hebben bereikt. 12 TV-zenders zonden uit over de Jalsa, waarmee 2,2 miljoen mensen zijn bereikt.

Via het MTA YouTube-kanaal keken ruim 15 miljoen mensen naar de Jalsa-procedure, 35.000 mensen bezochten via hun Instagram en ruim 100.000 bezochten de Twitter-pagina. Meer dan 550.000 mensen bezochten ook de Facebook-pagina.

Zijne Heiligheid (aba) bad toen dat de Jalsa goede resultaten voort zou brengen en steeds meer mensen in staat zou stellen hun aandacht te richten op de ware Islam, en dat de mensen mogen worden beschermd tegen het kwaad van de zogenaamde geestelijken.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 30 juli 2021 | ‘Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra)

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat hij zou doorgaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar (ra).

Overwinning in Madain

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Madain werd veroverd tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra), een overwinning die was voorspeld door de Heilige Profeet (sa). Tijdens de Slag om de Loopgraven, toen hij een rots kapotsloeg die in de weg was gekomen tijdens het graven van de loopgraven, voorspelde de Heilige Profeet (sa) de overwinning van de islam in Syrië, Perzië bij de kastelen Madain en Jemen bij de kastelen van Sana. Hoewel in die tijd sommige mensen grappen maakten en zich afvroegen hoe de moslims zulke grote rijken zouden veroveren. Toch waren dit profetieën, die allemaal zouden worden vervuld.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Madain ten zuiden van Bagdad ligt, en aangezien hier verschillende steden bevolkt waren, noemden de Arabieren het Madain of veel steden. Hier woonde ook Kisra in een wit kasteel. Hazrat Sa’d(ra) leidde een leger daarheen en de rivier de Tigris moest worden overgestoken om daar te komen. De schepen waren al in beslag genomen en dus zocht Hazrat Sa’d(ra) naar een manier om de rivier over te steken. Op een nacht zag hij een droom waarin de moslims op hun paarden de rivier overstaken. Dit was dus precies hoe de moslims het kasteel van Kisra overstaken en vervolgens dit in beslag namen, waardoor de profetie van de Heilige Profeet (s) werd vervuld.

De slag bij Jalulah

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Perzen zich toen verzamelden in een plaats genaamd Jalulah, een stad in Irak waar ze begonnen met de voorbereidingen om de moslims te bestrijden. In opdracht van Hazrat Umar(ra) stuurde Hazrat Sa’d(ra) Hazrat Hashim bin Utbah(ra) met een leger van 12.000 man. Toen de moslims arriveerden, omsingelden ze Jalulah en bleven daar een maand, gedurende welke tijd er veldslagen zouden uitbreken. De moslims wonnen uiteindelijk en vroegen ook aan Hazrat Umar(ra) of ze verder achter die mensen aan moesten gaan, waarop Hazrat Umar(ra) antwoordde dat ze dat niet moesten doen, omdat het de levens van de moslims nog meer in gevaar zou brengen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat bij het zien van de vele oorlogsbuit, Hazrat Umar (ra) begon te huilen. Iemand vroeg waarom hij huilde, want dit was een tijd van grote vreugde. Hazrat Umar (ra) antwoordde dat wanneer mensen zulke rijkdom tegenkomen, het potentieel voor hebzucht en vijandschap toeneemt, en deze angst had hem aan het huilen gemaakt. Zijne Heiligheid (aba) zei dat we in de moslimwereld van vandaag zoveel hebzucht en vijandschap voor wereldse rijkdom zien.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Sa’d(ra) aan Hazrat Umar(ra) de informatie doorgaf dat een Perzisch leger zich verzamelde in een plaats genaamd Masabzan om de moslims aan te vallen. Hazrat Umar (ra) gaf opdracht dat Zaarar bin Khattab met een leger gestuurd moest worden om hen te bestrijden. De moslims gingen daarheen en zegevierden, waarna de lokale bevolking vluchtte. Zaarar bin Khattab nodigde hen echter uit om in hun stad te komen wonen. Er wordt ook vermeld dat deze plaats zonder strijd werd veroverd.

De verovering van Khuzestan

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Khuzestan ook werd veroverd tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra). Onder Utbah bin Ghazwan stuurde Hazrat Umar(ra) een klein leger naar deze plaats omdat hij daar verschillende tactische voordelen zag. Het primaire doel leek te zijn om te voorkomen dat verdere voorraden het Perzische leger zouden bereiken dat ze zouden gebruiken om tegen de moslims te vechten.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in hun overwinning op Ahwaz, het moslimleger geleid werd door Mughirah bin Sha’bah en Abu Musa Ash’ari. Het is opgetekend dat tijdens deze verovering het moslimleger veel slaven als gevangenen had genomen. Echter, Hazrat Umar (ra) instrueerde dat ze allemaal moesten worden vrijgelaten, aangezien er geen slavernij of gevangenschap mocht zijn.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Romhormoz ook werd veroverd door de moslims. Yazdegard zette de Perzen op tegen de moslims. Nu’man bin Muqarrin werd gestuurd onder de instructie van Hazrat Umar(ra) om het leger te leiden. De moslims versloegen de Perzen op deze plaats, van waaruit de Perzen zich opnieuw verzamelden in Dustar. De moslims wonnen daar ook.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een van hun leiders, Hormuzan, had gezegd dat hij wenste dat zijn lot werd bepaald door Hazrat Umar (ra). Toen hij daarheen werd gebracht en Hazrat Umar (ra) zag, vroeg Hormuzan waar de lijfwachten en dienaren van Hazrat Umar (ra) waren. Hem werd verteld dat hij zulke zaken niet had. Hierop zei Hormuzan dat hij een profeet leek en dat hij de voorbeelden van profeten volgde. Hazrat Umar (ra) zei dat hij alleen met Hormuzan zou praten als hij al zijn sieraden en versieringen die hij droeg afdeed. Toen informeerde Hazrat Umar(ra) hem dat zijn lot was gerealiseerd vanwege zijn oneerlijkheid en verraad. Hormuzan gaf toe dat de moslims zegevierden omdat ze een verenigd front hadden. Later accepteerde Hormuzan de islam en vestigde zich in Medina. Hij zou later worden geraadpleegd in volgende gevechten tegen de Perzen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij zou doorgaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar(ra) in toekomstige preken.

Gebed voor oveledenen

Huzoor (aba) zei dat hij de begrafenisgebeden (in afwezigheid) van de volgende overleden leden zou leiden.

Prof. Syeda Naseem Syed Sahiba echtgenote van Muhammad Syed Sahib. Zij is onlangs overleden in Pakistan. Haar vader was Hazrat al-Haaj Hafiz Dr. Syed Shafee Sahib die een groot geleerde en auteur was. Hij had de Beloofde Messias(as) aanvaard toen hij twaalf jaar oud was. Naseem Syed Sahiba wordt overleefd door vier zonen en twee dochters. Ze diende de Gemeenschap op verschillende manieren en gedurende vele jaren. Ze was zeer deskundig en heeft eigen publicaties uitgebracht. Ze was regelmatig in het gebed en had een persoonlijke band met vier van de kaliefen van de Gemeenschap uit de tijd vanaf de tweede Khalifa(ra). Zijne Heiligheid (aba) zei dat ze via brieven met hem in contact zou blijven. Ze was regelmatig in het aanbieden van financiële bijdragen en gebood haar kinderen hetzelfde te doen. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah haar met vergeving en genade moge behandelen en haar positie moge verhogen.

Daud Sulaiman Butt Sahib uit Duitsland die aan kanker is overleden. Hij laat zijn vrouw, een dochter en twee zonen na. Hij stond altijd klaar om de gemeenschap te dienen. Hij had werkelijk voorrang gegeven aan zijn geloof boven wereldse zaken. Hij zou regelmatig financiële bijdragen aanbieden. Voordat hij met iets begon, zou hij ervoor zorgen dat hij de Heilige Koran reciteerde. In Duitsland zou hij deel uitmaken van de veiligheidsdienst van Zijne Heiligheid(aba). Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij hem altijd zijn plicht op een uitstekende manier zag uitvoeren. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah zijn kinderen in staat mocht stellen zijn deugden voort te zetten.

Zahida Parveen Sahiba, echtgenote van Ghulam Mustafa Awan Sahib. Zij is overleden in Pakistan. Ze laat een zoon en vier dochters na. Drie van haar schoonzonen dienen als waqf-e-zindighi’s. Als zodanig waren twee van haar dochters het land uit en konden uiteindelijk niet bij haar zijn. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah haar met vergeving en genade zou behandelen en haar kinderen in staat zou stellen haar deugden voort te zetten.

Rana Abdul Waheed Sahib uit Londen die op 26 juni overleed aan een hartaanval. Hij diende de Gemeenschap in verschillende hoedanigheden. Hij werkte met grote ijver en geluk. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem met vergeving en genade zou behandelen en geduld zou schenken aan zijn familie.

Al-Haaj Mir Muhammad Ali Sahib, voormalig nationaal voorzitter van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap in Bangladesh. Hij diende ook als de lokale president van Dhaka. Hij bezat vele deugdzame eigenschappen. Hij hield veel van Khilafat. Hij laat een zoon en twee dochters na. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem met vergeving en genade zou behandelen en zijn kinderen in staat zou stellen zijn deugden voort te zetten.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 23 juli 2021 | ‘Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra)

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat hij zou doorgaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar (ra).

De slag van Buwaib

Zijne Heiligheid (aba) vertelde over een andere veldslag die plaatsvond tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra): de Slag van Buwaib, die ook plaatsvond in Jisr. Buwaib is een rivier in de buurt van Kufa. Deze strijd werd gestreden tijdens de maand Ramadan. Kufa werd later bewoond na deze slag. Net als bij de vorige veldslag moest er een brug worden overgestoken. Toen hij besliste welke kant zou oversteken, vertelde Hazrat Umar (ra) de tegenpartij dat zij moesten oversteken, aangezien de vorige keer het de moslims waren die de brug overstaken. Terwijl de gelederen zich aan het voorbereiden waren, reed Hazrat Musanna’ (ra) langs en inspecteerde de gelederen en adviseerde hen over de strijd. Er volgde een felle strijd, waarin is opgetekend dat 100.000 Perzen werden gedood en een nederlaag leden. Terwijl de overgebleven Perzen zich terugtrokken naar de brug, volgde Hazrat Musanna’ (ra) hen en brak de brug. Later zou Hazrat Musanna ‘(ra) spijt betuigen dat hij achter Perzen aan was gegaan die zich al terugtrokken en niet langer bereid waren om te vechten. Dit was de moraal waarmee moslims ten strijde trokken.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat op korte afstand van het slagveld op een plaats genaamd Qawadis een kamp was voor de vrouwen en kinderen van degenen die deelnamen aan de strijd. Na de slag, toen sommige moslims terugreden naar het kamp, dachten de vrouwen dat dit soldaten van de andere kant waren. Dus omsingelden ze de kinderen en begonnen ze met stenen te bekogelen, totdat de vrouwen het beseften dat het de moslims waren. Een van de moslimsoldaten zei dat er van de dappere moslimvrouwen niets minder verwacht kon worden.

De slag van Qadisiyyah

Zijne Heiligheid (aba) vertelde vervolgens over de Slag bij Qadisiyyah. Qadisiyyah ligt in het huidige Irak. Dit was een beslissende strijd waardoor het Perzische rijk in handen viel van de moslims. Toen de Perzen de overwinningen van de moslims zagen, begonnen ze hun paleizen en forten te versterken. Hazrat Umar (ra) instrueerde dat de leiders en stamhoofden zich moesten verzamelen en deze strijd tegen de Perzen moesten voeren. Hazrat Umar (ra) overlegde met enkele ervaren adviseurs over de vraag of hij het leger zou vergezellen en velen waren het erover eens dat hij moest gaan en zelfs het leger zou aanvoeren. Er waren echter mensen zoals Hazrat Abdur Rahman bin Auf (ra) die zeiden dat Hazrat Umar (ra) niet moest gaan. Later hield Hazrat Umar (ra) een algemene bijeenkomst, waar hij zei dat hoewel hij het leger wilde vergezellen, hem dit was afgeraden, en zocht toen iemand die het leger zou leiden en leiden. Op aanbeveling benoemde Hazrat Umar (ra) Hazrat Sa’d bin Abi Waqas (ra).

Zijne Heiligheid (aba) zei dat voordat hij het leger wegstuurde, Hazrat Umar (ra) Hazrat Sa’d gedetailleerde begeleiding en instructies gaf over hoe de reis en strijd tactisch uitgevoerd moest worden. Hazrat Umar (ra) stuurde vierduizend man naast Hazrat Sa’d (ra) vanuit Medina, en op weg naar Iran begonnen moslims zich bij het leger aan te sluiten. Bij aankomst bestond het leger van de moslims uit 30.000 soldaten. Het belang van deze strijd blijkt uit het feit dat er 99 metgezellen van de Heilige Profeet (s) waren die deel uitmaakten van het leger.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) tijdens de reis en de strijd door middel van brieven met Hazrat Sa’d zou communiceren om op de hoogte te blijven, zodat hij goed kon adviseren. In feite gaf hij Hazrat Sa’d (ra) de opdracht om hem zo gedetailleerd te schrijven, zodat Hazrat Umar (ra) in staat zou zijn om alles wat er gebeurde te visualiseren.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat 14 mannen werden uitgekozen om naar het paleis van Yazdegerd te gaan om hem uit te nodigen tot de Islam. Hierop weigerde Yazdegard heftig en stuurden ze een mand met aarde terug. Het Iraanse leger, onder bevel van Rustam, sloeg zijn kamp op in Qadisiyyah. Rustam vroeg dat er een moslimvertegenwoordiger naar hem zou worden gestuurd om te onderhandelen. Hazrat Ribi werd naar Rustam gestuurd en hij stelde drie opties voor; de eerste was dat hij de Islam moest accepteren, het tweede was dat hij zou belasting moeten afdragen, en het derde was dat als de Perzen een aanval begonnen, er een strijd zou volgen. Later gingen andere moslimvertegenwoordigers naar Rustam, die allemaal dezelfde drie opties presenteerden. Nadat hij alle vertegenwoordigers had ontmoet, zei Rustam dat hij en zijn leger de moslims zouden vernietigen.

Overwinning van de moslims op de Perzen

En zo vond er een strijd plaats. Nadat de strijd drie dagen had geduurd, bleven de moslims de derde nacht wakker, planden hun aanvalsroute voor de volgende dag en vochten met grote moed. Op deze dag werd Rustam gedood in de strijd, waardoor de Perzen de hoop verloren en zich terugtrokken.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er enkele Perzen waren die vooraf overeenkomsten hadden met moslims, en daarom werd er overlegd wat er met hen moest worden gedaan. Er werd besloten dat als er Perzen waren die vooraf afspraken hadden gemaakt met moslims en niet meededen aan de strijd, hun afspraken moesten worden nagekomen. Evenzo zouden degenen die niet meededen aan de strijd, of degenen die werden gedwongen om mee te doen aan de strijd, ook met mildheid worden behandeld. Degenen die eerdere overeenkomsten hadden, maar deze verbraken en meededen aan de strijd tegen moslims, werden uitgenodigd om nieuwe overeenkomsten te sluiten, en ze mochten hun land opnieuw bewonen, tegen een verhoogd belastingtarief.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij in toekomstige preken door zou gaan met het belichten van gebeurtenissen uit het leven van Hazrat Umar(ra).

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 16 juli 2021 | ‘Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra)

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat hij zou doorgaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar (ra) en zijn tijdperk van Khilafat.

Deelname van Hazrat Umar(ra) aan verschillende expedities

Huzoor (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) tien en een half jaar Khalifa was. Gedurende deze tijd werden verschillende landen en regio’s veroverd, zoals Syrië, Egypte, Iran, Irak, Armenië, Azerbeidzjan enz. Tijdens het tijdperk van zijn Khilafat vergezelde Hazrat Umar(ra) het moslimleger op alle expedities. Hoewel hij zelf niet deelnam aan de strijd, gaf hij via de commandanten leiding aan het leger en communiceerde via brieven met de soldaten. Hazrat Umar (ra) zei dat hij tijdens zijn gebeden bad voor de overwinningen van het moslimleger.

Hazrat Umar’s (ra) krachtige invloed

Huzoor (aba) zei dat Hazrat Abu Bakr (ra) ziek werd tijdens een slagveld tegen de Perzen. Op dat moment riep Hazrat Abu Bakr(ra) Hazrat Umar(ra) bij zich en vertelde hem dat hij spoedig zou overlijden. Hazrat Abu Bakr(ra) gaf opdracht dat zodra hij zou sterven, Hazrat Umar(ra) aan de moslims moest aankondigen dat ze aan de Jihad moesten deelnemen, en dat zijn overlijden geen vertraging zou mogen veroorzaken bij het uitvoeren van hun verantwoordelijkheden. Dus, nadat Hazrat Abu Bakr(ra) overleed en Hazrat Umar(ra) vervolgens tot Khalifa verkozen werd, hield hij een krachtige toespraak waarin hij de moslims aanmoedigde om de Jihad te ondernemen. Er is vastgelegd dat duizend mensen zichzelf opofferden en hun namen presenteerden om deel uit te maken van het leger dat naar Irak ging. Tegen de tijd dat dit leger Irak bereikte was het gegroeid tot zo’n vijfduizend manschappen.

De slag bij Namariq

Huzoor (aba) zei dat in 13 Hijri de Slag bij Namariq plaatsvond. Tijdens deze slag werd de Perzische commandant Jaban gevangengenomen. Zijn gevangennemer herkende hem echter niet en dus werd Jaban vrijgelaten na het betalen van een boete. Later werd hij echter opnieuw gevangengenomen. Toen Hazrat Abu Ubaid(ra), die het bevel voerde over het moslimleger, vernam dat Jaban al eerder was gevangengenomen en ook was vrijgelaten vanwege zijn boetedoening, zei hij dat het ongepast zou zijn om hem nogmaals gevangen te houden. Dit toont het hoge morele gedrag van het moslimleger.

Huzoor (aba) zei dat Hazrat Abu Ubaid(ra) zijn leger na de overwinning in Namariq naar Kashgar bracht waar hij zich aansloot bij een bestaande gezant en dat het moslimleger ook daar zegevierde.

De slag bij Jisr

Huzoor (aba) zei dat de Slag bij Jisr ook plaatsvond in 13 Hijri, waarin de Moslims de Perzen versloegen. Het moslimleger telde tienduizend manschappen, terwijl het Perzische leger uit dertigduizend soldaten en driehonderd olifanten bestond. Deze veldslag vond plaats vlakbij de beroemde rivier de Eufraat. Vanwege de ligging van deze rivier werd de strijd vertraagd. Vervolgens werd er een ‘Jisr’ (brug) over de rivier heen gebouwd, daarom staat dit bekend als de Slag om Jisr. De moslims waren de slag initieel aan het winnen, toen de Perzische legercommandant het bevel gaf de olifanten voorwaarts te laten stormen. Dit veroorzaakte grote chaos in de strijdlinies van de moslims en dreef deze uit elkaar. De Perzen zetten hun aanval voort en als gevolg hiervan sneuvelden ook verschillende moslimcommandanten. Toen Hazrat Umar(ra) hiervan hoorde, verzamelde hij de mensen van Medina en zei dat de stad nu blootgesteld was en dat de Perzen ieder moment konden arriveren. Hazrat Umar (ra) stelde voor om als commandant ten strijde te trekken, maar Hazrat Ali(ra) raadde dit echter af. Derhalve stuurde Hazrat Umar(ra) Hazrat Sa’d(ra) als commandant naar Jisr met een leger.

Huzoor (aba) zei dat het huidige onderwerp ‘het leven van Hazrat Umar (ra)’ in toekomstige preken zou worden voortgezet.

Gebed voor oveledenen

Huzoor (aba) zei dat hij de begrafenisgebeden van de volgende overleden leden zou leiden.

Fathi Abdus Salam Mubarak Sahib uit Egypte, die onlangs is overleden. Zijn vader was een volgeling van de Naksh Bandi-sekte en wijdde zijn zoon aan het bestuderen van het geloof. Fathi Sahib werd gestuurd om de Heilige Koran te memoriseren. Zijn vader leerde ook de Heilige Koran uit zijn hoofd en later zou hij Ahmadiyyat aanvaarden. Hij studeerde af als ingenieur aan de universiteit van Caïro. Later verhuisde hij naar Egypte, waar hij werd voorgesteld aan Ahmadiyyat, wat hij later aanvaardde en tot de Jamaat toetrad. Hij had vroeger veel vragen die voor hem allemaal door Ahmadiyyat werden beantwoord. Hij heeft de Gemeenschap in verschillende hoedanigheden gediend. Hij vertaalde het boek ‘Life of Muhammad’ in het Arabisch. Hij nam ook deel aan verschillende MTA-programma’s zoals ‘al-Hiwar al-Mubashir’. Hij diende de Gemeenschap in verschillende andere hoedanigheden en wijdde later ook zijn leven aan het dienen van het geloof. Hij had erg veel liefde voor Khilafat en zag het als de bron en oplossing voor alle hedendaagse problemen. Hij bezat diepe kennis omdat hij voortdurend verschillende onderwerpen en kennisgebieden bestudeerde. Hij had een grote passie voor het dienen van het geloof. Zelfs tijdens zijn ziekte, toen hij in het ziekenhuis lag, zou hij ondanks dat hij moeite had met ademhalen, de boodschap van Islam Ahmadiyyat prediken aan de verpleegsters.

Hij had een diepe liefde voor Qadian en kende tot in detail alle historische monumenten. Hij had de jaarlijkse bijeenkomst van Qadian in 2018 bijgewoond en toen het tijd was om te vertrekken, werd hij ontzettend emotioneel en wilde hij niet vertrekken. Hij was vurig aan het bidden en later kreeg hij te horen dat de organisatoren zich hadden vergist en dat het voor hem nog geen tijd was om te vertrekken.

Huzoor (aba) zei dat het aan de Beloofde Messias(a) was geopenbaard dat er oprechte mensen van onder de Arabieren zouden zijn die voor hem zouden bidden. Huzoor (aba) zei dat dit voorbeeld van Fathi Sahib laat zien dat er echt mensen zijn onder de Arabieren die oprecht zijn en bidden voor de Beloofde Messias(a). Huzoor (aba) zei dat hij zelf de diepe liefde had gezien die Fathi Sahib voor Khilafat koesterde. Huzoor (aba) zei dat Fathi Sahib buitengewoon vriendelijk en verdraagzaam was. Als hij ooit streng tegen iemand sprak zou hij zijn excuses aanbieden. Hij was buitengewoon nederig, ondanks dat hij een groot geleerde was. Hij had een zeer krachtige stem, die velen gehoord zullen hebben, aangezien hij vaak leuzen riep tijdens de slotsessies van de ‘Jalsa Salana’ (jaarlijkse bijeenkomsten).

Huzoor (aba) bad dat zijn kinderen in zijn voetsporen mogen treden, en dat Allah zijn plek in het paradijs moge verhogen.

Razia Begum Sahiba, echtgenote van Khalil Mubashar Sahib, voormalig hoofdmissionaris van Canada. Ondanks een langdurige ziekte bleef ze aan de zijde van haar man en steunde ze hem te allen tijde. Ze was erg vroom. Ze laat haar man, een zoon en drie dochters als nabestaanden achter. Huzoor (aba) bad dat Allah haar met vergeving en genade moge behandelen en haar plek in het Paradijs moge verhogen.

Saira Sultan Sahiba, echtgenote van dr. Sultan Mubashar Sahib. Ze diende de Gemeenschap in verschillende hoedanigheden onder de Ahmadiyya Vrouwenorganisatie in Pakistan. Ze zorgde voor de armen, in die mate dat ze soms zelf in de schulden zou raken terwijl ze hen hielp. Ze stond vooraan bij het brengen van financiële offers. Ze bezat veel deugdzame eigenschappen. Huzoor (aba) bad dat Allah haar met vergeving en genade moge behandelen. Huzoor (aba) bad voor haar twee zonen en haar man, moge Allah hen geduld en standvastigheid schenken.

Ghusoon al-Mahzawani Sahiba, die oorspronkelijk uit Syrië kwam en recentelijk in Turkije verbleef. Ze diende de gemeenschap als voorzitter van de Ahmadiyya Vrouwenorganisatie. Ze bezat veel deugdzame eigenschappen en was geliefd bij iedereen. Huzoor (aba) bad dat Allah haar met vergeving en genade moge behandelen en haar plek in het Paradijs moge verhogen.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 9 juli 2021 | ‘Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra)

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwudh en Surah al-Fatihah zei Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat hij verder zou gaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar (ra).  

Oprichting van Qadha (Rechtssysteem)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) ook het systeem van Qadha (rechtssysteem) initieerde. In elke regio werden rechterlijke machten opgericht, waar Qadhis (rechters) zouden worden aangesteld. Hazrat Umar (ra) adviseerde dat gerechtigheid altijd voorrang moet krijgen. Er was eens een geschil tussen Hazrat Umar (ra) en Ubayy bin Ka’b (ra). De zaak kwam voor een rechter. Toen Hazrat Umar (ra) binnenkwam, stond de rechter zijn stoel voor hem op. Hazrat Umar (ra) vertelde hem dat dit onrechtvaardig was en ging naast Oebayy bin Ka’b zitten om te laten zien dat ze gelijk behandeld moesten worden.

Oprichting van het Ifta-systeem (uitvaardiging van edicten)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) ook het systeem van Ifta’ (edicten) initieerde. Mensen met kennis van de Shari’ah (islamitische wet) zouden worden aangesteld om beslissingen te nemen en edicten uit te vaardigen. Hazrat Umar (ra) zorgde ervoor dat alleen de aangestelde personen edicten zouden uitvaardigen, om verwarring en valse informatie te voorkomen.

Oprichting van een politiesysteem

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) ook een systeem van politie initieerde. Dit was om de veiligheid van alle burgers te waarborgen en ervoor te zorgen dat de wetten en regels werden nageleefd. Hazrat Umar (ra) richtte ook gevangenissen op, die er eerder niet waren.

Oprichting van een staatskas

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) ook een staatskas initieerde. Voorafgaand aan het tijdperk van Hazrat Umar (ra), zou alle rijkdom die werd ontvangen meteen worden verdeeld. Tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra) werd een groot bedrag ontvangen uit Bahrein, en in overleg werd besloten dat er een staatskas zou worden opgericht om zulke grote hoeveelheden rijkdom veilig te bewaren. Dit systeem van het hebben van een staatskas werd vervolgens ook in alle andere provincies ingevoerd. Hazrat Umar (ra) zou grote gebouwen laten bouwen voor de schatkamer en er zouden bewakers buiten staan.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Uthman (ra) eens een man in extreme hitte buiten zag lopen. Toen de man dichterbij kwam, realiseerde hij zich dat het de Leider van de gelovigen, Hazrat Umar (ra), was. Hazrat Uthman (ra) vroeg hem waarom hij zo heet buiten was. Hazrat Umar (ra) antwoordde dat een kameel uit de schatkamer was ontsnapt, en dus was hij erop uit om ernaar te zoeken.

Initiatieven genomen voor het profijt van de gemeenschap

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er verschillende initiatieven werden ondernomen door Hazrat Umar (ra) ten behoeve van alle mensen. Zo legde hij verschillende rivieren en beken aan om alle mensen van water te voorzien.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) ook verschillende gebouwen oprichtte, zoals moskeeën, rechterlijke macht, kazernes, verschillende kantoren, pensions, hotels enz. Hij richtte ook veiligheidsposten op rond Medina om de veiligheid te waarborgen.

Oprichting van een georganiseerd leger

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) het leger formeel had opgericht en georganiseerd. Hij splitste het leger in twee delen; degenen die ten strijde zouden trekken en degenen die vrijwilligers waren. Hazrat Umar (ra) zou ervoor zorgen dat de morele training van soldaten werd verzorgd. Hazrat Umar (ra) instrueerde dat geen enkele soldaat naar een veroverd gebied zou gaan om financiële zaken te doen, aangezien dit hun vaardigheden als soldaten zou verminderen. Zijne Heiligheid (aba) zei dat we tegenwoordig zien dat mensen in het leger altijd financiële zaken willen doen in gebieden waar ze verdedigingskolonies hebben.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) ervoor zorgde dat elke soldaat bedreven was in zwemmen, boogschieten en dat ze blootsvoets konden rennen. Hij instrueerde dat soldaten niet met hun voeten in de stijgbeugels van het zadelpaard moesten rijden, zodat ze gemakkelijk de strijd in konden springen. Soldaten zouden om de vier maanden verlof krijgen om hun families te bezoeken.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra), zelfs degenen die geen moslim waren of die niet Arabisch waren, op hoge posten zouden worden aangesteld. Er zijn verhalen dat er mensen met verschillende achtergronden in hoge rangen in het leger waren aangesteld. Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Pakistaanse regering tegenwoordig niet toestaat dat Ahmadi’s deel uitmaken van het leger, terwijl als we naar de geschiedenis kijken, Ahmadi-officieren de grootste offers hebben gebracht in het belang van Pakistan.

Marktprijscontrolesysteem

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) zou zorgen voor controle van de marktprijzen en ervoor zou zorgen dat de prijs van goederen niet te laag zou worden, omdat dat andere verkopers zou kunnen onderbieden. Eens liep Hazrat Umar (ra) door de markt toen hij iemand gedroogde druiven zag verkopen tegen een zeer lage prijs, wat andere verkopers niet konden doen. Hazrat Umar (ra) instrueerde dat hij ofwel zijn goederen van de markt moest halen, of ze tegen een vergelijkbare prijs moest verkopen zoals andere verkopers van Medina, namelijk een geschikte en redelijke prijs.

Hazrat Umar’s (ra) aandacht voor educatie

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) veel aandacht schonk aan onderwijs, er werden scholen opgericht in alle provincies, waar opgeleide mensen werden aangesteld als leraren, en er werd ook een salaris toegekend aan deze leraren.

Oprichting van de Hijri-kalender

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de formele Hijri-kalender werd vastgesteld tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra). De metgezellen begonnen met het noteren van datums vanaf de tijd van de migratie van de Heilige Profeet (sa). Later voelde Hazrat Umar (ra) de behoefte om de datums vast te leggen. Iemand vertelde Hazrat Umar (ra) dat hij mensen in Jemen de datum per jaar en maand zag noteren. Hazrat Umar (ra) zei dat deze stijl moest worden aangenomen. Er zijn verschillende overleveringen die aantonen dat de Heilige Profeet (sa) bij bepaalde gelegenheden datums heeft vastgelegd. Het was echter tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra) dat een formele Hijri-kalender werd vastgesteld. Er werd besloten om de kalender te starten vanaf het moment van migratie, omdat andere momenten, zoals de geboorte van de Heilige Profeet (sa) of de datum van aanstelling als profeet, niet helemaal duidelijk waren.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat islamitische munten ook werden opgericht tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra). Deze zouden teksten zoals Alhamdulillah (alle lof behoort aan Allah) en Muhammad Rasoolullah (Muhammad (sa), de Boodschapper van Allah) erop gegraveerd hebben.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij het leven van Hazrat Umar (ra) in toekomstige preken zou blijven belichten.

Gebed voor overledenen

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij de dodengebed (in afwezigheid) van de volgende overleden leden zou leiden: Sarpito Hadi Sahib, Chauhdary Bashir Ahmad Bhatti Sahib, Hameedullah Khadim Malhi Sahib, Muhammad Ali Khan Sahib, Sahibzada Mahdi Latif Sahib en Faizan Ahmad Samir Sahib.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 2 juli 2021 | ‘Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra) & lancering van de nieuwe Ahmadiyya-encyclopedie’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra) & lancering van de nieuwe Ahmadiyya-encyclopedie

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwudh en Surah al-Fatihah zei Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat hij verder zou gaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar (ra).  

Zijne Heiligheid (aba) zei dat eens, toen Hazrat Umar (ra) de Christenen en het Joodse volk van Jemen overwon, hij hun land niet van hen afnam, maar afkocht.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in de Heilige Koran, de Almachtige God zegt:

Gij wenst de goederen van deze terwijl Allah het Hiernamaals voor u wenst.’  (De Heilige Koran, 8:68)

In het licht van dit vers zei Zijne Heiligheid (aba) dat de Tweede Kalief (ra) heeft bewezen dat de Islam niet toestaat om iemand gevangen te nemen buiten tijden van oorlog. Eens kwam een groep uit Jemen naar Hazrat Umar (ra) en zei dat ze door de Christenen gevangen waren genomen in hun land. Hazrat Umar (ra) zei dat hij het zou onderzoeken, en als dit waar zou blijken te zijn, hij hen zeker van deze gevangenschap zou bevrijden.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Tweede Kalief (ra) dit vergeleek met Europa waar de slavernij voortduurde tot de 19e eeuw, terwijl de Islam al dergelijke vormen van gevangenschap en slavernij afschafte.

Onbaatzuchtigheid van Hazrat Umar(ra)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat eens tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra), een hongersnood Medina en de omliggende gebieden trof, waardoor dit jaar bekend staat als het ‘Jaar van de As’. Gedurende deze tijd schreef Hazrat Umar (ra) een brief aan de gouverneur van Egypte, Hazrat Amr bin Aas (ra), waarin hij om hulp en assistentie vroeg. Amr bin Aas(ra) antwoordde door te zeggen dat hij een afvaardiging met kamelen zou sturen, die zo lang was dat de eerste kameel in Medina zou zijn en de laatste kameel in de rij nog steeds in Egypte zou zijn. Evenzo stuurde de gouverneur van Irak en Syrië hulp. Toen de hulp hen bereikte, zou Hazrat Umar (ra) opdragen dat het eerst aan de mensen in de dorpen zou worden gegeven. Hazrat Umar (ra) zou ook eten laten bereiden en een aankondiging doen voor iedereen die voedsel nodig had om te komen en te nemen wat ze nodig hadden.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er eens wat voedsel dat vlees bevatte werd aangeboden aan Hazrat Umar (ra). Hij vroeg waar het vandaan kwam en kreeg te horen dat het van een van de kamelen was die was geslacht. Hazrat Umar (ra) vroeg wat voor soort leider hij zou zijn, als hij het beste deel van het voedsel voor zichzelf hield en de overige delen aan zijn volgelingen gaf. Daarom vroeg hij om het weg te laten halen en om iets anders naar hem te brengen. Het is vastgelegd dat Hazrat Umar (ra) geen vlees of boter at totdat alle anderen goed waren gevoed en in hun normale toestand waren teruggekeerd. Het is ook vastgelegd dat de kleur van zijn huid donkerder begon te worden vanwege de beperkte hoeveelheden voedsel die hij at.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) vroeg om het aantal mensen, dat was komen eten, te tellen. Bij het tellen bleek dat er 7.000 mensen met hem waren komen eten, en op een andere dag liep dat aantal op tot 10.000. Dit ging door totdat het uiteindelijk, na gebeden van Hazrat Umar (ra), regende en de hongersnood voorbij was.

Het voorbeeldige leiderschap van Hazrat Umar (ra)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat aanvankelijk in moskeeën gebeden op de grond zouden worden verricht, waardoor de voorhoofden van de aanbidders vaak bedekt zouden zijn met modder. Het is vastgelegd dat Hazrat Umar (ra) de eerste was die instrueerde dat gebedsmatten op de grond moesten worden gelegd om het bidden te vergemakkelijken. Het was ook tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra) dat de Moskee van de Profeet (Masjid Nabawi) werd gerenoveerd en uitgebreid.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat het ook tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra) was dat hij begon met het nemen van volkstellingen van burgers en het was ook in deze tijd dat Hazrat Umar (ra) een rantsoeneringssysteem instelde. Dit was in overeenstemming met dezelfde gelijkheid die door de Heilige Profeet (vzmh) werd vastgesteld toen hij in Medina aankwam. Eens tijdens een veldslag vernam de Heilige Profeet (vzmh) dat sommige mensen niet genoeg te eten hadden, terwijl er sommigen waren die genoeg te eten hadden. Toen hij dit zag, instrueerde de Heilige Profeet (vzmh) iedereen die iets te eten had om het te verzamelen, en toen werd het gelijk verdeeld zodat iedereen kon eten. Iedereen at apart zolang het mogelijk was om dit te doen, maar toen het risico ontstond dat sommigen hongerig zouden blijven, instrueerde de Heilige Profeet (vzmh) dat iedereen even veel moest eten. Zijne Heiligheid (aba) zei dat dit niet was om enige vorm van socialisme of communisme te vestigen, maar dat het een beslissing was die werd genomen op basis van de omstandigheden op dat moment. Vandaar dat dit het voorbeeld was dat door de Heilige Profeet (vzmh) werd gegeven.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat het gebaseerd was op de voorbeelden van de Heilige Profeet (vzmh), dat toen de Islam zich wijd en zijd begon te verspreiden en verschillende naties zich bij de Islam begonnen te voegen, Hazrat Umar (ra) een systeem van volkstelling instelde in om het aantal burgers te bepalen, en vervolgens het verdelen van voedsel onder een rantsoeneringssysteem om ervoor te zorgen dat iedereen die zich bij de Islam voegde, kon eten. Zo heeft de Islamitische regering een systeem opgezet, waarbij het levensonderhoud van elke persoon de verantwoordelijkheid van de regering werd. Er wordt gezegd dat de Sovjetunie de eerste was die voor zijn burgers zorgde na een volkstelling. Het is echter een bewezen feit dat dit concept voor het eerst werd ingesteld door de Islam en zijn regering.

Oprichting van het officiële systeem van Shura

Zijne Heiligheid (aba) zei dat tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra), landen werden verdeeld in provincies om het bestuur te vergemakkelijken. Evenzo was het tijdens het tijdperk van Hazrat Umar (ra) dat het systeem van Shura werd ingesteld. Tijdens deze overlegvergaderingen ontmoetten de ministers van verschillende departementen en gouverneurs van verschillende gebieden elkaar. Hazrat Umar (ra) heeft bepaalde regels en richtlijnen opgesteld voor ambtsdragers, om ervoor te zorgen dat ze niet vervallen in arrogantie of wereldsgezindheid. Het was ook tijdens het tijdperk van Hazrat Umar(ra) dat de belasting gematigd werd om het voor de burgers gemakkelijker te maken om te betalen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij het leven van Hazrat Umar (ra) in toekomstige preken zou blijven benadrukken.

Lancering van de nieuwe Ahmadiyya-encyclopedie

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij een aankondiging zou doen met betrekking tot de lancering van de Ahmadiyya Encyclopedia, opgericht door het centrale Ahmadiyya Archive and Research Center. Ze begonnen een tijdje geleden aan dit project en nu is deze website beschikbaar voor leden. De website die wordt gelanceerd is https://www.ahmadipedia.org/, waar een zoekmachine op aanwezig is om gemakkelijk materiaal te zoeken. De zoekresultaten bevatten links naar verschillende Jama’at-websites en relevante video’s enz. Er is ook een optie op deze website waar mensen historische verslagen kunnen insturen die ze hebben en die nog niet eerder zijn vastgelegd. Na verificatie zullen deze accounts worden opgenomen in de website, waardoor het een project wordt dat zal worden voortgezet met de hulp van leden van de Gemeenschap. Mocht iemand bepaalde content of informatie op de website niet kunnen vinden, dan kan men contact opnemen met het centrale team, die zal werken aan het vinden en beschikbaar stellen van die informatie. Zowel de centrale ICT-afdeling als de missionarissen in het Ahmadiyya Archive and Research Center hebben een grote rol gespeeld bij het voorbereiden van het materiaal voor deze website. Zijne Heiligheid (aba) bad voor alle betrokkenen en zei dat hij na het vrijdaggebed deze website zou lanceren.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland

Vrijdagpreek Hazrat Khalīfa-tul-Masīh V(aba) | 18 juni 2021 | ‘Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra)’

OPMERKING: Deze samenvatting is niet de complete vertegenwoordiging van de oorspronkelijke tekst en dient slechts als een herinnering.

Rechtgeleide Kaliefen – Hazrat Umar ibn al-Khaṭṭāb (ra)

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwudh en Surah al-Fatihah zei Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat hij verder zou gaan met het belichten van incidenten uit het leven van Hazrat Umar (ra).  

Het testament van Hazrat Abu Bakr (ra)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat voordat hij stierf, Hazrat Abu Bakr (ra) Hazrat Uthman (ra) riep zodat hij zijn testament kon opschrijven. Terwijl Hazrat Uthman (ra) net begon te schrijven, raakte Hazrat Abu Bakr (ra) bewusteloos. Hazrat Uthman (ra) schreef dat Hazrat Umar (ra) de volgende Khalifa zou zijn. Toen Hazrat Abu Bakr (ra) weer bij bewustzijn kwam, vroeg hij Hazrat Uthman (ra) om voor te lezen wat hij had opgeschreven. Hij las vervolgens voor wat hij had geschreven over Hazrat Umar (ra). Hazrat Abu Bakr (ra) veranderde dit niet en gaf te kennen dat hij juist en goed heeft gehandeld.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat het testament van Hazrat Abu Bakr (ra) aan de mensen was voorgelezen, en Hazrat Abu Bakr (ra) hen vroeg of ze het eens waren met de beslissing die hij had genomen, waarop iedereen antwoordde dat ze deze beslissing zouden gehoorzamen en de volgende Khalifa ook.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat iemand ooit Hazrat Umar (ra) vroeg naar zijn woede en dat deze er niet langer leek te zijn. Hazrat Umar (ra) antwoordde dat het er nog steeds was, maar het manifesteerde zich alleen tegen de ongelovigen.

Hazrat Umar’s (ra) eerste toespraak als de Khalifa

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Hazrat Umar (ra) in zijn eerste toespraak nadat hij Khalifa was geworden, zei dat hij over elke kwestie die hem zou overkomen, zelf zou beslissen. En elke kwestie die ver weg was, zou hij vertegenwoordigers aanwijzen om ermee om te gaan. Hij zei dat wie goed deed beloond zou worden, maar wie kwaad deed, diegene zou dienovereenkomstig worden behandeld.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat op de derde dag nadat hij de Khalifa was geworden, Hazrat Umar (ra) een toespraak hield waarin hij zei dat hij had gehoord dat mensen bang waren voor zijn vurige temperament en dat mensen dachten dat hij hard zou zijn als leider.

Hazrat Umar (ra) zei dat in de tijd van de Heilige Profeet (sa) niemand de vriendelijkheid en mededogen van de Heilige Profeet (sa) kon evenaren, en op het moment van zijn overlijden was de Heilige Profeet (sa) tevreden met Hazrat Umar (ra). Met betrekking tot Hazrat Abu Bakr (ra) zei hij dat iedereen zich ervan bewust was dat hij erg aardig was en dat hij zijn dienaar en helper was. En op het moment van zijn overlijden was Hazrat Abu Bakr (ra) tevreden met Hazrat Umar (ra). Hazrat Umar (ra) zei dat hij buitengewoon vriendelijk zou zijn, maar tegelijkertijd vastberaden zou zijn om ervoor te zorgen dat gerechtigheid altijd zou worden gediend.

Grote nederigheid van Hazrat Umar (ra)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Tweede Kalief, Hazrat Mirza Bashiruddin Mahmud Ahmad (ra) met betrekking tot het Khilafat van Hazrat Umar (ra) verklaarde dat hij er buitengewoon hard naar streefde om ervoor te zorgen dat de waarden en leerstellingen van de islam werden nageleefd. Hazrat Umar (ra) bad tot God dat hem een grote taak was toevertrouwd, en hij bad om vergeving voor het geval hij geen recht deed aan het uitvoeren van deze plicht.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat toen Iran werd veroverd, korenmolens naar Medina werden gebracht, en Hazrat Umar (ra) zei dat het eerste meel van de molens naar Hazrat A’ishah (ra) moest worden gestuurd. Dit toonde het grote respect dat hij had voor de vrouwen en familie van de Heilige Profeet (sa). De vrouwen van Medina hadden nog nooit zo’n fijn meel gezien, en dus verzamelden ze zich rond Hazrat A’ishah (ra) om het te zien. De Tweede Kalief (ra) zei dat dit geen speciaal meel was, maar van nog mindere kwaliteit dan het meel dat de armsten der armen te eten hadden. Toen Hazrat A’ishah (ra) de gekookte bloem in haar mond stopte, begon ze te huilen. Toen haar werd gevraagd waarom ze huilde, zei ze dat ze aan de Heilige Profeet (sa) dacht die zelfs in zijn laatste levensdagen niet veel te eten had. De persoon door wie alle giften mogelijk waren was verdwenen, maar zij konden blijven profiteren van deze giften en gunsten. Later zei Hazrat A’ishah (ra) dat ze niet verder kon eten.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij het leven van Hazrat Umar (ra) in toekomstige preken zou blijven belichten.

Gebed voor overledenen

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij de dodengebed (in afwezigheid) zou leiden van de volgende overledenen: Suhaila Mahbob Sahiba, Raja Khurshid Ahmad Munir Sahib, Zameer Ahmad Nadeem Sahib, Isa Muakitilima Sahib, Sheikh Mubashar Ahmad Sahib, Saif Ali Shahid Sahib en Masood Ahmad Hayat Sahib.

Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah de overledene met vergeving en genade moge behandelen, hun kinderen in staat moge stellen gehecht te blijven aan Ahmadiyyat en dat hun gebeden voor hun nageslacht mogen worden aanvaard.

Samengesteld door Afdeling Isha’at van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya Nederland