Het leven van de Heilige Profeet (sa) – Gebeurtenissen voorafgaand aan de Slag bij Badr | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 16 Juni 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad(aba) dat hij verder zou gaan met het vermelden van de voorbereidingen die werden getroffen voor de strijd met de ongelovigen van Mekka.

De profetie over Umayyah bin Khalaf

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Umayyah bin Khalaf aarzelde om de Makkanen naar de strijd te vergezellen. Het is opgetekend dat Abu Jahl naar Umayyah ging en zei dat hij tot de eerbare aanvoerders behoorde, en als hij achterbleef zou dat ertoe leiden dat anderen ook achterbleven. Echter, de reden waarom Umayyah aarzelde om te gaan was omdat de Heilige Profeet(sa) had voorspeld dat Umayyah gedood zou worden.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat volgens een overlevering, Umayyah bescherming had gegeven aan Hazrat Sa’d bin Mu’adh(ra) waardoor hij Umrah (de mindere bedevaart) kon verrichten. Toen Hazrat Sa’d(ra) rond de Ka’bah cirkelde, zag Abu Jahl hem en bedreigde zijn veiligheid omdat hij de Heilige Profeet(sa) had aanvaard. Umayyah probeerde Hazrat Sa’d(ra) te vertellen dat hij niets tegen Abu Jahl moest zeggen omdat hij een geëerd hoofdman onder de Mekkanen was. Echter, Hazrat Sa’d(ra) zei dat als hij gehinderd werd in het lopen rond de Ka’bah, dat hij dan de weg vanuit Syrië zou hinderen die hun handelskaravanen namen. Het was ook op dit moment dat Hazrat Sa’d(ra) aan Umayyah vertelde dat hij de Heilige Profeet(sa) had horen voorspellen dat Umayyah gedood zou worden. Hierop zei Umayyah dat Mohammed(sa) nooit liegt. Het was dus vanwege deze voorspelling dat Umayyah aarzelde om ten strijde te trekken.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Abu Jahl Umayyah overtuigde om op zijn minst twee dagen met de karavaan mee te reizen, waar Umayyah uiteindelijk mee instemde. Het was echter binnen deze twee dagen dat Umayyah uiteindelijk werd gedood, waardoor de profetie werd vervuld.

De droom van de zus van Abu Lahab

Zijne Heiligheid(aba) zei dat Abu Lahab ook bang was en aarzelde om ten strijde te trekken, en besloot om iemand anders in zijn plaats te sturen. In dit verband citeerde Zijne Heiligheid Hazrat Mirza Bashir Ahmad(ra) die schrijft:

“Er waren slechts twee individuen die aarzelden om deel te nemen, en dat waren Abū Lahab en Umayyah bin Khalf. De reden voor deze aarzeling was echter niet te wijten aan sympathie voor de moslims. Veeleer vreesde Abū Lahab de droom van zijn zus ‘Ātikata bintu ‘Abdil-Muṭṭalib, die zij slechts drie dagen voor de komst van Ḍamḍam zag en die wees op de vernietiging van de Quraish. Umayyah bin Khalf vreesde de profetie van de Heilige Profeet (sa) over zijn dood, die hij had vernomen van Sa’d bin Mu’ādh(ra), in Mekka. Echter, omdat men bezorgd was dat als deze twee beroemde leiders waren achtergebleven, dit een negatief effect zou hebben op de ongelovige massa’s, lokten de andere leiders van de Quraish hun passie en jaloezie uit, en dwongen hen uiteindelijk om in te stemmen. Met andere woorden, Umayyah werd zelf voorbereid en Abū Lahab betaalde een flinke som aan iemand anders om in zijn plaats te staan. Op deze manier werd, na een voorbereiding van drie dagen, een leger van meer dan 1.000 onverschrokken krijgers voorbereid om uit Mekka te vertrekken.

Dit leger was nog steeds in Mekka toen een paar leiders van onder de Quraish bedachten dat, aangezien de betrekkingen tussen de mensen van Mekka en de Banū Bakr, die een tak was van de Banū Kinānah, niet gunstig waren, het risico bestond dat zij in hun afwezigheid misbruik zouden maken van de situatie en Mekka zouden aanvallen. Door deze gedachte begonnen verschillende mensen uit de Quraish te aarzelen. Echter, een leider van de Banū Kinānah genaamd Surāqah bin Mālik bin Ja’sham, die op dat moment in Mekka was, verzekerde hen door te zeggen: “Ik garandeer dat er geen aanval op Mekka zal plaatsvinden.” Surāqah was zelfs zo fel in zijn vijandschap jegens de Islām, dat hij ter ondersteuning van de Quraish hen zelfs helemaal naar Badr vergezelde. Maar toen hij daar de Moslims zag, was hij zo ontzet dat hij, voordat de oorlog begon, zijn metgezellen verliet en vluchtte…

Voordat zij uit Mekka vertrokken, gingen de Quraish naar de Ka’bah en baden: “O God! Geef hulp aan die partij van deze twee partijen, die edeler en superieur is in Uw schatting en maak de andere te schande en verneder.” Hierna vertrok het leger van de ongelovigen uit Mekka met grote pracht en trots.” (Life & Character of the Seal of ProphetsVol. II pp. 133-134)

De droom van Juhain bin Salt

Zijne Heiligheid (aba) zei dat op het moment van vertrek de Mekkanen 1.300 in getal waren. Echter, onderweg scheidden de mensen van Banu Zuhra en Banu Adi zich af van het leger, waardoor het leger van de Quraish ongeveer 950 tot 1.000 in getal bleef.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de mensen van de Quraish op weg waren en onderweg stopten in Juhfa. Daar vertelde een man genaamd Juhain bin Salt over een droom van hem, waarin hij zag dat een man aan kwam rijden op een paard en hij had ook een kameel, de namen aankondigend van verschillende Mekkaanse hoofdmannen, zeggende dat ze gedood waren. Vervolgens stak hij zijn kameel met een speer en er was geen enkele tent van de Mekkanen die niet door de kamelen bloed werd bevlekt. Bij het horen van deze droom bespotte Abu Jahl hem, maar de namen die hij noemde waren degenen die inderdaad omkwamen in de Slag bij Badr.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat zoals vermeld in de vorige preek, Abu Sufyan een andere route had genomen in een poging om de moslims, die probeerden zijn handelskaravaan te onderscheppen, te vermijden. Na succesvol te zijn geweest in het vermijden van hen, stuurde Abu Sufyan een bericht naar het Mekkaanse leger dat de handelskaravaan veilig was en er dus geen noodzaak was om ten strijde te trekken. Echter bij het horen hiervan zei Abu Jahl dat ze niet zouden terugkeren totdat ze Badr bereikt hadden en de moslims hadden geïntimideerd.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de zoon van Abu Talib, Talib bin Abu Talib ook was vertrokken met het leger van Mekka. Onderweg beschimpten mensen hem en zeiden dat hij weliswaar met hen was meegegaan, maar dat ze wisten dat zijn sympathieën bij Mohammed (sa) lagen. Hierop keerden hij en een paar anderen terug naar Mekka.

313 Metgezellen

Zijne Heiligheid(aba) zei dat de Heilige Profeet(sa) op 12 Ramadan AH uit Medina vertrok met iets meer dan 300 mensen van zowel de Ansar als de Muhajireen. De Heilige Profeet(sa) had Hazrat Uthman bin Affan(ra) opgedragen achter te blijven omdat zijn vrouw Ruqayyah ziek was. Volgens de meeste verslagen staat er dat de moslims 313 in getal waren. Er is een verhaal waarin staat dat de Heilige Profeet(sa) opdracht gaf om de moslims te tellen. De Heilige Profeet (sa) werd geïnformeerd dat er 313 waren. Dit verheugde de Heilige Profeet(sa) zeer, die zei dat dit hetzelfde aantal was als de metgezellen van Taloet.

Het martelaarschap van Umm Waraqah bin Naufal(ra)

Zijne Heiligheid(aba) zei dat er een vrouw was genaamd Umm Waraqah bin Naufal(ra) die naar de Heilige Profeet(sa) ging met het verzoek om mee te gaan met het leger zodat ze de gewonden kon verzorgen. De Heilige Profeet (sa) droeg haar op achter te blijven, maar God zou haar het martelaarschap schenken. Later gaf de Heilige Profeet (sa) haar de titel Shaheedah en ze werd algemeen bekend onder deze naam.

De kracht van het moslimleger en het gebed van de Heilige Profeet (sa)

Zijne Heiligheid(aba) zei dat met betrekking tot de sterkte van het moslimleger, in sommige vertellingen staat dat de moslims slechts vijf paarden hadden terwijl in andere vertellingen staat dat ze er slechts twee hadden. De moslims hadden slechts 60 harnassen en slechts 70 of 80 kamelen, waarop iedereen om beurten reed. Toen de Heilige Profeet (sa) aan de beurt was om te lopen, verzochten de Metgezellen hem te blijven rijden terwijl zij liepen, maar de Heilige Profeet (sa) zei dat zij niet sterker waren dan hij, en hij was niet uitgesloten van het zoeken naar de zegeningen van de oorlog.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat tijdens deze reis, de Heilige Profeet (sa) bad voor zijn Metgezellen, “O Allah, ze zijn blootsvoets, schenk hen rijdieren; ze zijn ongekleed, schenk hen kleding; ze hebben honger, verzadig hen; ze zijn in benarde omstandigheden, schenk hen rijkdom door Uw genade.” Dit gebed werd zeker verhoord, want op de terugweg van de Slag bij Badr was er niemand die een rijdier wilde en er geen kreeg of zelfs meer. Evenzo vonden degenen zonder kleren kleren, er was geen tekort aan voedsel en elk huishouden kwam in rijkdom.

Metgezellen die zich niet bij het leger konden voegen

Zijne Heiligheid(aba) zei dat bij de voorbereiding van de strijd, sommigen zeiden dat hun rijdende kamelen buiten de stad waren en vroegen toestemming om ze te halen, maar het werd hen niet toegestaan om dit te doen, en dus bleven ze of achter of gingen te voet op weg. Zo waren er ook anderen die toestemming kregen om achter te blijven vanwege een legitieme reden. Bijvoorbeeld, Hazrat Abu Umamah bin Tha’lbah(ra) was van plan om naar Badr te gaan ondanks de slechte gezondheid van zijn moeder, maar de Heilige Profeet(sa) droeg hem op om achter te blijven en voor haar te zorgen. Tegen de tijd dat de Heilige Profeet (sa) terugkeerde, was ze overleden en hij bad bij haar graf. Op dezelfde manier, instrueerde de Heilige Profeet (sa) alle jongeren onderweg om terug te keren naar Medina.

De vlag van de Islam

Zijne Heiligheid(aba) zei dat het is opgetekend dat de vlag van de Islam werd gegeven aan Hazrat Mus’ab bin Umair(ra) en het was wit van kleur. Er waren twee andere zwarte vlaggen, waarvan er één aan Hazrat Ali(ra) werd gegeven en de andere werd gegeven aan een andere Metgezel van uit de Ansar.

De Heilige Profeet(sa) gaf Habib toestemming om zich bij het Moslimleger aan te sluiten

Zijne Heiligheid(aba) zei dat er een man genaamd Habib in Medina was van de Khazraj stam die erg dapper was en bedreven in de strijd en die ook was vertrokken samen met zijn stamgenoten, maar hij was geen moslim op dat moment. De moslims waren erg blij dat hij deel uitmaakte van hun leger, maar de Heilige Profeet (sa) zei dat alleen diegenen hen zouden vergezellen die van hun geloof waren. Habib verzocht de Heilige Profeet(sa) twee keer maar de Heilige Profeet(sa) stemde niet toe. Pas bij de derde keer, toen hij zijn geloof beleed, stond de Heilige Profeet(sa) hem toe om het moslimleger te vergezellen.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat toen de Heilige Profeet(sa) Safra, een weelderige groene vallei, bereikte, de Heilige Profeet(sa) enkele Metgezellen vooruit stuurde om informatie over Abu Sufyan te verzamelen. Bij aankomst in Badr, hoorden deze Metgezellen twee meisjes spreken over de komst van het Mekkaanse leger in twee dagen, en dus keerden ze terug naar de Heilige Profeet(sa) om hem te informeren dat de komst van een leger op handen was.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat hij in toekomstige preken over dit onderwerp zou blijven spreken.

Begrafenisgebeden

Zijne Heiligheid(aba) zei dat hij de begrafenis gebeden zou leiden van de volgende overleden leden:

Sheikh Ghulam Rahmani van het Verenigd Koninkrijk die onlangs is overleden. Hij was de zoon van een metgezel van de Beloofde Messias(as). Zijn vader reisde in 1902 naar Qadian waar hij de Beloofde Messias(as) zag en wist dat hij niet vals kon zijn. Sheikh Ghulam Rahmani diende als de Nationale Algemene Secretaris voor de UK en ook als de Lokale Voorzitter van de Gemeenschap in Southall. Hij gaf elke week lessen in het missiehuis. Hij was ook de nationale secretaris van Wasaya. Hij was regelmatig in het aanbieden van gebeden, het houden van vasten, het reciteren van de Koran, en was een liefdevol en medelevend persoon. Hij hield veel van Khilafat. Hij had ook de eer om hadj uit te voeren. Hij wordt overleefd door zijn vrouw, een zoon en een dochter. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem vergiffenis en barmhartigheid moge schenken, zijn stand verheffen en zijn kinderen in staat stellen om de erfenis van zijn deugden voort te zetten.

Tahir Aag Muhammad van Mahdi Abad, Dori, Burkina Faso die onlangs is overleden. Zijn vader accepteerde Ahmadiyyat in 1999, maar hijzelf accepteerde Ahmadiyyat niet. Later, toen hij als jongere ziek werd, bad hij voor leiding over de waarheid van Ahmadiyyat en toen hij werd geleid, accepteerde hij Ahmadiyyat. Hij leerde de vaardigheid van het naaien en voor de afgelopen Eid al-Fitr, naaide hij kleding voor de families van de martelaren van Burkina Faso. Hij had kanker waardoor zijn been was geamputeerd. Het was uiteindelijk deze ziekte die tot zijn dood leidde. Hij wordt overleefd door twee vrouwen en vijf kinderen. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hen geduld mag schenken, hen in staat mag stellen de erfenis van zijn deugden voort te zetten en dat Allah de overledene vergiffenis en barmhartigheid mag schenken en zijn plaats mag verhogen.

Khwaja Daud Ahmad die op 25 mei is overleden. Zijn zoon Khwaja Fahad Ahmad is missionaris in Kiribati. Hij woonde in Canada waar hij de Gemeenschap in verschillende hoedanigheden kon dienen. Voordat hij naar Canada kwam diende hij in Pakistan en op een bepaald moment waardeerde de Derde Kalief (rh) zelfs zijn inspanningen. Hij hield veel van Khilafat. Hij woonde een bijeenkomst bij in het plaatselijke gebedscentrum toen hij pijn in zijn borst kreeg. Na een hartaanval overleed hij enkele ogenblikken later. Hij wordt overleefd door zijn vrouw, vier zonen en een dochter. Zijn zoon, die missionaris is, kon de begrafenis van zijn vader niet bijwonen wegens zijn werkzaamheden als missonaris. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem geduld mag schenken en dat Allah de overledene vergiffenis en barmhartigheid mag schenken en zijn positie mag verbeteren.

Syed Tanvir Shah uit Canada die onlangs overleed terwijl hij in Paraguay was waar hij een tijdelijke periode van toewijding diende. Hij heeft een zoon Syed Raza Shah die missionaris is. Hij stamde uit de familie van een Metgezel van de Beloofde Messias (as) en de familie van Hazrat Umme Tahir. Hij had een passie voor het verspreiden van de boodschap van Islam. Tijdens zijn reis naar Paraguay kwamen er zelfs twee mensen in de kudde van Islam Ahmadiyyat. Hij was zeer tevreden met zijn middelen en vertrouwde op Allah om in al zijn behoeften te voorzien. Hij spoorde zijn zoon aan om zijn plichten te begrijpen en ze op de beste manier uit te voeren. Hij hield veel van de Khalifa en bracht dezelfde liefde over op zijn kinderen. Hij sprak nooit kwaad over iemand en zorgde ook voor zijn schoonfamilie. Ondanks dat hij verschillende functies bekleedde, bleef hij altijd nederig. Zijn persoonlijkheid liet een diepe indruk achter op de jeugd van Paraguay. Hij glimlachte altijd en was nooit boos. In plaats daarvan was hij heel teder en vriendelijk. Hij leek altijd op zoek naar manieren om Allah te behagen. Hij liet zien dat woorden niet altijd nodig zijn om anderen te onderwijzen, maar dat daden een diepe impact kunnen hebben. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah de overledene vergiffenis en barmhartigheid moge schenken en zijn positie mag verhogen.

Rana Zafarullah Khan was een missionaris en overleed in april. Hij diende voor een zeer lange tijd als missionaris in verschillende plaatsen. Hij was erg nederig en eenvoudig. Hij werkte hard en liet een diepe indruk achter op de gemeenschap in Afghanistan. Velen boden hun condoleances aan bij zijn overlijden en gaven aan dat hij voor hen een toelage had bedongen. Hij wordt overleefd door zijn moeder, vrouw en drie dochters. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah de overledene vergiffenis en barmhartigheid moge schenken en zijn kinderen in staat mag stellen de erfenis van zijn deugden voort te zetten.

OPMERKING: Ishaat team van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya NL neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek.

Het leven van de Heilige Profeet (sa): vroege expedities | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 9 Juni 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat in de vorige preek de verschillende omstandigheden na de migratie van de Heilige Profeet (sa), de omstandigheden die leidden tot de Slag bij Badr en de inspanningen ter verdediging tegen de ongelovigen werden genoemd. Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij vandaag enkele van de expedities zou noemen die plaatsvonden vóór de slag bij Badr, evenals de voorbereidingen die de moslims troffen voor de strijd tegen de ongelovige mensen van Mekka.

De expeditie van Sif al-Bahr

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Sariyyah Hazrat Hamzah, of Sariyyah Seef al-Bahr de eerste expeditie was die plaatsvond. De Heilige Profeet (sa) stuurde deze gezanten met 30 ruiters in Ramadan 1 AH onder leiding van Hazrat Hamzah (ra). Deze gezanten reisden naar Ees, dat ongeveer 240 kilometer van Medina lag. Handelskaravanen kwamen hier vaak langs en toen de moslimgezanten daar aankwam, kwam er toevallig een Mekkaanse karavaan langs. Ze kwamen dicht bij de strijd; het werd echter vermeden.

De expeditie van Ubaidah bin Harith

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de volgende expeditie naar Sariyyah Ubaidah bin Harith was, die plaatsvond in Shawwal 1 AH. 60 moslims werden onder leiding van Hazrat Ubaidah bin Harith (ra) naar Sani’ah al-Mar’ah gestuurd. Daar kwamen de moslims een groep Mekkanen tegen . Hoewel er geen strijd was, was er een uitwisseling van pijlen. Aangezien dit nooit eerder is gebeurd, was het Hazrat Sa’d bin Abi Waqqas (ra) die de eer had om de eerste pijl in de Islam te werpen.

De expeditie van Sa’d bin Abi Waqqas

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er toen de Sariyyah Sa’d bin Abi Waqqas wa. Volgens sommigen gebeurde dit in 1 AH, terwijl anderen zeggen dat het in 2 AH was. Twintig moslims werden gestuurd onder leiding van Hazrat Sa’d bin Abi Waqqas (ra) met de instructie om niet voorbij de Kharar-vallei te komen. Hun doel was om een handelskaravaan van de Quraish tegen te houden, maar bij aankomst realiseerden ze zich dat ze de karavaan net een dag hadden gemist.

De eerste expeditie waaraan de Heilige Profeet (sa) deelnam

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een andere expeditie was naar Ghazwah Waddan die plaatsvond in Safar 2 AH. Historici zeggen dat dit de eerste expeditie was waaraan de Heilige Profeet (sa) zelf deelnam. De Heilige Profeet (sa) stelde Hazrat Sa’d bin Ubadah (ra) in zijn plaats aan als leider van Medina. Het doel van deze expeditie was om een handelskaravaan van de Quraish tegen te houden, maar de moslims misten het. Tijdens deze reis sloot de Heilige Profeet (sa) echter een vredesverdrag met de Banu Damrah. Deze hele expeditie duurde 15 dagen. Waddan is een plaats tussen Mekka en Medina en ongeveer 100 km van Juhfa en is waar de moeder van de Heilige Profeet (sa) is begraven.

Zijne Heiligheid (aba) merkte op dat hij de details geeft van de verschillende plaatsen waar deze gebeurtenissen plaatsvonden, zodat degenen die verschillende plaatsen bezoeken terwijl ze op weg zijn naar Umrah en ook deze plaatsen willen bezoeken, kennis kunnen maken met de geschiedenis.

De patrouille van Buwat

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een andere expeditie de Ghazwah Buwat was die plaatsvond in Rabi’ al-Awwal 2 AH. De Heilige Profeet (sa) ging ook op deze expeditie mee en stelde in zijn plaats Hazrat Sa’d bin Mu’adh (ra) aan als leider van Medina. De Heilige Profeet (sa) vertrok met twee metgezellen om een handelskaravaan op de Quraish, bestaande uit 100 Quraish en 500 kamelen, tegen te houden. Bij aankomst in Buwat realiseerden ze zich dat ze de karavaan hadden gemist en keerden dus terug naar Medina. Buwat ligt op ongeveer 100 km afstand van Medina.

De patrouille van Dhu al-Ushairah

Zijne Heiligheid (aba) noemde toen Ghazwah Ushaira . De Heilige Profeet (sa) vernam dat een handelskaravaan van de Quraish Mekka had verlaten waarin de Mekkanen al hun rijkdom hadden geïnvesteerd. Het was hun bedoeling om de winsten van deze handelskaravaan te gebruiken om zich uit te rusten tegen de moslims. Daarom vertrok de Heilige Profeet (sa) in 2 AH samen met 150-200 moslims naar Ushairah, maar ze kwamen de handelskaravaan niet tegen.

Ghazwah Badr al-Ula

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er ook de Ghazwah Badr al-Ula was. Na terugkomst uit Ushairah viel iemand een grasveld in Medina aan. Samen met enkele metgezellen ging de Heilige Profeet (sa) achter hem aan, maar ze konden hem niet bereiken. Hierover citeerde Zijne Heiligheid (aba) Hazrat Mirza Bashir Ahmad (ra), die schrijft:

‘Deze aanval op Kurz bin Jabir was geen kleine bedoeïenenplundering, het is eerder duidelijk dat hij namens de Quraish tegen de moslims was vertrokken, met een bepaald motief. In feite is het zeer waarschijnlijk dat hij specifiek was gekomen met de bedoeling om de persoon van de Heilige Profeet (sa) letsel toe te brengen, maar toen hij de moslims waakzaam aantrof, besloot hij tot de roof van hun kamelen en rende weg. Dit toont ook aan dat de Qoeraisj van Mekka van plan waren Medina binnen te vallen om de moslims volledig te vernietigen. Er moet ook aan worden herinnerd dat de moslims daarvoor al toestemming hadden gekregen voor Jihad met het zwaard, en in een gevoel van zelfverdediging waren ze ook begonnen met het toepassen van een eerste actieplan in dit opzicht. Tot nu toe hadden ze echter praktisch geen verlies geleden in termen van rijkdom of levens. De inval van Kurz bin Jabir was er echter een die de moslims praktisch schade toebracht. Met andere woorden, zelfs na de acceptatie van de uitdaging van de Quraish, waren het de ongelovigen die praktisch het gevecht begonnen.’ (Het leven en karakter van het zegel der profeten – Vol. II p. 102)

De expeditie van Nakhlah

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er toen de Sariyyah van Abdullah bin Jahsh was. De Heilige Profeet (sa) stuurde Hazrat Abdullah bin Jahsh (ra) samen met 8 migranten naar Nakhlah. De Heilige Profeet (sa) gaf Hazrat Abdullah (ra) een brief en zei hem deze pas te openen nadat hij twee dagen had gereisd. Bij het openen las Hazrat Abduallah (ra) dat de Heilige Profeet (sa) hen had opgedragen om naar Nakhlah te reizen en inlichtingen in te winnen over de bewegingen van de Quraish. Hazrat Abdullah (ra) informeerde toen degenen die hem vergezelden over de bevelen die hij had ontvangen. Hij informeerde hen ook dat de Heilige Profeet (sa) hem, voordat hij vertrok, had gezegd niemand te dwingen hem op zijn missie te vergezellen. Maar zelfs toen ze de optie kregen, besloot niemand te vertrekken en gingen ze allemaal verder. Bij aankomst in Nakhlah passeerden ze een karavaan van de Quraish. Toen ze de moslims zagen, werden ze bang, maar toen ze zagen dat een van de hoofden van de moslims geschoren was, dachten ze dat ze gewoon op reis waren naar Umrah en lieten ze hen met rust. De groep moslims besloot na overleg de Quraish aan te vallen, waarbij één van de Quraish stierf, twee gevangen werden genomen en één ontsnapte. Toen hij terugkeerde naar Medina en de Heilige Profeet (sa) ontmoette, vertelde de Heilige Profeet (sa) aan Hazrat Abdullah (ra) dat hij hen niet had opgedragen om te vechten en dus niets accepteerde dat ze naar hem hadden teruggebracht. De Quraish klaagden ook dat deze aanval had plaatsgevonden tijdens een verboden maand en begonnen dus ook met voorbereidingen om de moslims aan te vallen. De Slag bij Badr was voor een groot deel het resultaat van deze voorbereidingen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat na dit incident het volgende vers van de Heilige Koran werd geopenbaard:

“Zij vragen u omtrent het vechten in de heilige maand. Zeg: “Het vechten hierin is een grote overtreding, maar de mensen van de weg van Allah af te houden en Hem ondankbaar te zijn en (de toegang tot) de Heilige Moskee (te verhinderen) en haar mensen er van te verdrijven, is bij Allah een grotere zonde; en vervolging is erger dan doden. En zij zullen niet ophouden, u te bevechten, totdat zij u van uw geloof hebben afgebracht, als zij kunnen.” (De Heilige Koran 2:218)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat God de staat kende van de vijand die voortdurend probeerde de moslims aan te vallen, en daarom uitte Hij geen enkel ongenoegen over dit incident. Hij wist ook dat de tegenstanders hun pogingen om moslims aan te vallen voortzetten, zelfs tijdens de verboden maanden. Daarom was de openbaring van dit vers een bron van opluchting voor de moslims.

De slag bij Badr

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er toen de Ghazwah Badr al-Kubra was, die in de Heilige Koran ook wel de Dag van Onderscheiding wordt genoemd. De Heilige Profeet (sa) had vernomen dat Abu Sufyan terugkeerde uit Syrië met een handelskaravaan van de Quraish bestaande uit 1000 kamelen. Dit was dezelfde karavaan die de Heilige Profeet (sa) op weg was naar Ushairah wilde onderscheppen, maar waartoe hij niet in staat was geweest. Sommigen die geen kennis hebben, beweren dat de moslims alleen geïnteresseerd waren in het plunderen van de handelskaravanen van de Quraish. Deze bewering wordt echter alleen geuit door degenen die op dat moment niet op de hoogte waren van de omstandigheden. Als reactie hierop citeerde Zijne Heiligheid (aba) Hazrat Mirza Bashir Ahmad ( ra ) , die schrijft:

‘Op pad gaan om de karavaan te onderscheppen is helemaal niet verwerpelijk. De reden hiervoor is dat ten eerste deze specifieke karavaan die de moslims wilden achtervolgen, geen gewone karavaan was. Elke man en vrouw van onder de Quraish had er aandelen in. Dit toont aan dat met betrekking tot deze karavaan het de bedoeling was van de leiders van de Quraish dat deze winst zou worden gebruikt om oorlog te voeren tegen de moslims; de geschiedenis bewijst dat juist deze winst werd gebruikt om de slag om Uḥud voor te bereiden . Als zodanig was het onderscheppen van deze karavaan een noodzakelijk onderdeel van de oorlogstactiek. Ten tweede was het in het algemeen ook nodig om deze karavanen van de Quraish te onderscheppen omdat ze bewapend waren en zeer dicht bij Medina zouden passeren. De moslims bleven voortdurend in gevaar door hen en het was noodzakelijk om hier een einde aan te maken. Ten derde, waar deze karavanen ook heen zouden gaan, ze zouden de stammen van Arabië zwaar ophitsen tegen de moslims, waardoor de staat van de moslims steeds kwetsbaarder werd; als zodanig was het blokkeren van hun doorgang een onderdeel van hun beschermings- en zelfverdedigingstactiek. Ten vierde was het levensonderhoud van de Quraish voornamelijk afhankelijk van handel, en om deze reden was het onderscheppen van deze karavanen een uitstekend middel om de Quraish tot bezinning te brengen, hen te stoppen met hun oorlogsdaden en hen aan te sporen tot verzoening en de vestiging van vrede.’ (Het leven en karakter van het zegel der profeten – Vol. II pp. 120-121)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Heilige Profeet (sa) twee metgezellen had gestuurd om informatie over deze karavaan te verzamelen. Toen ze terugkeerden naar Medina met informatie, hoorden ze dat de Heilige Profeet (sa) al was vertrokken en hem pas ontmoetten toen hij terugkeerde van de Slag bij Badr, maar ze waren betrokken bij de verdeling van de buit.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat toen Abu Sufyan hoorde dat de Heilige Profeet (sa) erop uit was gegaan om de karavaan te onderscheppen, hij erg bang werd en een bericht naar Mekka stuurde waarin hij de Quraish ophitste. Ondertussen deed Abu Sufyan zijn best om de moslims te ontwijken. Hij nam een ander pad en ging snel verder.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat drie nachten voordat de boodschap van Abu Sufyan Mekka bereikte, de tante van vaderskant van de Heilige Profeet (sa), Atiqah bint Abdil Muttalib een droom zag die haar deed vrezen voor de ondergang van de Mekkanen. Ze zag dat een man op een kameel reed en stopte tussen Mekka en Mina terwijl hij uitriep dat iedereen zich binnen drie dagen op de plaats van hun dood moest verzamelen. Mensen verzamelden zich om hem heen, en toen zag ze dat zijn kameel boven op de Ka’bah stond , en hij riep en zei hetzelfde. Ze zag hem toen bovenop een bekende berg hetzelfde roepen. Ze zag hem toen een steen van de berg naar beneden gooien, die vervolgens in stukken brak, en er was geen enkel huis in Mekka waar een stuk van die steen niet terechtkwam. Uiteindelijk verspreidde het woord van deze droom zich onder de Mekkanen. Toen Abu Jahl hiervan hoorde en de familie van Abdul Muttalib begon te straffen, voelde Hazrat Abbas (ra) zich genoodzaakt te ontkennen dat een dergelijke droom was gezien. Hij had er grote spijt van en drie dagen na de droom besloot hij naar Abu Jahl te gaan om de zaak recht te zetten. Toen hij ging, zag hij Abu Jahl naar de Ka’bah rennen . Dit was het resultaat van het feit dat de boodschapper van Abu Sufyan was gearriveerd en de Mekkanen informeerde over de onderschepping door de Heilige Profeet (sa) van hun handelskaravaan.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat Abu Jahl, toen hij dit nieuws hoorde, begon met het voorbereiden van de Mekkanen op oorlog. Vandaar dat de voorbereidingen begonnen, en ofwel gingen ze zelf ten oorlog, of sponsorden ze iemand anders om erop uit te trekken om tegen de moslims te vechten. Hoewel de boodschapper had aangekondigd dat de Mekkanen zouden gaan om hun karavaan te helpen, gingen ze in plaats daarvan na een paar dagen, nadat ze voorbereidingen hadden getroffen voor de strijd. Sommige Mekkanen hadden zelfs geloot of ze ten strijde moesten trekken, en het resultaat daarvan was dat ze hen afraadden om te gaan. Het was echter op aandringen van Abu Jahl dat ze gedwongen werden te gaan.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij deze incidenten in de toekomst zou blijven vertellen.

OPMERKING: Ishaat team van Majlis Khuddam-ul-Ahmadiyya NL neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek.

Het leven van de Heilige Profeet (sa): Omstandigheden die leidden tot de Slag bij Badr | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 2 Juni 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz, en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad(aba) dat de levens, incidenten en offers van de Metgezellen die deelnamen aan de Slag om Badr gedetailleerd werden beschreven in een serie preken. Zijne Heiligheid(aba) zei dat velen tegen hem hebben gezegd dat het leven van de Heilige Profeet(sa) ook gedetailleerd zou moeten worden omdat het alleen te danken was aan het verbonden zijn met hem dat de Metgezellen hoge rangen bereikten. Zij geloofden niet alleen, maar zij belichaamden de Eenheid van God zoals onderwezen door de Heilige Profeet(sa).

Zijne Heiligheid(aba) zei dat hij door de jaren heen verschillende aspecten van de Heilige Profeet(sa) heeft belicht in zijn preken. Zijn leven was echter van dien aard dat het niet beperkt kan worden tot bepaalde aspecten. Zijn kwaliteiten waren zo uitgebreid dat ze niet eens in een aantal preken kunnen worden opgenomen. In feite bevat elke preek of toespraak een vermelding van een aspect van het leven van de Heilige Profeet (sa), omdat ons leven om hem draait. We kunnen niet handelen volgens de Sharia zonder zijn voorbeeld.

Omstandigheden in de aanloop naar de Slag bij Badr

Zijne Heiligheid(aba) zei dat hij vandaag zou beginnen met een serie preken over de Heilige Profeet(sa) in relatie tot de Slag bij Badr. Alvorens de slag zelf te noemen, zei Zijne Heiligheid(aba) dat het belangrijk is om de omstandigheden te begrijpen die ertoe leidden dat de slag in de eerste plaats plaatsvond. Zijne Heiligheid(aba) citeerde Hazrat Mirza Bashir Ahmad(ra) die schrijft:

‘Het Mekkaanse leven van de Heilige Profeet(sa), de wreedheden die de Moslims werden aangedaan door de Qoeraisj en de listen die zij toepasten om de Islām te verdrijven, waren genoeg reden voor het uitbreken van oorlog tussen twee naties, in elk tijdperk en in alle soorten omstandigheden. De geschiedenis bewijst dat de ongelovigen van Mekka, naast uiterst vernederende bespotting en uiterst beledigende beschimpingen en laster, de Moslims met geweld ervan weerhielden de Ene God te aanbidden en Zijn Eenheid te verkondigen. Zij werden zeer wreed geslagen en genadeloos mishandeld, hun rijkdommen werden onrechtmatig toegeëigend, zij werden geboycot in een poging hen te doden en te ruïneren, terwijl sommigen meedogenloos werden gemarteld en hun vrouwen werden onteerd. Dit ging zo ver dat vele moslims, verstoord door deze wreedheden, Mekka verlieten en naar Abessinië trokken. De Qoeraisj berustten hier echter ook niet in en stuurden een delegatie naar het koninklijk hof van de Negus in een poging dat deze Muhājirīn op de een of andere manier naar Mekka zouden terugkeren en de Qoeraisj succesvol zouden zijn in het afkeren van hun geloof, of het elimineren van hen. Toen werden er grote pijnen toegebracht aan de Meester en Leider van de Moslims, die hun dierbaarder was dan hun eigen zielen, en hij werd onderworpen aan allerlei soorten leed. Na het belijden van de naam van God, bestookten de vrienden en kameraden van de Qoeraisj de Heilige Profeet (sa) met stenen in Ṭā’if, zodanig dat zijn lichaam doordrenkt raakte met bloed. Uiteindelijk werd met instemming van alle vertegenwoordigers van de verschillende stammen van de Qoeraisj in het Nationale Parlement van Mekka besloten dat Mohammed (sa), de Boodschapper van Allāh, zou worden vermoord, zodat alle sporen van de Islām zouden worden uitgewist en de Goddelijke Eenheid tot een einde zou worden gebracht. Toen, om dit bloedige besluit praktisch uit te voeren, verzamelden de jongeren van Mekka, die van de verschillende stammen van de Qoeraisj waren, een groep en vielen ‘s nachts het huis van de Heilige Profeet (sa) aan. Maar God beschermde de Heilige Profeet (sa) en hij verliet zijn huis – hen in het stof achterlatend – en hij zocht zijn toevlucht in de grot van Thaur. Waren deze wreedheden en bloedige besluiten niet gelijk aan een oorlogsaankondiging van de Qoeraisj? Kan, tegen de achtergrond van deze incidenten, iemand met gezond verstand beweren dat de Qoeraisj van Mekka niet in oorlog waren met de Islām en de Moslims? Zouden deze wreedheden van de Qoeraisj dan niet voldoende reden kunnen zijn om een defensieve oorlog van de Moslims te rechtvaardigen? Zou, onder zulke omstandigheden, welke eervolle natie ter wereld dan ook, die zich niet heeft neergelegd bij zelfmoord, zich kunnen verzetten tegen de aanvaarding van zo’n ultimatum als door de Qoeraisj aan de moslims werd gesteld? Zeer zeker, als er een andere natie was geweest in plaats van de moslims, dan zouden zij veel eerder het slagveld tegen de Qoeraisj betreden hebben. De moslims werden echter bevolen geduld en vergeving te tonen door hun Meester. Als zodanig staat er geschreven dat toen de vervolging van de Qoeraisj verhevigde, ‘Abdur-Raḥmān bin ‘Auf(ra), en andere Metgezellen, zichzelf voor de Heilige Profeet(sa) stelden, en toestemming vroegen om de Qoeraisj te bestrijden, maar de Heilige Profeet(sa) antwoordde:

“Voorlopig heb ik het bevel gekregen om gratie te verlenen. Ik kan jullie dus geen toestemming geven om te vechten.”

Zo verdroegen de Metgezellen elke pijn en elke belediging op de weg van de godsdienst, maar lieten de handgreep van het geduld niet los. Toen de drinkbeker van de vervolging van de Qoeraisj verzadigd was en begon te stromen en de God van dit universum vond dat de goddelijke boodschap onweerlegbaar was overgebracht, beval God pas toen Zijn dienaar om de stad te verlaten. De zaak had nu de grens van de vergeving overschreden en de tijd was gekomen dat de daders hun slechte einde zouden bereiken. Vandaar dat deze migratie van de Heilige Profeet (sa) een teken was van de aanvaarding van het ultimatum van de Qoeraisj. Het was een subtiele aanwijzing van God van de aankondiging van oorlog; zowel de moslims als de ongelovigen begrepen dit. Zo verwierpen de leiders van de Qoeraisj tijdens het overleg in Dārun-Nadwah, toen iemand voorstelde om de Heilige Profeet (sa) uit Mekka te verbannen, dit voorstel op grond van het feit dat als Mohammed (sa) Mekka zou verlaten, de Moslims zeker hun ultimatum zouden accepteren en het slagveld tegenover hen zouden betreden. Ter gelegenheid van de tweede Bai’at te ‘Aqabah, toen de kwestie van de migratie van de Heilige Profeet(sa) ter sprake kwam bij de Anṣār van Medina, zeiden zij onmiddellijk: “Dit houdt in dat we ons moeten voorbereiden op oorlog tegen heel Arabië.” Toen de Heilige Profeet (sa) Mekka verliet, wierp hij een bedroefde blik op de grenzen van Mekka en zei: “O Mekka! Je was mij meer geliefd dan alle andere steden, maar jouw mensen hebben mij niet toegestaan om hier te wonen.” Hierop zei Ḥaḍrat Abū Bakr(ra): “Zij hebben de Boodschapper van God verbannen. Nu zullen zij zeker vernietigd worden.”

Samenvattend, totdat de Heilige Profeet (sa) in Mekka verbleef, doorstond hij allerlei kwellingen, maar hij nam niet het zwaard op tegen de Qoeraisj. De reden hiervoor was dat ten eerste, voordat er maatregelen tegen de Qoeraisj genomen konden worden, volgens de gewoonte van Allāh, de goddelijke boodschap onweerlegbaar overgebracht moest worden, en dit vroeg om uitstel. Ten tweede was het ook de wens van God dat de Moslims een toonbeeld van vergevingsgezindheid en geduld zouden tonen tot die laatste grens, waarna zwijgen gelijk stond aan zelfmoord, wat door geen enkel weldenkend mens als een prijzenswaardige daad kan worden beschouwd. Ten derde stonden de Qoeraisj aan het hoofd van een soort democratische regering in Mekka en de Heilige Profeet (sa) was een van zijn burgers. Vandaar dat goed burgerschap vereiste dat zolang de Heilige Profeet (sa) in Mekka verbleef, hij het gezag respecteerde, en niets toestond wat de vrede zou verstoren, en wanneer de kwestie de grens van vergeving overschrijdt, hij van daar migreerde. Ten vierde was het ook noodzakelijk dat de Heilige Profeet (sa) onder hen leefde totdat zijn volk de straf verdiende vanwege hun daden in de ogen van God, en totdat de tijd om hen te vernietigen nog niet was aangebroken. De reden hiervoor is dat, volgens de gewoonte van Allāh, totdat een Profeet van God in zijn volk verblijft, zij niet getroffen worden door een bestraffing die hen zou vernietigen. Wanneer een vernietigende bestraffing dreigt, wordt de Profeet bevolen zo’n plaats te verlaten. Vanwege deze redenen had de migratie van de Heilige Profeet (sa) duidelijke aanwijzingen in zich, maar het is jammer dat deze onrechtvaardige mensen deze niet herkenden en bleven groeien in hun tirannie en onderdrukking. Want als de Qoeraisj zich zelfs nu hadden onthouden, en zich hadden onthouden van het toepassen van dwang in de godsdienst, en de Moslims hadden toegestaan om een leven van vrede te leiden, dan is God de Meest Barmhartige van hen die Barmhartig zijn, en Zijn Boodschapper was ook Raḥmatullil-‘Ālamīn. Voorwaar, zelfs dan zouden zij vergeven zijn. Echter, de geschriften van een Goddelijk besluit moesten worden vervuld. De migratie van de Heilige Profeet (sa) diende als brandstof op het vuur van de vijandschap van de Qoeraisj en zij stonden op met een nog grotere ijver en oproer dan voorheen, om de Islam uit te wissen.

Naast het toebrengen van vervolging en tirannie aan de arme en zwakke moslims, die tot nu toe nog steeds in Mekka waren, was de eerste onderneming van de Qoeraisj, zodra ze erachter kwamen dat de Heilige Profeet (sa) Mekka had verlaten, dat ze hem achtervolgden. Zij onderzochten elke centimeter van de Vallei van Bakkah, op zoek naar de Heilige Profeet(sa) en bereikten zelfs de mond van de grot van Thaur. Echter, Allāh de Verhevene hielp de Heilige Profeet(sa) en legde zo’n sluier over de ogen van de Qoeraisj, dat zij, nadat zij de plaats van bestemming bereikt hadden, gefrustreerd en zonder succes terugkeerden. Toen ze teleurgesteld raakten in deze zoektocht, maakten ze een openbare aankondiging dat een ieder die Heilige Profeet (sa) terugbracht – dood of levend – een premie van honderd kamelen zou ontvangen, wat overeenkomt met ongeveer 20.000 roepies in de munteenheid van vandaag.’

Zijne Heiligheid(aba) legde uit dat dit de waarde was in de tijd waarin Hazrat Mirza Bashir Ahmad(ra) dit boek schreef. Vandaag de dag zou dat gelijk staan aan tientallen miljoen pond.

Bedreigingen van de Qoeraisj tegen de moslims

Zijne Heiligheid(aba) vervolgde met te citeren: ‘Vele jonge mannen van de verschillende stammen van de Qoeraisj trokken er in alle richtingen op uit om de Heilige Profeet(sa) te zoeken, in hebzucht naar de premie. Zo was ook de achtervolging van Surāqah bin Mālik, die al genoemd is in Deel I van dit boek, een gevolg van deze aankondiging van beloning. De Qoeraisj werden echter ook in deze opzet tot mislukking gebracht. Als men overweegt, om oorlog te laten uitbreken tussen twee naties, is zelfs deze enige reden genoeg, omdat een premie van deze aard is ingesteld voor de Meester en Leider van de ander. In ieder geval, toen dit plan ook niet succesvol bleek en de Qoeraisj erachter kwamen dat de Heilige Profeet (sa) veilig en gezond Medina had bereikt, zoals hierboven is vermeld, stuurden de leiders van de Qoeraisj een vreselijk dreigende brief naar de hoofdleider van Medina, ‘Abdullāh bin Ubayy bin Sulūl, en zijn metgezellen:

“Jullie hebben bescherming gegeven aan een persoon van ons (d.w.z. Mohammed (sa)), en wij zweren in de naam van Allāh dat jullie of hem zullen verlaten en hem de oorlog zullen verklaren, of hem op zijn minst uit jullie stad zullen verbannen. Zo niet, dan zullen wij zeker ons hele leger verzamelen en jullie aanvallen; en wij zullen jullie mannen doden en jullie vrouwen in ons bezit nemen en hen voor onszelf wettig maken.”

De ongerustheid die de arme Muhājirīn door deze brief had kunnen overvallen is duidelijk, maar er ging ook een huivering van angst door de Anṣār heen. Toen de Heilige Profeet (sa) hier nieuws over ontving, ging hij zelf naar ‘Abdullāh bin Ubayy. De Heilige Profeet (sa) beredeneerde met hem en kalmeerde hem door te zeggen: “Je eigen bloedverwanten zijn met mij, wil je vechten tegen je eigen geliefden?” Het was in deze dagen dat Sa’d bin Mu’ādh(ra), leider van de Aus, naar Mekka kwam voor het doel van ‘Umrah. Bij het zien van hem, vergoten de ogen van Abū Jahl zich van woede met bloed en hij zei woedend: “Jij hebt (God verhoede) bescherming gegeven aan die afvallige (Mohammed (sa)). Geloven jullie dat jullie in staat zullen zijn om hem te beschermen…?” In dit tijdperk waren de Qoeraisj zo bezig met het ontwortelen van Islām dat toen Walīd bin Mughīrah, een opperhoofd van Mekka op het punt stond te sterven, hij hulpeloos begon te huilen. De mensen informeerden naar zijn lijden, waarop hij antwoordde: “Ik vrees, dat de godsdienst van Mohammed (sa) zich na mijn dood zal verspreiden.” De leiders van de Qoeraisj antwoordden door te zeggen: “Maak je geen zorgen, wij garanderen dat wij niet zullen toestaan dat zijn godsdienst zich verspreidt.” Al deze voorvallen zijn na de migratie, toen de Heilige Profeet (sa) Mekka had verlaten, verontrust door de vervolging van de Qoeraisj, en men kon denken dat de Qoeraisj de moslims in hun staat zouden laten. Dit was niet alles, integendeel, toen de Qoeraisj merkten dat de Aus en Khazraj weigerden hun bescherming van de Heilige Profeet(sa) op te geven, en men vreesde dat de Islām wortel zou schieten in Medina, trokken zij langs de andere stammen van Arabië en begonnen hen op te hitsen tegen de Moslims. Aangezien de Qoeraisj een duidelijke invloed hadden op de andere stammen van Arabië, vanwege hun bewaking van de Ka’bah, waren om deze reden, op instigatie van de Qoeraisj, vele stammen dodelijke vijanden van de moslims geworden. De staat van Medina was alsof het was omringd door een razend vuur. Als zodanig is de volgende overlevering al vermeld:

“Ubayy bin Ka’b(ra) die tot de vooraanstaande Metgezellen behoorde, vertelt: ‘Toen de Heilige Profeet(sa) en zijn Metgezellen naar Medina migreerden, en de Anṣār hen bescherming gaf, stond op zijn beurt heel Arabië collectief op tegen de moslims. In die tijd deden de moslims zelfs ‘s nachts hun wapens niet af en overdag liepen ze gewapend rond in geval van een plotselinge aanval. Ze zeiden tegen elkaar: “Laten we eens kijken of we nog leven tot we ‘s nachts in vrede kunnen slapen, zonder angst, behalve de angst voor God.”

De staat van het Hoofd der Mensheid zelf was dat:

“In het begin, toen de Heilige Profeet (sa) aankwam in Medina, bleef hij vaak wakker gedurende de nacht in vrees voor een vijandelijke aanval.”

Met betrekking tot hetzelfde tijdperk zegt de Heilige Qur’ān:

“O gij Moslims! En gedenkt den tijd, toen gij weinigen waart en in het land als zwak werd beschouwd, en in voortdurende vrees waart, dat de menschen u zouden wegrukken en u vernietigen. Maar God gaf u onderdak en ondersteunde u met Zijn hulp en opende voor u de deuren van zuivere voorziening. Daarom moeten jullie nu als dankbare dienaren leven.” (8:27)

Dit was de toestand van bedreigingen van buitenaf en zelfs in Medina was de toestand dat tot nu toe een aanzienlijk deel van onder de Aus en Khazraj vasthield aan het polytheïsme. Hoewel zij ogenschijnlijk bij hun broeders en verwanten waren, maar hoe kon men in zulke omstandigheden een polytheïst vertrouwen? Ten tweede waren er de huichelaars, die in het begin de Islām hadden aanvaard, maar in het geheim waren zij vijanden van de Islām, en hun aanwezigheid in Medina vormde een bedreiging. Ten derde waren er de Joden, met wie er weliswaar een verdrag was, maar voor deze Joden was de waarde van dit verdrag niets. Op deze manier waren er dus zelfs in Medina zelf zulke elementen aanwezig, die niet minder waren dan een opslagplaats van verborgen munitie tegen de moslims. Een klein vonkje van de Arabische stammen was genoeg om deze munitie in brand te steken, en de moslims van Medina met één klap te vernietigen. Op dit kwetsbare moment, dat nog nooit eerder een kritieker moment voor de moslims was aangebroken, werd goddelijke openbaring naar de Heilige Profeet (sa) gezonden, dat hij nu ook het zwaard ter hand moest nemen in verzet tegen deze ongelovigen, die het strijdveld tegen hem waren opgegaan, zwaard in de hand, puur uit onrechtvaardigheid en tirannie. Op deze manier werd Jihād door het zwaard aangekondigd.”‘ (The Life & Character of the Seal of Prophets Vol II pp. 54-60)

De eerste keer dat Jihad met het zwaard werd toegestaan

Zijne Heiligheid(aba) zei dat volgens het onderzoek van Hazrat Mirza Bashir Ahmad(ra), het eerste vers betreffende Jihad met het zwaard geopenbaard aan de Heilige Profeet(sa) in 12 Safar 2 AH was. Het is ook vastgelegd in sommige vertellingen dat dit vers werd geopenbaard in de tijd van migratie, omdat de Heilige Profeet(sa) was begonnen met het sturen van gezanten voor de bescherming van Medina tegen echte bedreigingen. In ieder geval was dit de allereerste keer dat de Heilige Profeet (sa) toestemming van God had gekregen om het zwaard op te nemen ter verdediging tegen het verachtelijke onrecht en de wreedheden die hem werden aangedaan. Het vers uit de Koran dat in dit verband werd geopenbaard was:

“Toestemming om te vechten is verleend aan de moslims tegen wie de ongelovigen het zwaard hebben opgenomen, omdat hun onrecht is aangedaan, Zij die onrechtvaardig uit hun huizen zijn verdreven, alleen omdat zij zeiden: “Onze Heer is Allāh” – En als Allāh de Verhevene sommige mensen niet met behulp van anderen had afgeweerd (door toestemming te geven voor een verdedigingsoorlog), dan zouden er zeker kloosters van monniken zijn neergehaald en christelijke kerken en joodse synagogen en moskeeën, waarin de naam van God vaak wordt herdacht. En Allāh de Verhevene zal zeker degene helpen die Hem helpt. Ongetwijfeld is Allāh de Verhevene machtig, machtig.”‘ (22:40-41)

Zijne Heiligheid(aba) zei dat dit niet alleen ter bescherming van de moslims was, maar door het noemen van de gebedshuizen van andere religies, beschermt dit vers ook de rechten en vrijheden van andere religies.

Vier strategieën ingezet tijdens de vijandelijkheden tegen de moslims

Zijne Heiligheid(aba) citeerde verder Hazrat Mirza Bashir Ahmad(ra) die de eerste vier strategieën schrijft die gebruikt werden door de Heilige Profeet(sa):

EERSTE: De Heilige Profeet(sa) begon naar nabijgelegen stammen te reizen en vredesverdragen met hen te sluiten, zodat de omliggende regio van Medina vrij van dreiging zou worden. In dit opzicht gaf de Heilige Profeet(sa) speciale aandacht aan die stammen die dicht bij de Syrische handelsroute van de Qoeraisj lagen. Zoals iedereen kan begrijpen, waren het juist deze stammen van wie de Qoeraisj van Mekka het meeste voordeel tegen de moslims hadden kunnen behalen en wiens vijandschap tot ernstige bedreigingen voor de moslims had kunnen leiden.

TWEEDE: De Heilige Profeet (sa) begon kleine compagnieën uit te zenden om inlichtingen te verkrijgen in verschillende richtingen vanuit Medina, zodat hij op de hoogte kon blijven van de bewegingen van de Qoeraisj en hun bondgenoten; en de Qoeraisj begrepen ook dat de moslims niet onoplettend waren, zodat Medina op deze manier gevrijwaard kon blijven van de gevaren van plotselinge aanvallen.

DERDE: Een andere wijsheid in het zenden van deze partijen was zodat de zwakke en arme moslims van Mekka en de omliggende gebieden door deze middelen een kans konden vinden om zich bij de moslims van Medina aan te sluiten. Tot nu toe waren er veel mensen in de regio van Mekka die moslims in hart en nieren waren, maar niet in staat waren om openlijk hun geloof in de Islām te belijden vanwege de wreedheden van de Qoeraisj. Bovendien konden zij vanwege hun armoede en zwakte ook niet migreren, omdat de Qoeraisj zulke mensen met geweld van migratie zouden weerhouden…

VIERDE: De vierde strategie die de Heilige Profeet (sa) gebruikte was dat hij de handelskaravanen van de Qoeraisj begon te onderscheppen die van Mekka naar Syrië reisden en onderweg Medina passeerden. De reden hiervoor was dat ten eerste deze karavanen een vuur van vijandschap tegen de moslims zouden aanwakkeren, waar ze ook heen reisden. Het is duidelijk dat het zaaien van vijandschap in de omgeving van Medina extreem gevaarlijk was voor de moslims. Ten tweede, deze karavanen zouden altijd gewapend zijn en iedereen kan begrijpen dat het passeren van zulke karavanen zo dicht bij Medina niet zonder gevaar was. Ten derde was het levensonderhoud van de Qoeraisj voornamelijk afhankelijk van de handel. Daarom was in deze omstandigheden het belemmeren van hun handelsroute het meest definitieve en effectieve middel om de Qoeraisj te onderwerpen, een einde te maken aan hun wreedheden en hen tot verzoening te dwingen. Als zodanig getuigt de geschiedenis van het feit dat onder de factoren die de Qoeraisj uiteindelijk tot verzoening dwongen, het onderscheppen van deze handelskaravanen een uiterst centrale rol speelde. Dit was dus een uiterst schrandere strategie die op het juiste moment vruchten afwierp. Ten vierde werd de opbrengst van deze karavanen van de Qoeraisj meestal besteed aan pogingen om de Islām te elimineren. Integendeel, sommige karavanen werden zelfs gestuurd met als enige doel dat hun gehele winst gebruikt zou kunnen worden tegen de Moslims. In dit geval kan ieder individu begrijpen dat het onderscheppen van deze karavanen op zichzelf een absoluut legitiem motief was.’The Life & Character of the Seal of Prophets Vol II pp. 90-92)

Zijne Heiligheid(aba) zei dat dit onderwerp in toekomstige preken zou worden voortgezet.

Begrafenisgebeden

Zijne Heiligheid(aba) zei dat hij de begrafenisgebeden zou leiden van de volgende overleden leden:

Khawaja Muniruddin Qamar uit het Verenigd Koninkrijk, die op 27 mei 2023 is overleden. Hij was de kleinzoon van een metgezel van de Beloofde Messias(as). In feite zag de Beloofde Messias(as) zijn vader ook toen hij erg jong was. Zijn vader was de eerste centrale voorzitter van Majlis Khuddamul Ahmadiyya (Ahmadiyya Moslim Jeugd Vereniging). Khawaja Muniruddin Qamar had de eer om de Adhan (oproep tot gebed) op te roepen in de Fazl Moskee in het Verenigd Koninkrijk ten tijde van de Vierde Kalief. Hij was ook voorzitter van de lokale afdeling van de Fazl Moskee en Putney. Na zijn pensionering wijdde hij zijn leven aan de dienst van de Islam en bekleedde verschillende functies. Hij werkte op kantoor tot een dag voor zijn overlijden. Hij bezat vele grote en deugdzame kwaliteiten. Hij wordt overleefd door zijn vrouw, twee zonen en twee dochters. Hij was ook de oom van moederszijde van de Nationale President van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap UK. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah de Almachtige hem vergiffenis en barmhartigheid moge schenken en zijn stand verheffen.

Dr Mirza Mubashar Ahmad was de kleinzoon van de Tweede Kalief (ra). Na zijn studie in Pakistan werkte hij enige tijd in Rabwah, waarna hij naar Londen reisde om aan het Royal College of Surgeons Edinburgh te studeren. Hij had zijn leven gewijd aan de dienst van de Islam en keerde daarom terug naar Pakistan, waar hij ongeveer 50 jaar in het Fazle Umar Ziekenhuis werkte. Hij werd ook benoemd tot lid van de Waqf-e-Jadid Board door de Vierde Kalief (rh), een functie die hij bleef bekleden tot aan zijn dood. Hij zorgde altijd voor zijn familieleden. Hij had ook de mogelijkheid om de ouderen in zijn familie te dienen en te behandelen, samen met het behandelen van anderen die minder fortuinlijk waren. Hij gaf ook financiële hulp aan meisjes om een opleiding te volgen en hielp zelfs bij het financieren van hun huwelijken. Hij had een diepe band met de Kaliefen. Niet alleen was hij tijdens zijn leven verwant met de Kaliefen, maar hij toonde ook altijd groot respect en eerbied voor hen. Zijne Heiligheid(aba) zei dat ondanks dat hij ouder was, Dr Mirza Mubashar Ahmad hem altijd met groot respect behandelde. Tijdens zijn laatste ziekte vroeg de Vierde Kalief om Dr Mirza Mubashar Ahmad, die onmiddellijk naar hem toe reisde en bij hem bleef tot aan zijn dood. Hij zou vaak reizen om de Vierde Kalief(rh) te helpen behandelen tijdens een periode van ziekte. Er wordt gezegd dat zelfs niet-Ahmadi’s en tegenstanders van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap hem in het geheim bezochten om zich te laten behandelen. Er was een kleine lepel die de Beloofde Messias tijdens zijn ziekte gebruikte om medicijnen in te nemen. Deze zelfde lepel kwam in het bezit van Dr Mirza Mubashar Ahmad, die hij soms omwille van de zegeningen gebruikte tijdens het geven van medicijnen aan sommige van zijn patiënten. Zijn afwezigheid is zeer gevoeld door iedereen, zowel Ahmadi’s en niet-Ahmadi’s als het ziekenhuispersoneel en vele anderen. Veel mensen schreven Zijne Heiligheid(aba) over de geweldige relaties die hij met iedereen onderhield. Zijne Heiligheid(aba) zei dat degenen die na hun dood gecomplimenteerd worden, bestemd zijn voor de Hemel. Zijne Heiligheid(aba) bad dat dit waar zou blijken te zijn in het geval van Dr Mirza Mubashar Ahmad. Zijne Heiligheid(aba) bad dat moge Allah de Almachtige hem vergiffenis en genade schenken en hem een plaats onder Zijn geliefden schenken.

Syeda Amatul Basit was de vrouw van Syed Mahmood Ahmad Basit. Ze was de dochter van Syed Abdul Razzaq Shah en het nichtje van Hazrat Umm Tahir. Ze was regelmatig in het aanbieden van gebeden, waaronder Tahajjud (vrijwillig gebed voor zonsopgang). Ze stond altijd vooraan om de armen te helpen. Ze is overleefd door haar man, een zoon en twee dochters. Ze was geliefd bij iedereen en had een diepe liefde voor het Kalifaat. Ze uitte nooit haar eigen pijn en richtte zich in plaats daarvan op het dienen van de armen en de mensheid, of dat nu was door hen fysiek te dienen, voor hen te bidden of aalmoezen te geven. Ze was erg biddend en had een sterke band met God. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah haar vergiffenis en barmhartigheid moge schenken, haar status mocht verhogen en haar kinderen in staat mocht stellen de erfenis van haar deugden voort te zetten.

Sharif Ahmad Bandesha van Faisalabad, Pakistan. Zijn zoon, Rahmatullah Bandesha, is missionaris. Hij was lange tijd de plaatselijke voorzitter van de gemeenschap in zijn dorp. Hij bezat vele grote kwaliteiten. Hij had een hoog gebedsniveau, diende de armen en onderhield goede relaties met zijn familie en alle anderen. Hij is overleefd door vijf zonen en drie dochters. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah de Almachtige hem vergiffenis en barmhartigheid moge schenken, zijn stand verheffen en zijn kinderen in staat stellen om de erfenis van zijn deugden voort te zetten.

Samenvatting vrijdagpreek door de Ishaat team MKA NL. De Ishaat team neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek

De unieke band tussen kalief en gemeenschap tot stand gebracht door God | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 26 Mei 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al- Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat toen Allah de Almachtige de Beloofde Messias (as) informeerde dat zijn overlijden nabij was, liet de Beloofde Messias (as) zijn Gemeenschap weten dat God Zijn macht op twee manieren manifesteert; een door profeten, en de tweede na het overlijden van de profeten, wanneer mensen denken dat de profeet heeft gefaald en hun gemeenschap heeft gefaald, en ze daarom de gemeenschap bespotten.

Hoe de almachtige God zijn macht manifesteert na het overlijden van profeten

Zijne Heiligheid (aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias (as) die zei dat de tegenstanders van de Islam verheugd waren over de dood van de Heilige Profeet (vzmh), terwijl de Metgezellen in grote nood en verdriet verkeerden. Echter, God manifesteerde Zijn macht door Hazrat Abu Bakr (ra) aan te stellen en de kracht van de Islam werd zichtbaar. Op deze manier vervulde God Zijn belofte: “… en Hij zal voor hen het geloof bevestigen dat Hij voor hen heeft gekozen en Hij zal hun staat van angst veranderen in vrede.”

Zijne Heiligheid (aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias (as) die zei dat hetzelfde gebeurde in de tijd van Mozes (as). Toen Mozes (as) stierf tussen Egypte en Kanaän, voordat hij de Israëlieten kon helpen hun bestemming te bereiken, was er veel verdriet onder de Israëlieten. De Thora beschrijft dat ze veertig opeenvolgende dagen huilden. Het is echter altijd de praktijk van God geweest om twee manifestaties van Zijn macht te tonen om de valse vreugde van de tegenstanders te vernietigen. Als dit zo was, dan zei de Beloofde Messias (as) dat hetzelfde het geval zou zijn na zijn dood, en dat er een tweede manifestatie na hem zou zijn die tot het einde der dagen zou duren. God beloofde de Beloofde Messias (as) dat zijn Gemeenschap zou zegevieren tot de Dag des Oordeels. Hoewel het de laatste dagen zijn en de tekenen van het einde van de wereld zich blijven manifesteren, zal God de wereld niet laten vernietigen totdat deze belofte van Hem is vervuld.

De belofte van een tweede manifestatie van macht na de beloofde Messias (as)

Zijne Heiligheid (aba) bleef de Beloofde Messias (as) citeren die zei dat hij een manifestatie van Gods macht was, en dat er na hem anderen zouden zijn die de tweede manifestatie van Gods macht zouden zijn. Dit was zodat de hele wereld de boodschap van Gods eenheid kon overbrengen en zelf verenigd kon worden. Zijne Heiligheid (aba) zei dat het zo was dat na het overlijden van de Beloofde Messias (as) God de Eerste Kalief, Hazrat Hakim Maulwi Nooruddin (ra) aanstelde. Sommigen waren van mening dat na de Beloofde Messias (as) de Anjuman zijn opvolger zou moeten zijn, maar de Eerste Kalief (ra) maakte een beslissend einde aan deze opstand. Na hem gaf God opdracht aan de tweede kalief, Hazrat Mirza Bashiruddin Mahmud Ahmad (ra) . Er waren mensen die dachten dat ze geleerder waren dan hij en probeerden in opstand te komen. Ze probeerden zelfs de verkiezing van de kalief uit te stellen. God zorgde er echter voor dat al hun inspanningen volledig werden gefrustreerd en dat het kalifaat sterker dan ooit standhield, met zijn tijdperk van kalifaat dat meer dan 50 jaar besloeg. Toen, na zijn overlijden, gaf God opdracht aan de derde kalief, Hazrat Mirza Nasir Ahmad (rh). Toen, volgens Gods wil, de derde kalief (rh) stierf, stelde God Hazrat Mirza Tahir Ahmad (rh) aan als de vierde opvolger van de Beloofde Messias (as). Na het overlijden van de Vierde Kalief (rh) verhief God Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) tot de rang van Kalief.

De liefdesband tussen de kalief en zijn gemeenschap

Zijne Heiligheid (aba) zei dat God de belofte vervulde die Hij deed aan de Beloofde Messias (as) en zijn Gemeenschap bleef leiden naar de wegen van succes. Zijne Heiligheid (aba) zei dat in dit tijdperk van zijn Kalifaat de tegenstanders hebben geprobeerd onenigheid te creëren en hebben geprobeerd een einde te maken aan de Gemeenschap. Ahmadi’s zijn in verschillende landen over de hele wereld gemarteld of hebben de verlokking van wereldse dingen gevonden. God is echter doorgegaan met het versterken van Ahmadi’s in hun geloof, zekerheid en relatie met het kalifaat. Of het nu in Azië, Europa, Amerika of Afrika is, ieders relatie met het kalifaat is door God tot stand gebracht. Er is niemand anders dan God die zo’n liefde kan creëren in de harten van mensen. Zijne Heiligheid (aba) zei dat waar hij ook gaat, in de wereld, hij deze liefde in de mensen ziet. In feite zijn deze dingen niet alleen claims, maar deze getuigenissen zijn bewaard gebleven door de lenzen van een camera.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij duizenden brieven per maand ontvangt die laten zien hoe God mensen aan de Gemeenschap hecht en Zelf een band van liefde tot stand brengt tussen hen en het Kalifaat. Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij enkele voorbeelden van dergelijke brieven zou geven.

Wonderbaarlijke voorbeelden van God die mensen naar Ahmadiyyat trekt

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in Tanzania een vrouw naar de moskee kwam met verzoek om gebed. Ze zei dat ze dromen zag waarin ze een man met een lange baard en tarweachtige huidskleur had gezien. Toen ze kennismaakte met de gemeenschap en de leringen van de Beloofde Messias (as) , besefte ze dat de persoon die ze in haar droom had gezien ofwel de Beloofde Messias (as) ofwel de Tweede Kalief (ra) was. Toen ze dit besefte, accepteerde ze Ahmadiyyat samen met haar familie.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in Indonesië een persoon bij de moskee aankwam om Ahmadiyyat te accepteren. Hij legde uit dat hij een moeilijk leven leidde. In een moeilijke tijd zag hij dat hij een ouderling ontmoette die een witte tulband droeg. Deze ouderling vertelde hem in de droom om veertig dagen lang aalmoezen te geven. Dat deed hij en op de twintigste dag was zijn probleem verholpen. Toen, na ongeveer drie maanden, zag hij dezelfde ouderling weer die hem meenam naar een berg om wat fruit te eten. De oude man vertelde hem in de droom om deze droom alleen te vertellen aan degenen die vroom zijn. Bij het zien van een foto van de kaliefen, wees hij naar de vierde kalief (rh) , hij zei dat dit de oude man was die een witte tulband droeg die hij in zijn droom zag, en hij accepteerde Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in Kameroen een jonge man twee ouderlingen in zijn droom zag. Een van hen vroeg wat hij aan het doen was, waarop hij antwoordde dat hij ritten aan mensen op zijn motor gaf en zo de kost verdiende. De ander zei hem zijn motor achter te laten en hier te komen bidden. Een paar dagen later zag hij iemand pamfletten uitdelen op de markt. Hij nam het pamflet en toen hij het las, zag hij de Beloofde Messias (as) en besefte dat dit een van de ouderlingen was die hij in de droom had gezien. Toen hij verder onderzoek deed en foto’s van de kaliefen zag, realiseerde hij zich dat de andere man Zijne Heiligheid (aba) was, die hem zei te bidden. Hij accepteerde Ahmadiyyat en werd zelfs de imam van zijn dorp, wat volgens hem te danken is aan de zegeningen van Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er in Kenia een kleine stad is die overwegend christelijk is, met 520 kerken en slechts één enkel centrum van de Ahmadiyya-gemeenschap. Op een dag kwam er een man naar de Ahmadiyya moskee en kreeg meer informatie over de gemeenschap. Hij realiseerde zich dat deze gemeenschap andere opvattingen had dan de zijne, maar hem werd aangeboden om naar de moskee te komen wanneer hij maar wilde. Op een dag was MTA tijdens een bezoek op tv en speelde een preek van Zijne Heiligheid (aba) . Toen hij ernaar luisterde, zei hij dat hij Ahmadiyyat wilde aanvaarden. Toen hem werd gevraagd waarom hij van gedachten was veranderd, zei hij dat hij de vorige dag, toen hij wakker werd en naar buiten ging, opkeek en een schijnend licht zag. Hij zei dat bij het zien van de preek van Zijne Heiligheid (aba) , wat hij zag vervuld was en dus accepteerde hij Ahmadiyyat samen met zijn familie. Zo werd het hart van een tegenstander veranderd.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat een vrouw uit Paraguay zegt dat haar reis naar de Islam begon tijdens de Covid-pandemie. Ze besloot dat ze een nieuwe taal moest gaan leren, dus begon ze online Arabische lessen te volgen. Door deze lessen leerde ze over de Islam en begon ze zelf meer onderzoek te doen. Op een dag zag ze een bericht op FaceBook over een evenement genaamd ‘Koffie, cake en Islam’. Ze schreef zich in en ging naar het evenement waar ze de missionaris en zijn vrouw ontmoette. Aanvankelijk had ze wat bedenkingen en dacht ze dat alleen Arabieren een moskee mochten betreden, maar ze leerde veel, waaronder dat de Islam leert dat er geen dwang is in religie en dat de Islam een religie van vrede is. Ze bleef in contact met de vrouw van de imam en stelde haar vaak vragen en nam zelfs deel aan de wekelijkse lessen. Ze streefde er ook naar om de hele Salat (formeel gebed) te leren. Op een dag, terwijl zij alles wat ze had geleerd aan haar man vertelde, stelde hij voor dat ze moslim zou worden. Ze studeerde nog wat, stelde vragen en luisterde naar de preken van de kalief en als resultaat accepteerde ze na enige tijd Ahmadiyyat. Een paar maanden later accepteerde haar man ook Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in Sierra Leone een man was uitgenodigd om te luisteren naar de preek van Zijne Heiligheid (aba) . Hij kwam samen met zijn familie om naar de preek te luisteren. Toen hij het hoorde, was hij zo onder de indruk dat hij Ahmadiyyat accepteerde. Nu is hij een actief lid van de gemeenschap geworden, waarbij hij onder andere hielp bij de renovatie van de moskee en vaak vrijwillig vast.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in Bangladesh een jonge man werd voorgesteld aan de Ahmadiyya- gemeenschap en dat hij de moskee bezocht om te luisteren naar de preken van Zijne Heiligheid (aba). Dit beïnvloedde hem zodanig dat hij Ahmadiyyat accepteerde, maar zijn vrouw had Ahmadiyyat nog niet geaccepteerd. Het echtpaar had nog geen kinderen en daarom stelde de man aan zijn vrouw voor om een brief aan de kalief te schrijven met het verzoek om gebed. Het was daarna dat ze zwanger werd. Ze was ontroerd en dacht dat het vanwege de gebeden van de kalief was dat deze zegening aan hen was geschonken en daarom accepteerde ook zij Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er in Mali een man betrokken was bij een ongeluk waarbij zijn benen gebroken waren. Ondanks vele pogingen en verschillende methoden, wilden zijn benen niet genezen. Op een dag zag hij Zijne Heiligheid, de Vijfde Kalief (aba) in een droom, die voortdurend voor hem bad en in de droom antwoordde hij door Ameen te zeggen. Toen hij wakker werd, zei hij Ameen en streek met zijn handen over zijn benen. Hierna begonnen zijn benen langzaam te genezen en nu zou niemand ooit kunnen zeggen dat zijn benen gebroken waren. Zijne Heiligheid (aba) zei dat dit is hoe God banden tot stand brengt tussen mensen en de kalief (aba).

Zijne Heiligheid (aba) zei dat zelfs niet-Ahmadi’s beïnvloed worden door het Kalifaat. In Congo-Kinshasa heeft de Gemeenschap een radiostation waarop de preken van Zijne Heiligheid (aba) worden uitgezonden. Op een dag kwam er een dokter naar de gemeenschap die zei dat hij regelmatig naar de preken luisterde en vroeg om ze te vertalen in de lokale taal zodat steeds meer mensen naar deze preken konden luisteren. Daarom zijn de zegeningen verbonden aan het kalifaat zo krachtig dat zelfs niet-Ahmadi’s aanmoedigen om de boodschap van de kalief te verspreiden onder zoveel mogelijk mensen. Zijne Heiligheid (aba) zei dat zij op een dag ook de waarheid van Ahmadiyyat zullen erkennen en accepteren.

(Dit zijn slechts enkele voorbeelden van de verschillende incidenten die zijn gepresenteerd door Zijne Heiligheid (aba).)

Niets kan de voortgang van Ahmadiyyat belemmeren onder leiding van Kalifaat

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de belofte die God deed aan de Beloofde Messias (as) over de zegeningen die het Kalifaat zouden vergezellen, wordt vervuld op magnifieke en mysterieuze manieren die niet door de menselijke geest kunnen worden begrepen. Als deze incidenten, de door God gezonden tekenen, de hulp die het Ahmadiyya-kalifaat vergezelde en de Beloofde Messias (as) die in dienst van de Heilige Profeet (vzmh) kwam om de wereld te verenigen, niet allemaal bewijzen zijn van waarachtigheid, wat dan wel? Het is alleen de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap die, onder het Kalifaat, werkt aan het bevorderen van het succes en de verspreiding van de Islam. Het succes waarvan deze gemeenschap getuige is, is een duidelijk bewijs van Gods hulp. Degenen die ervoor kiezen blind te blijven, kunnen en zullen echter nooit zien. Als God het wil, in overeenstemming met Gods belofte, zal de opvolging volgens de voorschriften van het profeetschap, die begon met de Beloofde Messias (as, , voortduren tot het einde der tijden. Er is geen vijand die dit kan verhinderen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat we er voortdurend naar moeten streven ons geloof te vernieuwen en versterken, onszelf gehecht te houden aan het Ahmadiyya-kalifaat en er nooit voor terugdeinzen offers te brengen om de continuïteit ervan te verzekeren. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah de Almachtige ons in staat zou stellen dit te doen.

Samenvatting vrijdagpreek door de Ishaat team MKA NL. De Ishaat team neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek

Vooruitgang van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap in het aangezicht van oppositie | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 19 Mei 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad(aba) dat terwijl hij de zegeningen van God over deze Gemeenschap en haar vooruitgang noemde, de Beloofde Messias(as) zei dat het een groot wonder is dat ondanks grote tegenstand, deze Gemeenschap blijft gedijen en vooruitgang boekt.

Zijne Heiligheid(aba) citeerde de Beloofde Messias(as) die zei dat de tegenstanders dag en nacht samenzweren en plannen beramen om de vooruitgang van deze Gemeenschap te stoppen en tegen te houden, maar toch blijft God onze Gemeenschap de overwinning en het succes schenken. Wat is de wijsheid hierachter? Het is dat wanneer God iemand opdraagt, die persoon en zijn gemeenschap dag na dag vooruitgang zien en hun tegenstanders dag na dag falen en uiteindelijk aan een vernederend einde komen. Ongeacht de inspanningen van de tegenstanders, een door God begonnen beweging kan door niemand worden tegengehouden.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat we de vervulling van de woorden van de Beloofde Messias(as) dagelijks zien. De tegenstanders hebben zelfs georganiseerde pogingen gedaan om deze gemeenschap te verstikken, maar toch blijft de gemeenschap zich over de hele wereld verspreiden in overeenstemming met Gods belofte aan de Beloofde Messias(as): “Ik zal uw boodschap de hoeken van de aarde doen bereiken”. De tegenstanders beseffen niet dat zij in werkelijkheid tegen God staan, wat alleen maar tot hun eigen vernietiging kan leiden, aangezien God zijn uitverkorenen helpt. Wij zien voorbeelden van Gods hulp, zelfs in verre landen, die mensen doorgaans alleen met grote moeite kunnen bereiken. De tegenstanders spannen zich in om rijkdom en leven te schaden, maar uiteindelijk worden zij altijd gefrustreerd.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat het niet mogelijk is om alle voorbeelden van Gods hulp over de hele wereld te omvatten, echter, Zijne Heiligheid(aba) zei dat hij enkele voorbeelden zou noemen van de vooruitgang van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap.

Ongelooflijke voorbeelden van het streven van de gemeenschap, ondanks tegenstand

Zijne Heiligheid(aba) zei dat sommige mensen zich tegen deze gemeenschap verzetten vanwege een gebrek aan kennis. Wanneer zij de realiteit leren kennen, aanvaarden zij de waarheid. Er is een dergelijk incident uit Congo-Kinshasa waarbij een persoon bekend stond om zijn verzet tegen de Gemeenschap. Toen echter het standpunt van de Gemeenschap over de dood van Jezus(as) en de komst van de hedendaagse Messias werd uitgelegd, begreep hij het niet alleen, maar aanvaardde hij de boodschap van de Beloofde Messias(as). In feite bracht hij ook zes leden van zijn familie mee om Ahmadiyyat te accepteren.

Zijne Heiligheid(aba) gaf een voorbeeld uit Gambia waar enkele leden erop uit trokken om de boodschap van de Beloofde Messias(as) en de ware leer van de Islam over te brengen. Toen zij de tien voorwaarden van bai’at (eed van trouw) aan een klein dorp overbrachten, waren zij verbaasd en beseften zij dat deze voorwaarden werkelijk de ware Islam vertegenwoordigden, waardoor zij Ahmadiyyat accepteerden omdat zij zagen dat het de ware Islam was. Zij accepteerden ook dat alleen Ahmadiyyat de wereld van de ondergang kon redden. Dus, na een lange discussie en vraag en antwoord sessie, accepteerden meer dan 200 mensen Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid(aba) presenteerde een ander voorbeeld uit Afrika, waar een team van leden naar een stad ging om de boodschap van Islam Ahmadiyyat te verspreiden. Terwijl ze in de moskee zaten en nog bezig waren met het formuleren van een plan, kwamen enkele leden van de stad naar de moskee om hen uit te nodigen naar hun stad omdat ze hadden gehoord dat de gemeenschap jonge kinderen leert hoe ze de Heilige Koran moeten reciteren. Daarom ging dit team de volgende dag naar de stad en ontmoette de mensen, en na hen te hebben geïnformeerd over de ware leer van Islam Ahmadiyyat, accepteerden de mensen van de stad Ahmadiyyat en brachten vervolgens de kinderen van de stad mee, zodat zij de Heilige Koran konden leren.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat het Ahmadi’s in Pakistan verboden is de Heilige Koran te reciteren. In feite werd een Ahmadi gearresteerd omdat hij alleen maar naar de Heilige Koran luisterde. Toch zijn er in andere delen van de wereld mensen die hun kinderen naar de gemeenschap brengen zodat zij de Heilige Koran kunnen leren, omdat het de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap is die de ware kennis van de Heilige Koran bezit.

Zij die Ahmadiyyat verlaten kunnen haar geen kwaad doen

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er ook mensen zijn die de gemeenschap verlaten uit persoonlijke hebzucht of angst, en dan denken dat ze de gemeenschap zullen beëindigen, maar hun gedachten hebben een averechts effect en de gemeenschap blijft vooruitgaan. De meerderheid van een stad in Ivoorkust had in 2008 Ahmadiyyat aanvaard en er was daar zelfs een kleine moskee. Enige tijd later ontwikkelde de plaatselijke imam echter verkeerde gedachten en verliet de gemeenschap, nam de moskee over en probeerde anderen ervan te overtuigen de gemeenschap ook te verlaten. De leden van de gemeenschap bleven echter standvastig. In de tussentijd, toen die plaatselijke imam de plaatselijke moskee had overgenomen, gebruikten de leden van de gemeenschap wat plastic platen en stukken hout als een provisorische moskee. Nu is de gemeenschap gezegend met een prachtige moskee van twee verdiepingen, die veel mooier is dan de moskee die door de plaatselijke imam was overgenomen. Terwijl in Pakistan Ahmadi-moskeeën worden ontheiligd, schenkt God de gemeenschap overal ter wereld nieuwe moskeeën.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat er momenten zijn waarop God zelf de harten doet accepteren en neigen naar Ahmadiyyat. In Belize zag een vrouw van de Methodistenkerk hoe de moskee werd gebouwd, en de gedachte kwam bij haar op dat zij dit geloof moest aanvaarden. Toen de moskee klaar was, vertelde ze haar vrienden dat haar hart haar zei naar die moskee te gaan en hun geloof te aanvaarden. Haar vrienden vertelden haar dat er een andere moskee dichter bij haar huis was en dat ze daarheen kon gaan. Zij antwoordde dat God het specifiek in haar hart had gelegd over Ahmadiyyat en het feit dat zij waarheidsgetrouw zijn. Toen ze leerde over de leer van Ahmadiyyat, werd ze emotioneel omdat ze naar zo’n gemeenschap was geleid.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat God ook degenen leidt die zich tegen de gemeenschap verzetten op basis van een gebrek aan kennis. Toen er in Gambia een moskee werd gebouwd, werd de persoon die de ramen installeerde erg blij toen hij wist dat hij zou helpen bij de bouw van een prachtige moskee. Toen hij echter vernam dat deze moskee toebehoorde aan de Ahmadiyya-gemeenschap brak hij alle ramen en verwondde daarbij zelfs zichzelf. Later zei hij echter dat hij een droom zag waarin hij op zee verdronk toen een schip hem kwam redden, met aan boord de Amir en Missionaris van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap. Als gevolg daarvan ging hij naar het plaatselijke missiehuis en aanvaardde Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat de middelen voor de leiding van mensen soms op mysterieuze wijze plaatsvinden. Een man reisde van Marokko naar Sao Tome en vroeg of er een moskee in Sao Tomé was, en men vertelde hem over de Ahmadiyya moskee. Hij bood daar het vrijdaggebed aan, waarna een proces begon van vragen en antwoorden, het lezen van de literatuur van de gemeenschap en het bekijken van MTA terwijl hij daar was. Toen hij enige tijd later terugkeerde, vroeg hij om het bai’at formulier, dat hij innam en vervolgens ondertekende. Er werd hem gezegd dat hij wat tijd moest nemen om verder na te denken alvorens deze stap te zetten. Hij antwoordde dat hij de hele nacht had gebeden, en dat hij niet langer kon wachten om de Imam van het Tijdperk te aanvaarden. Hij zei dat hij niet gaf om tegenstand van andere moslims, want wat is er beter dan je leven te verliezen terwijl je de waarheid hebt aanvaard als het zover zou komen?

Zijne Heiligheid(aba) zei dat een persoon uit Oezbekistan iemand zocht om hem de Heilige Koran te leren. Toevallig was de leraar die hij vond een Ahmadi. Na wat discussies en overpeinzingen accepteerde die man Ahmadiyyat. Zijne Heiligheid(aba) zei dat het feit dat zijn leraar uitgerekend een Ahmadi was geen toeval was, maar dat zulke voorbeelden over de hele wereld te vinden zijn.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat een Imam in Afrika een prachtige moskee zag en vroeg van wie deze was. Toen hij hoorde dat het een moskee was die was gebouwd door de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap, begon hij vragen te stellen en leerde hij meer over de Gemeenschap. Toen hij naar het bai’at formulier vroeg, werd hij tot tranen toe bewogen en zei dat hij spijt had van zijn leven vóór Ahmadiyyat, omdat hij zulke valse dingen had gehoord over de Gemeenschap waarin hij geloofde. Maar nu hij het met eigen ogen had gezien, besefte hij dat de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap waar en oprecht is. Dus accepteerde hij Ahmadiyyat.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat er talloze voorbeelden zijn van de vervulling van de belofte die God aan de Beloofde Messias(as) heeft gedaan. De tegenstanders doen wat ze kunnen, maar God biedt zijn bescherming en blijft de vooruitgang van deze gemeenschap verzorgen. Hoewel we dankbaar moeten zijn, moeten we ook onszelf analyseren en onze praktische omstandigheden verbeteren. Wij moeten ook onze toekomstige generaties bijbrengen dat, hoewel er beproevingen kunnen zijn, dit de ware Gemeenschap is die uiteindelijk zal zegevieren.

Begrafenisgebeden

Zijne Heiligheid(aba) zei dat hij de begrafenisgebeden zou leiden van de volgende overleden leden:

Parveen Akhtar die de vrouw was van Ghulam Qadir. Zij is onlangs overleden en wordt overleefd door drie zonen en vier dochters. Een van haar zonen is missionaris in Benin. Ze werd geboren in Qadian en bracht een groot deel van haar jeugd door in de aanwezigheid van Hazrat Amman Jaan(ra). Na haar huwelijk werden zij en haar man geconfronteerd met moeilijke omstandigheden vanwege hun geloof, maar zij bleven vastberaden in hun geloof. Ze leerde veel meisjes en vrouwen in haar omgeving de Heilige Koran te reciteren. Ze moedigde altijd de opvoeding van meisjes aan. Ze was voorbeeldig in het tonen van geduld, iets wat ze toeschreef aan het leren van Hazrat Amman Jaan(ra). Ze vertelde haar zoon dat zelfs als hij niet de hoogste positie in zijn studie bereikte, dat dat prima was, maar dat hij altijd de hoogste positie moest bereiken in gehoorzaamheid aan de Imam van dat moment. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah haar vergeving en genade mocht schenken en haar gebeden voor haar kinderen mocht aanvaarden.

Mumtaz Waseem die de vrouw was van Chaudhary Nasir Ahmad Waseem. Zij is onlangs overleden. Haar zoon dient als missionaris in Zambia. Ze was erg aardig, liefhebbend en geliefd bij iedereen. Ze eerde de gemeenschap en Khilafat. Ze schreef regelmatig brieven naar Zijne Heiligheid. Ze bad regelmatig en reciteerde de Heilige Koran. Ze leerde ook kinderen de Heilige Koran samen met seculiere kennis. Ze doorstond een lange periode van ziekte met veel geduld. Twee van haar zonen hebben hun leven gewijd aan de dienst van de Gemeenschap. Ze wordt overleefd door vijf zonen en een dochter. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah haar vergiffenis en genade moge schenken en haar positie mag verhogen en haar gebeden voor haar kinderen mag aanvaarden.

Brigadier Munawwar Ahmad Rana die secretaris-generaal van de Gemeenschap was in Rawalpindi. Hij hield van de Gemeenschap en was vastberaden in zijn geloof. Hij diende de Gemeenschap in verschillende hoedanigheden. Hij hield veel van Khilafat en was altijd gehoorzaam. Hij stond altijd klaar om mensen in nood te helpen. Hij wordt overleefd door zijn moeder, twee vrouwen, vier dochters en een zoon. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem vergeving en genade moge schenken. 

Group Captain (Retired) Abdul Shakoor Malik uit Dallas, USA die onlangs is overleden. Hij diende als ingenieur en vervolgens als Group Captain (Kolonel) in de Pakistaanse luchtmacht. Ondanks tegenstand in het leger heeft hij nooit zijn identiteit als Ahmadi verborgen. Na zijn pensionering was hij altijd bereid om de gemeenschap te dienen in welke hoedanigheid dan ook van hem gevraagd werd. Hij leerde altijd om geduldig te blijven en moedigde zijn kinderen aan om altijd brieven te schrijven naar Zijne Heiligheid. Hij onderwees het geven van aalmoezen en zei dat dit zegeningen zou brengen voor iemands vermogen. Hij wordt overleefd door drie dochters en een zoon. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah hem vergeving en genade moge schenken en zijn gebeden voor zijn nageslacht mag aanvaarden.

Samenvatting vrijdagpreek door de Ishaat team MKA NL. De Ishaat team neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek

De betekenis van Majlis-e-Shura en wederzijds overleg | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 12 Mei 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al- Fatihah, reciteerde Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) het volgende vers:

“Door de barmhartigheid van Allah zijt gij (de Profeet) zachtmoedig jegens hen (gelovigen); als gij ruw en hardvochtig waart geweest zouden zij zich zeker uit uw omgeving hebben verwijderd. Vergeef hen daarom en vraag voor hen vergiffenis en raadpleeg hen in belangrijke zaken en wanneer gij vastbesloten zijt, leg dan uw vertrouwen in Allah. Voorzeker, Allah heeft degenen lief die vertrouwen in Hem hebben.” (De Heilige Koran 3:160)

Het belang van de instelling van Shura

Zijne Heiligheid (aba) zei dat verschillende landen deze dagen hun Majlis-e-Shura (bijeenkomst van het overlegorgaan) houden. Zijne Heiligheid (aba) zei dat hoewel hij gesproken heeft over het belang van Shura en de verantwoordelijkheid van afgevaardigden, hij het gepast achtte om opnieuw over het onderwerp te spreken omdat het een paar jaar geleden is, ter herinnering in het licht van de geboden van God, de Heilige Profeet (sa) en de traditie van de Gemeenschap.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat zelfs in landen waar de Shura al heeft plaatsgevonden, de afgevaardigden nog steeds hun voordeel kunnen doen met dit advies, omdat hun verantwoordelijkheden voortduren nadat de Kalief van de Tijd hun voorstellen heeft goedgekeurd om de uitvoering ervan te verzekeren.

Volledig vertrouwen moet op God worden gesteld

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij bepaalde aspecten zou benadrukken in het licht van het vers dat hij in het begin reciteerde samen met het voorbeeld van de Heilige Profeet (sa). In het vers getuigt Allah de Almachtige van het feit dat de Heilige Profeet (sa) buitengewoon teder was jegens zijn volk. Het vers stelt ook dat degenen die dezelfde missie uitvoeren, vooral zijn trouwe dienaar die in de laatste dagen zou komen, dezelfde vriendelijkheid en mededogen moeten tonen. God stelt dat in plaats van vriendelijkheid, als woede en strengheid zouden worden getoond, mensen vluchten, en daarom is het gebod gegeven om te vergeven en bidden om vergeving. Evenzo is ook het gebod tot onderling overleg gegeven. Het is dus dat Majlis-e-Shura wordt gehouden, maar zoals de naam al aangeeft, bestaat dit orgaan om te overleggen, niet om beslissingen te nemen. Daarom stelt God dat na overleg, wanneer er een beslissing wordt genomen, het volledige vertrouwen op God moet worden gesteld.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat het perfecte voorbeeld van vertrouwen in God van de Heilige Profeet (sa) is. Terwijl de Heilige Profeet (sa) goddelijke openbaring ontving om verschillende zaken op te helderen, overlegde de Heilige Profeet (sa) ook met zijn metgezellen wanneer het zaken betrof waarover de goddelijke openbaring nog niet was ontvangen. Hieruit blijkt hoe het gedrag van ambtsdragers hoort te zijn bij leden van de gemeenschap en dat we zaken in onderling overleg dienen te doen. We hebben het grote geluk dat Allah de Almachtige de Ahmadiyya-gemeenschap de zegen van het kalifaat heeft verleend. Als zodanig overlegt de Kalief van de Tijd, in overeenstemming met het gebod van God en de leringen van de Heilige Profeet (sa), met de leden van de Gemeenschap in verschillende landen over hun situaties en zaken die op hen betrekking hebben.

Shura als een middel tot Allah’s Genade

Zijne Heiligheid (aba) zei dat het voorbeeld van de Heilige Profeet (sa) die om advies vroeg zeker was om ons op de goede weg te leiden en om eenheid te brengen in zijn volk. Het is overgeleverd dat toen het koranvers over wederzijds overleg werd geopenbaard, de Heilige Profeet (sa) zei dat dit tot genade was gemaakt voor zijn volk. Daarom zal iemand die raadpleegt zegeningen ontvangen, terwijl degenen die niet raadplegen niet van vernedering kunnen worden gered. Vandaar dat, hoewel de Heilige Profeet (sa) hiervan was vrijgesteld, hij toch het voorbeeld van wederzijds overleg gaf om ons te leiden.

Drie manieren van raadpleging door de Heilige Profeet (sa) en de rechtgeleide kaliefen

Zijne Heiligheid (aba) zei dat we in het licht hiervan dankbaar moeten zijn voor de oprichting van Majlis-e-Shura en deze moeten eren. Met betrekking tot de manier waarop de Heilige Profeet (sa) raad zocht, vinden we drie soorten voorbeelden; een daarvan was dat wanneer er raad nodig was over een zaak, er een aankondiging zou worden gedaan voor mensen om samen te komen. Vervolgens overlegde de Heilige Profeet (sa) met de mensen over de zaak, waarna hij zijn beslissing nam. Hoewel alle mensen samenkwamen, waren het alleen de leiders en stamhoofden van de verschillende stammen die spraken als vertegenwoordigers van hun volk, en de mensen waren hier volkomen tevreden mee. De tweede manier waarop overleg werd gezocht, was dat de Heilige Profeet (sa) specifiek degenen opriep van wie hij dacht dat ze het meest geschikt waren om suggesties te doen over een bepaalde kwestie. De derde manier waarop overleg zou worden gezocht, was dat wanneer de Heilige Profeet (sa) het gepast achtte, hij mensen één voor één zou oproepen om hun advies in te winnen. Dit waren ook dezelfde methoden die werden toegepast door de rechtgeleide kaliefen.

Hoe de Heilige Profeet (sa) raad zocht

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er is overgeleverd dat niemand meer om raad vroeg dan de Heilige Profeet (sa) . Bijvoorbeeld als het ging om het sturen van Hazrat Mu’az bin Jabal naar Jemen, raadpleegde de Heilige Profeet (sa) verschillende mensen, waaronder Hazrat Abu Bakr (ra) , Hazrat Umar (ra) , Hazrat Uthman (ra) , Hazrat Talha (ra) , Hazrat Zubair (ra) , en vele andere metgezellen. Hazrat Abu Bakr (ra) zei dat als de Heilige Profeet (sa) het hen niet had gevraagd, ze niets zouden hebben gezegd. De Heilige Profeet (sa) zei dat in zaken waarover hij geen openbaring had ontvangen, hij net als zij was. In deze kwestie vroeg de Heilige Profeet (sa) ook de mening van Hazrat Mu’az (ra). Dit getuigt dus van de nederigheid van de Heilige Profeet (sa) en het grote belang dat moet worden gehecht aan wederzijds overleg.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Heilige Profeet (sa) ook zijn metgezellen raadpleegde na zijn migratie naar Medina, toen de Mekkanen probeerden de vrede van de moslims te vernietigen. Na hen geraadpleegd te hebben, vertrok de Heilige Profeet (sa) richting Badr. In feite toonden de leiders van de Ansar tijdens dit overleg een grote mate van oprechtheid en legden zelfs een eed af, wat de Heilige Profeet (sa) zeer behaagde. Dit was omdat niet alleen het gedrag van degenen aan wie advies wordt gevraagd van het allergrootste belang is, maar zij ook voorop moeten staan bij de uitvoering van welke beslissing dan ook die wordt genomen als resultaat van het overleg. Daarom moeten alle afgevaardigden van Majlis-e-Shura in gedachten houden dat zij de eersten moeten zijn bij het uitvoeren van welke beslissing dan ook die door de Kalief van de Tijd wordt genomen. Alleen als ze hun eigen praktische voorbeeld geven, zal de rest van de leden van de Gemeenschap bereid zijn om het uit te voeren en bereid zijn alle offers te brengen die daarvoor nodig zijn.

De verantwoordelijkheden van de Shura-afgevaardigden

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de afgevaardigden van de Shura moeten onthouden dat elke Ahmadi trouw aan het kalifaat heeft beloofd en dat ze deze belofte dus tot het uiterste moeten nakomen. Net zoals de kalief zich moet houden aan het gebod om overleg te zoeken en goedhartig te zijn, hebben degenen die worden geraadpleegd ook de verantwoordelijkheid om hetzelfde te doen en hun suggesties met de zuiverste bedoelingen te geven. De afgevaardigden van de Shura moeten nadenken over het niveau van hun rechtschapenheid. Het is overgeleverd dat Hazrat Ali (ra) zei dat men alleen advies moet vragen aan mensen die intelligent zijn en bidden. Dit is de standaard vereiste van de afgevaardigden. In feite is dit ook een leidraad voor degenen die de Shura- vertegenwoordigers kiezen. Ze dienen degenen te selecteren die in staat lijken te zijn om deugdelijke raad te geven en toegewijd zijn aan aanbidding. Wanneer dit de geest is waarin de vertegenwoordigers worden geselecteerd, dan is er een duidelijk onderscheid zichtbaar in de suggesties die ze doen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat tijdens het geven van suggesties en het uiten van meningen de afgevaardigden van de Shura zich niet door iemand anders mogen laten beïnvloeden, ze mogen hun persoonlijke vriendschappen niet in overweging nemen in de meningen die ze uiten, noch mogen ze hun eigen mening veranderen uit angst voor iets anders. Integendeel, ze zouden hun mening moeten geven terwijl ze rechtschapenheid op de voorgrond van hun gedachten houden. Ze moeten onthouden dat God weet wat er in hun hart omgaat en wat hun daden zijn. Ze zouden bang moeten zijn voor het feit dat als ze niet handelen om het genoegen van God te bereiken, ze zich Zijn ongenoegen op de hals kunnen halen.

De zegeningen van God verkrijgen

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in landen waar de Shura al plaats heeft gevonden, de afgevaardigden hun verantwoordelijkheden moeten blijven vervullen door te beloven hun praktische voorbeeld te geven terwijl ze zich bewust zijn van hun spirituele en praktische toestanden. Ze moeten handelen naar de beslissingen die met rechtschapenheid zijn genomen en ook zorgen voor de vervulling ervan. Door dit te doen kunnen we de zegeningen van God verkrijgen en kunnen er zegeningen zijn in de genomen beslissingen. Gebeurt dit niet, dan kunnen de genomen beslissingen van dien aard zijn dat ze tot schade leiden of zelfs de vrede verstoren. Daarom moeten we, om dit te vermijden, onszelf altijd analyseren.

Majlis-e-Shura treedt op als een helper van de kalief

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de gemaakte voorstellen naar de Kalief van de Tijd worden gestuurd. In feite wordt de Shura alleen opgeroepen op instructie van de Kalief van de Tijd. Daarom fungeert Majlis-e-Shura als een helper van het kalifaat. Na het systeem van kalifaat wordt Majlis-e-Shura van groot belang geacht. Een Shura-afgevaardigde bekleedt die functie een jaar lang en ze moeten het belang en de ernst van deze functie begrijpen. De agenda van de Shura en de voorstellen die worden gedaan, geven de Kalief van de Tijd inzicht in de problematiek die in verschillende landen speelt. De gedane voorstellen omvatten soms niet de volledige manier waarop een probleem kan worden opgelost, waarop de Kalief van de Tijd verschillende aspecten meweegt die misschien niet in de mening van de Shura- afgevaardigden waren genoemd. Welke goedkeuring ook wordt verkregen, moet door elk Shura-lid worden uitgevoerd. Alleen zo kunnen we echte helpers zijn in de missie van de Beloofde Messias (as) .

Handhaving van de heiligheid van Shura

Zijne Heiligheid (aba) zei dat sommige mensen bij het uiten van een mening soms erg gepassioneerd raken en spreken op een manier die niet past bij de heiligheid van Shura. Daarom moeten ze, in plaats van gepassioneerde en emotionele toespraken te houden, hun mening op een kalme en gepaste manier uiten. Soms kan de Amir die de sessie voorzit, denken dat een persoon die zijn mening uit, tegen hem of zijn uitvoerend orgaan spreekt, en stopt hem dan met spreken. De Amir moet echter redelijk zijn en van mening zijn dat de persoon die zijn mening uit, dit doet met liefde voor de Gemeenschap. Evenzo kunnen er momenten zijn waarop mensen zeer uitgesproken meningen hebben wanneer zaken als de begroting worden besproken. In plaats van emoties te laten overheersen, zou iedereen kalm moeten blijven en naar elkaars suggesties moeten luisteren, wetende dat iedereen het algemene voordeel van de Gemeenschap nastreeft. Men moet altijd in gedachten houden dat ze als afgevaardigden zijn gekozen als vertegenwoordigers en dat er dus nooit iets persoonlijks of omstreden mag zijn. Als de afgevaardigden als vertegenwoordigers zijn gekozen en niet voldoen aan de norm van rechtschapenheid die vereist is, moeten ze voortdurend om vergeving vragen en ernaar streven hun toestand te verbeteren. Ze moeten helpers zijn van de Kalief van de Tijd en ze moeten ervoor zorgen dat de door hem genomen beslissingen precies zo worden uitgevoerd als ze zijn genomen.

Belang van het implementeren van de beslissing van Shura

Zijne Heiligheid (aba) zei dat beslissingen soms niet volledig worden uitgevoerd door laksheid van de kant van ambtsdragers. In dergelijke gevallen moeten de Shura-afgevaardigden niet alleen de aandacht van de algemene leden vestigen op de uitvoering van de beslissing, maar ze moeten ook de ambtsdragers eraan herinneren. Als de beslissing desondanks niet wordt uitgevoerd, moet de Shura-afgevaardigde schrijven naar het centrale hoofdkantoor. Houd in gedachten dat men excuses kan verzinnen om hun verantwoordelijkheden te ontlopen en ermee weg te komen in dit leven, maar ze zullen door God worden ondervraagd over de verantwoordelijkheden die aan hen zijn toevertrouwd. Dit is iets om heel voorzichtig mee te zijn. Er moet ook in gedachten worden gehouden dat een afgevaardigde geen klacht mag indienen tegen een ambtsdrager als hij een persoonlijk meningsverschil met hem of haar heeft. Ze moeten altijd het pad van gerechtigheid betreden. De besluiten moeten zodanig worden uitgevoerd dat het voorstel niet meer opnieuw aan de Kalief van de Tijd hoeft te worden voorgelegd, noch mag het voorstel worden verzonden met de opmerking dat, aangezien de kwestie al eerder is voorgelegd, wordt voorgesteld om het niet te doen. Zijne Heiligheid (aba) zei dat dit een bron van schaamte zou moeten zijn. Het doel zou moeten zijn dat zoiets nooit gebeurt.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat er ook geanalyseerd moet worden dat er bepaalde actieve Jamaats zijn die de beslissing van de Kalief van de Tijd volledig uitvoeren. Er moet worden bekeken wat het is dat ertoe heeft geleid dat de besluiten die zijn genomen zo hartstochtelijk en enthousiast worden uitgevoerd en diezelfde principes moeten vervolgens worden gedeeld met de minder actieve Jamaats .

Zijne Heiligheid (aba) zei dat we geen verandering in de wereld kunnen bewerkstelligen met louter woorden, maar dat we onze daden moeten laten zien. Als de Shura-afgevaardigden zich concentreren op het verbeteren van de normen van hun aanbidding en het bezoeken van de moskee, dan zou het totale aantal bezoekers in moskeeën kunnen verdrievoudigen. Als Shura-afgevaardigden anderen vriendelijk en medelevend zouden behandelen en voor hen zouden bidden, en als ze het niveau van hun gehoorzaamheid aan de Kalief van de Tijd zouden verhogen, dan kan er een revolutionaire verandering binnen de Gemeenschap tot stand komen. Er is ons een machtige taak toevertrouwd. De Beloofde Messias (as) werd gezonden met de missie om de prachtige leerstellingen van de Islam over de wereld te verspreiden en haar onder de eenheid van God te brengen. De vervulling van deze missie vereist een constante inspanning. Voor de vervulling van deze taken zijn ook fondsen nodig. Daarom moet bij het bespreken van het budget worden bekeken hoe het meeste kan worden gedaan en men toch zuinig kan blijven.Zijne Heiligheid (aba) bad dat we onze verantwoordelijkheden mogen vervullen terwijl we het pad van rechtschapenheid bewandelen. Moge Allah onze tekortkomingen bedekken en ons voortdurend overstelpen met Zijn zegeningen.

Samenvatting vrijdagpreek door de Ishaat team MKA NL. De Ishaat team neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek

Rechtvaardigheid, vriendelijkheid en verwantschap – De drie niveaus van goedheid schalen | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 5 Mei 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, reciteerde Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad(aba) het volgende vers uit de Heilige Koran.

‘Voorwaar, Allah beveelt rechtvaardigheid en het doen van goeds aan anderen en het geven van gelijken, en verbiedt onfatsoenlijkheid en duidelijk kwaad en onrechtmatige overtreding. Hij heeft u vermaand, opdat gij er lering uit moogt trekken. (De Heilige Koran, 16:91)

Hierna verklaarde Zijne Heiligheid(aba) dat dit vers elke vrijdag en bij beide gelegenheden van Eid als tweede preek wordt gereciteerd. Hierin geeft Allah de Almachtige instructies over wat men moet doen en wat men moet nalaten. Voor een ware gelovige om zijn geloof te versterken, is het noodzakelijk dat hij de geboden van Allah de Almachtige betreedt, anders kan een moslim geen ware gelovige worden.

Met betrekking tot de in dit vers genoemde deugden zei Zijne Heiligheid(aba) dat hij zou vermelden wat de Beloofde Messias(as) heeft verklaard. De Beloofde Messias(as) heeft deze deugden vanuit verschillende perspectieven genoemd, variërend van de onderlinge relaties tussen mensen tot het tonen van rechtvaardigheid, vriendelijkheid en verwantschap met Allah de Almachtige.

De Beloofde Messias(as) legt dit vers zeer gedetailleerd uit, wat een gelovige helpt te begrijpen wat het betekent om zich werkelijk met God te verbinden en een gelovige naar nieuwe hoogten van geloof brengt. Dit vers en het commentaar van de Beloofde Messias(as) bevatten een blauwdruk voor ons om een samenleving te creëren die zowel de rechten van de mensheid als de rechten van God vervult. Het is betreurenswaardig dat in deze dagen de wereld als geheel – inclusief de moslimwereld – erop uit is zich de rechten van anderen toe te eigenen. Hoewel moslims de leer van de islam belijden, zijn velen van hen over de hele wereld ten prooi gevallen aan dergelijke misstanden.

Rechtvaardigheid in het vervullen van de rechten die aan God en Zijn schepping verschuldigd zijn

De Beloofde Messias(as) stelt dat het door God is verordend dat men rechtvaardig moet zijn tegenover Hem en Zijn schepping, oftewel hun rechten moet vervullen. Als men verder kan gaan dan dit, moet men niet alleen rechtvaardigheid tonen, maar ook vriendelijkheid tonen alsof men deze werkelijk waarneemt. Bovendien, als men verder kan gaan dan dit, dan zou men zowel God als Zijn schepping onbaatzuchtig moeten behandelen en zonder verwachting van beloning, vergelijkbaar met iemand die onbaatzuchtig is vanwege een relatie.

De Beloofde Messias(as) stelt vervolgens dat men altijd bedacht moet zijn op zijn relatie en gehoorzaamheid aan God. Men moet God beschouwen als Eén en zonder enige partner, en Hem beschouwen als de enige die aanbidding waard is. Dit is een relatie met Allah die blijk geeft van rechtvaardigheid. Hij is de Heer, de Voeder en de Voorziener, en daarom is dit Zijn recht. Het is Zijn recht dat wij Hem liefhebben en Hem en Hem alleen gehoorzamen. Dit te doen is rechtvaardigheid tegenover God.

Als men verder wil gaan dan deze rang, dan moet men ‘ihsan’ of ‘vriendelijkheid’ tonen, wat betekent dat men Gods grootheid werkelijk beseft en opgaat in Zijn schoonheid alsof men Hem uit de eerste hand heeft aanschouwd. Men kan geen vriendelijkheid tonen aan God, dus vriendelijkheid tonen aan God betekent volledig opgaan in Zijn liefde en aanbidding alsof je werkelijk getuige bent geweest van Zijn macht en eigenschappen.

De Beloofde Messias(as) stelt vervolgens dat de rang daarboven die van verwantschap is. Vóór deze rang moet men zich inspannen en streven. Maar in dit stadium is men ontdaan van alle formaliteiten en inspanning, en wordt deze liefde voor God natuurlijk, vergelijkbaar met de liefde voor verwanten. Deze liefde is onzelfzuchtig.

Met betrekking tot mensen betekent rechtvaardigheid dat je je medemensen recht doet, dat je hun de rechten geeft die hun toekomen en dat je je rechten op een rechtvaardige manier bij hen opeist. Het volgende stadium is vriendelijkheid. Als iemand je slecht gezind is, toon je hem vriendelijkheid en barmhartigheid. In dit stadium toon je vriendelijkheid aan anderen, ongeacht hun gedrag jegens jou. Het volgende stadium is dat van verwantschap. In dit stadium worden alle vriendelijkheid en mededogen die je aan anderen toont onzelfzuchtig en is er geen verwachting van beloning, noch is er enig zelfzuchtig verlangen in gedachten. Deze vriendelijkheid moet natuurlijk zijn en uit het hart voortkomen zoals de liefde tussen familie en verwanten. Dit is de hoogste vorm van liefde voor de mensheid die vrij en zuiver is van egoïsme en bijbedoelingen. Zijne Heiligheid(aba) verklaarde dat dit de standaard is die we onder elkaar moeten laten zien, om deze liefde vervolgens uit te breiden naar anderen.

Vervolgens, met betrekking tot de rechten van Allah, stelt de Beloofde Messias(as) dat het bovengenoemde vers ons opdraagt om God de rechten te geven die Hem toekomen, omdat Hij jullie geschapen heeft en voor jullie heeft gezorgd. Hierdoor verdient Hij terecht onze aanbidding. Bovendien moet men verder gaan en Hem gehoorzaam zijn, wat het tweede stadium is.

De Beloofde Messias(as) legt uit dat in het stadium van ‘vriendelijkheid’, men zich de gunsten herinnert van degene die vriendelijk voor hem is geweest. In dit opzicht, wanneer we ‘ihsan’ of ‘vriendelijkheid’ tonen tegenover God, staan Zijn eigenschappen voor ons.

Drie soorten gehoorzamen

De Beloofde Messias (as) legt vervolgens uit dat degenen die gehoorzaam zijn aan Allah de Almachtige drie soorten zijn: Ten eerste zijn er degenen die, omdat hun zicht wordt belemmerd, de gunsten van Allah de Almachtige niet ten volle kunnen onderscheiden. Ofwel is hun zicht belemmerd, ofwel vertrouwen zij meer op materiële middelen. Het inzicht dat zij missen kan worden verkregen als men, zoals vereist is in het stadium van “vriendelijkheid”, nadenkt over de gunsten van God. Wanneer men de gunsten van God overdenkt, wordt het hart verlevendigd in Gods liefde.

Veel mensen aanvaarden God als hun Schepper slechts als een formaliteit en begrijpen niet werkelijk de diepten van datgene waarin zij geloven. De reden hiervoor is dat zij zwaar leunen op materiële middelen, waardoor Gods ware gelaat duister wordt. Zo’n gebrekkig begrip wordt geplaagd door wereldsheid en kan de ware aard van God niet onthullen. Zo iemand biedt religieuze verplichtingen slechts aan als een formaliteit en niet vanuit het hart. Zelfs met zulke mensen toont Allah de Almachtige genade en aanvaardt hun toestand.

Ten tweede, wanneer iemands neiging zich verplaatst van materiële middelen naar de gunsten van God, dan wordt hij volledig afhankelijk van God. In dit stadium hebben materiële middelen geen belang en vertrouwt men volledig op God. Veel mensen hechten belang aan hun eigen kracht en capaciteiten, of aan de hulp van anderen, maar iemand die dit stadium bereikt, beseft dat alles materialiseert vanwege God en God alleen.

De Beloofde Messias(as) stelt dat men in dit stadium God niet als onzichtbaar of ongezien waarneemt, maar Hem en zijn aanwezigheid werkelijk voor zichzelf waarneemt. De aanbidding verandert volledig en tijdens het gebed kan men God voor zich zien. Dit stadium van aanbidding staat in de Heilige Koran bekend als ‘ihsan’.

De Beloofde Messias(as) stelt dat er een stadium boven ‘ihsan’ is dat bekend staat als ‘geven als verwanten’. Wanneer iemand blijft nadenken over en getuige blijft van de macht en eigenschappen van God en volhardend is in zijn aanbidding en inspanning om Zijn liefde te bereiken, zal zo iemand uiteindelijk volledig opgaan in de liefde van God die lijkt op een persoonlijke relatie. In dit stadium is iemands aanbidding niet alleen gebaseerd op de liefde die voortkomt uit het getuige zijn van de gunsten van God, maar komt deze liefde voort uit het hart als iets persoonlijks en dierbaars.

Aanbidding in dit stadium is niet iets vragen of smeken aan God, maar lijkt op de relatie die een kind met zijn ouders heeft. Daarom zegt Allah de Almachtige op een andere plaats in de Heilige Koran:

‘Vier de lof van Allah zoals jullie de lof van jullie vaders hebben gevierd, of zelfs meer dan dat’ (De Heilige Koran, 2:201).

Zijne Heiligheid(aba) verklaart dat in dit stadium iemands liefde voor God zuiver wordt. De Beloofde Messias(as) legt uit dat men in het derde stadium niet streeft naar het vervullen van eigen genoegens en verlangens, maar in plaats daarvan streeft naar het plezier van God.

Verder zei de Beloofde Messias(as) dat zulke mensen, uit liefde voor God, de mensheid op de meest liefdevolle manier dienen en als gevolg daarvan verwachten zij niets anders terug dan het plezier en de aandacht van God. Een dergelijke relatie met Allah moet dus niet alleen resulteren in het tonen van liefde aan God, maar ook aan Zijn schepping.

Het verschil tussen de stadia van ‘vriendelijkheid’ en ‘geven aan verwanten’

De Beloofde Messias(as) stelt dat het verschil tussen het stadium van ‘vriendelijkheid’ en ‘geven aan verwanten’ of het tweede en derde stadium is dat men in het tweede stadium vriendelijkheid mag tonen aan anderen en daar iets voor terug verwacht. Deze vriendelijkheid komt voort uit de vriendelijkheid van anderen en moet meer zijn dan wat men heeft ontvangen. Men mag ook openlijk belijden dat men anderen met vriendelijkheid heeft behandeld. Echter, in het derde stadium verwijdert men zich hiervan en wordt men onzelfzuchtig in het tonen van vriendelijkheid.

De Beloofde Messias(as) stelt dat men anderen moet behandelen alsof men werkelijk familie van hen is. Als men iemand vriendelijkheid toont, vermeldt men soms ook dat men vriendelijk was en brengt men zijn daden van vriendelijkheid ter sprake. Omgekeerd brengt een moeder nooit de gunsten en liefde ter sprake die zij haar kind heeft bewezen. Onze behandeling van anderen moet zijn als die van een moeder voor haar kind.

De Beloofde Messias(as) stelt dat ‘rechtvaardigheid’ eenvoudig gezegd betekent teruggeven wat je ontvangen hebt. ‘Vriendelijkheid’ betekent meer teruggeven dan wat je hebt ontvangen. En tenslotte, ‘geven als verwanten’ verwijst naar een behandeling die onvoorwaardelijk is.

Het toepassen van rechtvaardigheid in de schuldkwestie

Verder legt de Beloofde Messias (as) uit dat men in het stadium van ‘rechtvaardigheid’ zichzelf moet bestrijden en hervorming tot stand moet brengen. Om het zelf dat tot kwaad aanzet te hervormen, moet het stadium van ‘rechtvaardigheid’ worden bereikt. Als men bijvoorbeeld een schuld heeft bij een ander, verlangt de ik dat de schuld die men heeft vergeten wordt; men probeert zich het recht van de ander toe te eigenen. Echter, men moet zich ervan bewust zijn dat Allah de Almachtige waakt over elke handeling.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in zaken van geld lenen, mensen soms onnodig anderen vertrouwen. Allah de Almachtige gebiedt ons om elke zaak met betrekking tot het lenen van geld op schrift te stellen en een formeel contract op te stellen. Dit kan voorkomen dat er problemen ontstaan. Een gelovige moet hier bedacht op zijn.

De Beloofde Messias(as) stelt dat de Islam grote nadruk legt op het betalen van je schulden. In feite zou de Heilige Profeet(sa) het begrafenisgebed niet verrichten van iemand die gevlucht was voor het betalen van zijn schulden. Dus, door de leer van “rechtvaardigheid” aan te nemen, kan men dergelijke kwalen en ondeugden overwinnen. Daarna wordt men in staat gesteld om verder te gaan naar een hoger stadium van deugdzaamheid, bekend als “vriendelijkheid”. Maar zelfs in dit stadium kan men opscheppen over de goedheid en vriendelijkheid die men aan anderen betoont. Zodra men in staat is dit te overwinnen en zijn opschepperij te laten varen, gaat men over naar het laatste stadium. In dit stadium behandelt men anderen met goedheid zoals een moeder haar kind opvoedt. Een moeder heeft geen zelfzuchtig verlangen in de opvoeding van haar kind, zij verdraagt pijn zodat haar kind het naar zijn zin heeft, haar liefde voor haar kind is zuiver en onzelfzuchtig.

De ongeëvenaarde leer van de Koran over rechtvaardigheid

De Beloofde Messias(as) stelt dat Allah de Almachtige verlangt dat wij het hoogste stadium van goedheid bereiken, wat ‘geven als verwanten’ is. Allah de Almachtige verlangt dat wij oprecht en onzelfzuchtig worden in onze goedheid. Onze elke handeling zou alleen het plezier van God moeten nastreven. De Beloofde Messias(as) stelt dat een dergelijke verheven en volmaakte leer nergens anders te vinden is. De Torah, noch de Evangeliën bevatten een dergelijke leer, en het is alleen de Heilige Koran die deze leer overdraagt.

De Beloofde Messias(as) legt uit dat men ook intelligent moet zijn in het tonen van vriendelijkheid. Zonder de situatie volledig te beoordelen, of waar vriendelijkheid niet nodig is, moet men niet onbeperkt zijn in het tonen van vriendelijkheid. Evenzo moet men vriendelijkheid tonen wanneer dat nodig is. Er moet ook een passende mate van vriendelijkheid zijn, en elke situatie verschilt. Dus moet men ook hier wijsheid gebruiken.

Met betrekking tot degenen die opscheppen over hun vriendelijkheid, haalt de Beloofde Messias (as) een vers van de Heilige Koran aan.

“O, gij die gelooft, maakt uw aalmoezen niet ijdel door beschimping en verwonding, zoals hij die zijn rijkdom besteedt om door de mensen gezien te worden en die niet in Allah en de laatste dag gelooft. (De Heilige Koran 2:265)

De Beloofde Messias(as) legt uit dat wanneer we eenmaal beginnen te pronken met onze vriendelijkheid, het geen deugd blijft. Velen die vriendelijkheid en welwillendheid tonen aan anderen pronken vaak met hun goedheid en verwachten daarvoor dankbaarheid terug. Zoals Allah de Almachtige heeft gezegd: zulke vriendelijkheid gaat verloren. Dan zijn er ook anderen die, na het tonen van vriendelijkheid, druk uitoefenen op anderen om de gunst terug te geven. Soms overtreft deze druk de vriendelijkheid die zij hebben getoond. Ook dergelijk gedrag moet men vermijden om de zegeningen van hun goedheid te oogsten.

Het demonstreren van rechtvaardigheid op de juiste momenten

De Beloofde Messias(as) legt uit dat alle drie de stadia van goedheid op een geschikte en overeenkomstige tijd en plaats moeten worden gedemonstreerd. Deze deugden zijn niet in alle scenario’s van toepassing. Soms is de getoonde vriendelijkheid meer dan vereist. Het is als een regen die te hard is en de gewassen vernietigt in plaats van voordeel op te leveren. Dus draagt Allah de Almachtige ons op om de situatie goed in de gaten te houden en na te denken over wanneer rechtvaardigheid, vriendelijkheid en geven als verwanten het meest gepast is.

In dit verband vertelt de Beloofde Messias een persoonlijk voorval. In Sialkot was er een man die met iedereen ruzie maakte, in die mate dat zelfs zijn eigen familie hem zat was. De Beloofde Messias(as) behandelde hem goed, en als gevolg daarvan behandelde ook hij de Beloofde Messias(as) met vriendelijkheid. Er was een Arabier die de Beloofde Messias(as) bezocht die fel gekant was tegen Wahhabis. Wanneer Wahhabis zelfs maar werden genoemd, belasterde en belasterde hij hen. De Beloofde Messias behandelde hem echter goed en negeerde zijn laster. Op een dag was de Arabier woedend en belasterde hij openlijk de Wahhabis. Iemand vertelde de Arabier dat de persoon bij wie hij te gast was [d.w.z. de Beloofde Messias(as)] ook een Wahhabi was. Hierop viel de Arabier stil.

De Beloofde Messias(as) legde uit dat het niet verkeerd is dat hij een Wahhabi wordt genoemd, omdat hij gelooft dat na de Heilige Koran, het de Hadith is die moet worden gevolgd. Na dat incident kwam de Beloofde Messias(as) die Arabier op een dag tegen in Lahore. Hoewel hij enige vijandschap koesterde jegens de Wahhabis, was zijn woede jegens hen bekoeld en begroette hij de Beloofde Messias(as) met grote liefde. Hij stond erop dat de Beloofde Messias(as) hem vergezelde naar zijn moskee en diende hem als een dienaar. Zo liet de Beloofde Messias(as) zien hoe vriendelijkheid een persoon kan veranderen.

Twee soorten moraal

De Beloofde Messias (as) stelt dat er twee soorten zeden zijn: Ten eerste zijn er de zeden die door degenen die in dit moderne tijdperk zijn opgeleid, worden gepresenteerd, die op het eerste gezicht verontschuldigend en aangenaam zijn, maar in hun harten tegenstrijdigheden herbergen. Deze zeden zijn in strijd met de Heilige Koran. Ten tweede zijn er zeden die waarachtig mededogen leren en het hart ontdoen van hypocrisie. Men moet niet onoprecht zijn en ongegrond instemmen.

De Beloofde Messias(as) stelt dat we onze reikwijdte van goedheid niet moeten beperken en uitbreiden. We moeten de rangen van goedheid beklimmen totdat we een deugd bereiken die onzelfzuchtig is en de liefde van een moeder voor haar kind illustreert. Zelfs als een koning een moeder zou opdragen haar kind niet te voeden, zou zij de koning zonder enige vrees verwijten maken. Dat zou ons niveau van goedheid en vriendelijkheid moeten zijn.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat de Beloofde Messias(as) deze deugden in zijn geschriften en de bijeenkomsten die hij bijwoonde zeer gedetailleerd heeft vermeld. Hij sprak over de opvallende kenmerken van de Islam, en de vandaag genoemde deugden behoorden tot die deugden.

Aan het eind bad Zijne Heiligheid(aba) dat Allah de Almachtige ons in staat moge stellen naar deze leringen te handelen en vooruitgang te boeken in het tonen van onze liefde aan anderen, zodat wij een voorbeeld worden in de wereld. Mogen wij recht doen aan onze belofte van trouw door naar deze leringen te handelen. Door elke vrijdag de woorden van dit vers te horen, mogen we worden herinnerd aan onze verantwoordelijkheden zoals die door de Beloofde Messias(as) met veel pijn zijn genoemd.

Zijne Heiligheid(aba) heeft ons ook opgedragen te bidden voor de Ahmadi’s in Pakistan en de omstandigheden waarmee zij worden geconfronteerd. Wij als Ahmadi’s zullen deugden en vriendelijkheid blijven tonen tegenover hun satanische complotten en listen. Moge Allah ons in staat stellen dit te blijven doen en ons geloof te versterken. Moge Allah ook degenen straffen die niet tot bekering in staat zijn. Het is wanneer we een nauwe relatie met Allah de Almachtige ontwikkelen dat we de ondergang van de vijand zullen zien aankomen.

Samenvatting vrijdagpreek door de Ishaat team MKA NL. De Ishaat team neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek

Geduld wint harten – Echt geduld tonen ondanks moeilijkheden | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 28 April 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al- Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat sommige mensen hem schrijven en zelfs verschillende argumenten aandragen om te proberen te bewijzen dat in het licht van de moeilijkheden waarmee de Ahmadiyya Moslimgemeenschap wordt geconfronteerd in Pakistan en verschillende andere landen, Ahmadi’s niet alleen geduldig moeten blijven, maar wraak moeten nemen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat sommige mensen zelfs bepaalde voorbeelden van de Tweede Kalief ( ra ) aanhalen en zeggen dat hij toestemming gaf om wraak te nemen, maar Zijne Heiligheid (aba) maakte duidelijk dat deze zaken ten onrechte worden toegeschreven aan de Tweede Kalief (ra) . Het is mogelijk dat onder zeer specifieke omstandigheden de Tweede Kalief (ra) toestemming heeft gegeven om wraak te nemen, maar ook dat na zorgvuldige overweging. Bovendien, als er dergelijke gevallen waren, was dat antwoord strikt volgens het bevel van de kalief en werd het niet overgelaten aan de beslissing van andere ambtsdragers.

Geduld is een leer van de Islam

Zijne Heiligheid (aba) zei dat vóór de opdeling van Pakistan en India, toen India onder Britse heerschappij stond, er bepaalde Britse officieren waren die tegen Ahmadiyyat waren die probeerden hem aan te vallen door te zeggen dat sommige toespraken van de Tweede Kalief (ra) opruiend waren. Ze faalden echter altijd in deze poging, omdat de Tweede Kalief (ra) de Gemeenschap altijd zou adviseren geduldig te blijven. Sterker nog, zelfs de officieren van de tegenstander getuigden van het feit dat wanneer ze dachten dat de toespraak van de Tweede Kalief (ra) tot vergelding zou leiden, hij een andere wending nam door aan te dringen op geduld en verdraagzaamheid.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat dit natuurlijk het geval was, omdat de Tweede Kalief (ra) nooit iets zou adviseren dat in strijd is met de leer van de Islam en de Heilige Profeet (sa). De Beloofde Messias (as) adviseerde zijn gemeenschap bij talloze gelegenheden om met geduld en gebed te handelen. Hij zei zelfs dat als iemand niet in staat is om de moeilijkste paden te betreden zonder geduld te tonen, hij vrij was om hem te verlaten.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij door verschillende mediakanalen en journalisten over dit onderwerp wordt gevraagd en hij antwoordt meestal dat het vaak zo is dat juist de mensen die tegen de Gemeenschap zijn, degenen zijn die uiteindelijk lid worden van de Gemeenschap en Ahmadiyyat accepteren. Ook wij zouden dezelfde agressie aan hen kunnen tonen, maar wij zijn degenen die de Messias van het Tijdperk, die kwam om vrede te stichten en die ons adviseerde geduldig te blijven, hebben aanvaard. Dus als er legale routes zijn die kunnen worden gevolgd, kunnen die worden gevolgd. Er zijn zelfs momenten waarop God, zelfs zonder de legale weg te bewandelen, zijn middelen van hulp aan de dag legt. Zijne Heiligheid (aba) zei dat mensen verbaasd zijn bij het horen van dit antwoord en prijst het feit dat mensen zo vreedzaam leven.

De ware betekenis van geduld

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Tweede Kalief (ra) in een preek de ware betekenis van geduld uitlegde. Zijne Heiligheid (aba) zei dat hij bepaalde punten zou presenteren in het licht van deze preek, samen met begeleiding van de Beloofde Messias (as) over geduld.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Tweede Kalief (ra) geduld als een uiterst belangrijke zaak beschouwde, en zei dat geduld een van de belangrijkste verantwoordelijkheden is van de gemeenschap van een profeet. Geen enkele gemeenschap heeft kunnen slagen zonder geduld. De Tweede Kalief (ra) legde verder uit dat er twee soorten geduld zijn; de eerste is om geduld te tonen ondanks dat je volledig in staat bent om wraak te nemen, en de tweede is om geduld te tonen onder omstandigheden van hulpeloosheid.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat wanneer we de betekenis van ‘geduld’ in het Arabisch analyseren, we ontdekken dat de betekenissen extreem uitgebreid zijn. Volgens de verschillende voorbeelden in de Heilige Koran waarin Allah de Almachtige geduld heeft opgelegd samen met de verschillende betekenissen van ‘geduld’ uitgelegd door verschillende lexicale autoriteiten, wordt het duidelijk dat ‘geduld’ drie hoofdbetekenissen heeft:

  1. Zich onthouden van de zonde
  2. Om consequent goede daden te doen
  3. Om je te onthouden van paniek en angst

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in het licht van de eerste betekenis, men het kwaad, dat een persoon ophitst, moet bestrijden en zich moet beschermen tegen het kwaad dat een persoon in de toekomst zou kunnen ophitsen. Geduld is niet alleen maar rustig zitten, het is veeleer voortdurend streven naar innerlijke zuivering. Zulke mensen ervaren ook de hulp van Allah op manieren die ze zich nooit hadden kunnen voorstellen. De tegenstanders wachten op ons om het geduld op te geven en ons te gaan gedragen zoals zij, zodat ze de overwinning kunnen claimen, maar Allah de Almachtige gebiedt ons het gebruik van wijsheid.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in het licht van de tweede betekenis duidelijk wordt gemaakt dat men consequent daden van deugd moet ondernemen, en ook die daden van deugd moet aannemen waartoe ze nog niet in staat zijn. Dit is in feite een middel om dichter bij God te komen, wat bereikt kan worden door middel van gebed, zoals God zegt in de Koran:

“Zoekt hulp door geduld en gebed; dit is inderdaad moeilijk, behalve voor de ootmoedigen,” (De Heilige Koran 2:46)

Op een ander moment zegt God in de Heilige Koran:

“En degenen, die volharden in het zoeken naar de gunst van hun Heer en het gebed houden en van hetgeen waarvan Wij hen hebben voorzien, heimelijk en openlijk weggeven en die het kwade met het goede afwenden, dezen zijn het die de beloning en het goede tehuis zullen ontvangen.” (Heilige Koran 13:23)

Zijne Heiligheid (aba) zei dat geduld, consistentie, nederigheid en gebed de belangrijkste middelen zijn om Gods genoegen te zoeken en dit kan alleen worden bereikt als we ons leven leiden op een manier die bevorderlijk is voor het bereiken van het genoegen van de Almachtige God.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de derde betekenis van geduld het vermijden van paniek in moeilijke tijden is. Men moet altijd in gedachten houden dat alles wat ze hebben een schenking is van de Almachtige God. Als Hij iets wegneemt, dan zal Hij later iets anders schenken. Dit is de mentaliteit van degenen die rechtvaardig en geduldig zijn.

Geduld alleen omwille van God

Zijne Heiligheid (aba) zei dat men in gedachten moet houden dat geduld niet het resultaat mag zijn van enige zwakte of wereldse angst, maar dat geduld uitsluitend ter wille van God en in overeenstemming met Zijn gebod moet zijn. We bevelen geduld alleen aan omdat het het gebod van de Almachtige God is. Als het alleen maar ging om het tonen van vergelding, dan moeten er veel Ahmadi’s zijn die bereid zijn wraak te nemen zonder enige angst voor hun eigen leven. Dit zou echter in strijd zijn met de leer van de Islam. We verachten dergelijke daden omdat ze de goddelijke gemeenschappen van profeten niet betamen. We hebben beloofd de mensheid te beschermen tegen allerlei soorten kwaad.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat bij een gelegenheid de Beloofde Messias (as) zei dat iemands daden het onderscheid zouden moeten vertonen tussen geduld en een gebrek aan waardigheid. Als een persoon bijvoorbeeld een ander vraagt om wat geld te lenen, en de andere persoon tuchtigt en vernedert hen en dus denkt de vragende persoon dat aangezien hij in de zwakkere positie verkeert om de ander om geld te vragen, hij dit gewoon moet verdragen en mee moet lachen, dan zou dit worden beschouwd als een gebrek aan waardigheid. Soms is het in het belang van de natie echter noodzakelijk om te zwijgen. Dit is echt geduld. Als er bijvoorbeeld een geval is waarbij vergelding een negatieve invloed heeft op de samenleving, maar toch neemt een persoon wraak, dan zou dit als dwaas worden beschouwd. Geduldig blijven voor het grotere goed is echter echt geduld.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat mensen soms denken dat wanneer een persoon ten onrechte is gearresteerd, er een soort demonstratie of oproer zou moeten zijn, maar dit is verkeerd. Dit is precies wat de tegenstanders willen, zodat ze nog meer wreedheden kunnen toebrengen. Op dit moment steunen zelfs regeringsfunctionarissen onze tegenstanders, en als we enige vorm van vergelding zouden tonen, zou dat de situatie alleen maar verder verergeren. In feite zijn er in onze geschiedenis bepaalde voorbeelden van vergeldingsmaatregelen die de situatie alleen maar hebben verslechterd. Toen echter geduld werd getoond en de legale weg werd bewandeld, waren er gevallen waarin deze aanpak succesvol bleek. Daarom nemen we geen wraak omdat dit in tegenspraak zou zijn met de leer van de Islam. In feite heeft ons geduld soms grote invloed gehad op ambtenaren. Anders, als we wraak zouden nemen net als de tegenstanders, dan zou dit een negatieve invloed hebben op degenen aan wie we de ware boodschap van de Islam prediken.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat we altijd in gedachten moeten houden dat we geduldig tijdelijke moeilijkheden moeten doorstaan voor het grotere welzijn van de Gemeenschap op de lange termijn.

Een reactie op degenen die zeggen dat de Beloofde Messias (as) harde taal gebruikte

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Tweede Kalief (ra) reageerde op degenen die zeggen dat bij bepaalde gelegenheden in zijn boeken de Beloofde Messias (as) harde taal heeft gebruikt voor tegenstanders, en dus zouden wij dat ook moeten kunnen. De Tweede Kalief (ra) legde uit dat de rang van God en Zijn Profeten uniek is. Als een werelds voorbeeld zou worden gegeven, dan kan een rechter een dief veroordelen op basis van zijn misdaden, maar ze kunnen niet iedereen een dief noemen, want dat zou onenigheid veroorzaken. Vandaar dat de Beloofde Messias (as) heeft geprobeerd hen te hervormen door de zwakheden van anderen te benadrukken. Echter, als het op hemzelf en zijn eigen persoon aankwam, zei de Beloofde Messias (as) zelf dat hij alle persoonlijke aanvallen die tegen hem worden gericht doorstaat. De tweede kalief (ra) vertelde dat tijdens het reizen met een paardenkoets mensen zijn koets met stenen bekogelden, sommigen kwamen zelfs door het raam de koets binnen. De Beloofde Messias (as) toonde echter alleen maar geduld. Het was juist dit geduld dat diezelfde tegenstanders beïnvloedde en hen ertoe bracht de Beloofde Messias (as) te accepteren. Dit gebeurt tot op de dag van vandaag nog steeds.

Zijne Heiligheid (aba) citeerde de Beloofde Messias (as) die zei dat een persoon die geduldig blijft niet langer uit zichzelf spreekt, maar dat hun spraak geïnspireerd wordt door God. Daarom moet de Gemeenschap geduldig blijven en wreedheid niet met wreedheid beantwoorden of vloeken met vloeken beantwoorden. Niets is te vergelijken met geduld, hoewel geduld niet gemakkelijk is. Maar Allah de Almachtige helpt degenen die geduldig zijn.

Geduld wint harten

Zijne Heiligheid (aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias (as) die zei dat deze gemeenschap met soortgelijke moeilijkheden te maken zou krijgen als de gemeenschap van moslims ten tijde van de Heilige Profeet (sa). Er moet echter aan worden herinnerd dat dergelijke moeilijkheden noodzakelijk zijn. Niemand is groter dan de profeten, en ze hebben de grootste moeilijkheden doorstaan. Hoe meer moeilijkheden er zijn, hoe meer mogelijkheden er zijn om dichter bij de Almachtige God te komen. Men moet niet alleen geduldig blijven, maar men moet ook bidden voor de tegenstanders en niets dan mededogen koesteren, zodat ook zij door het zien van dit voorbeeld beïnvloed en aangetrokken kunnen worden tot de waarheid. Geduld kan harten winnen.

Zijne Heiligheid (aba) citeerde verder de Beloofde Messias (as) die zei dat iemand die geen geduld toont, niet kan worden opgenomen in zijn gemeenschap. De Beloofde Messias (as) zei dat hij grote moeilijkheden doorstond. Mensen stuurden hem brieven vol met de meest gemene en smerige taal. Sterker nog, soms moest hij betalen om de brieven te ontvangen en ze te openen, alleen om vuile taal te zien in deze brieven. Ondanks alles bleef hij geduldig, vooral als het ging om persoonlijke aanvallen tegen hem. Als hij ooit grove taal gebruikte, zoals sommigen beweren, dan was dat uitsluitend ter wille van hervorming. De Beloofde Messias (as) zei dat als hij niet door de Almachtige God was gestuurd, de gemene taal die tegen hem werd gebruikt hem misschien zou storen. Maar aangezien hij door God was gezonden, hoe konden zulke dingen hem dan storen?

Zijne Heiligheid (aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias (as) die zei dat het een schande is om te zien dat andere moslims zulke grove taal gebruiken. Maar in ieder geval is het duidelijk en zeker dat hun pogingen zinloos zijn en dat ze niets kunnen doen om de waarheid te weerleggen. De Beloofde Messias (as) zei dat hij door God was gezonden in overeenstemming met de profetieën van de Heilige Profeet (sa) , en dus is er geen reden voor de tegenstanders om bezwaar te maken. De Heilige Profeet (sa) moest moeilijkheden en ontberingen doorstaan door toedoen van zijn eigen mensen, maar zijn succes was ongeëvenaard. Het volk van Mozes (as) accepteerde hem, maar ze accepteerden de Profeet (sa) groter dan hem niet en gingen door met het toebrengen van wreedheden. Door dit alles heen toonde de Heilige Profeet (sa) het hoogste niveau van geduld, allemaal zonder zijn predikingsinspanningen te verminderen.

Succes is geworteld in geduld

Zijne Heiligheid (aba) zei dat eens een Ahmadi naar de Beloofde Messias (as) ging en zei dat er een persoon in zijn dorp was die hem grote moeilijkheden bezorgde. Hij vroeg de Beloofde Messias (as) om te bidden dat deze persoon het dorp zou verlaten. De Beloofde Messias (as) glimlachte en zei dat als je deel uitmaakt van deze Gemeenschap, je moet handelen volgens haar leringen. Als iemand geen moeilijkheden verdraagt, hoe kunnen ze dan de zegeningen van de Almachtige God oogsten? Men kan zich de moeilijkheden niet voorstellen waarmee de Heilige Profeet (sa) en zijn metgezellen (ra) werden geconfronteerd, maar ze doorstonden ze en uiteindelijk wankelden alle tegenstanders. Hetzelfde zal gebeuren met deze Gemeenschap, en na een periode van geduld zal deze Gemeenschap getuige zijn van de val van haar tegenstanders. Geduld is ook een vorm van aanbidding, en God zegt dat de geduldige grenzeloos zal worden beloond. Daarom wordt onze gemeenschap geholpen door God, en het verdragen van moeilijkheden sterkt het geloof. Er gaat niets boven geduld.

Zijne Heiligheid (aba) citeerde de Beloofde Messias (as) die zei dat ons succes niet geworteld is in vergelding, maar eerder geworteld is in het zoeken naar vergeving, berouw tonen, het verwerven van religieuze kennis, het erkennen van Gods Majesteit en het verrichten van de vijf dagelijkse gebeden.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat dit de wegen naar ons succes zijn. Als we deze dingen aannemen zoals de Beloofde Messias (as) heeft geadviseerd, dan zullen we zegevieren. Naarmate de tegenstanders meer tegenstand bieden, zouden we tegelijkertijd onze aanbidding moeten vergroten, in plaats van enige vorm van vergelding te tonen. Onze overwinning is beloofd, als God het wil. Tegelijkertijd moeten we gebruik maken van wijsheid. Veel problemen kunnen worden opgelost door ons gedrag en onze gebeden.

Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah ons geduld mag schenken, de mogelijkheid om te bidden en ons in staat zal stellen om deze dingen uit te voeren om Zijn genoegen te bereiken.

Samenvatting vrijdagpreek door de Ishaat team MKA NL. De Ishaat team neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek

Het vestigen van ware en blijvende aanbidding | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 21 April 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awwuz en Surah al-Fatihah, zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad (aba) dat vandaag de laatste vrijdag van de Ramadan is. De maand Ramadan is voorbij en er zullen velen zijn die de Ramadan hebben doorgebracht in aanbidding en zich hebben ingespannen om veranderingen in zichzelf door te voeren, maar niet in staat waren om hun plannen uit te voeren zoals zij wensten.

Onze standaard van gebed en deugdzaamheid verhogen

Zijne Heiligheid (aba) zei dat vrijdag een gezegende dag is waarop gebeden speciaal worden verhoord. Als onze Ramadan niet precies is verlopen zoals we hadden gepland, of zoals de Ramadan van een gelovige zou moeten verlopen, moeten we er in de resterende tijd van de Ramadan toch naar streven om te bidden dat Allah de Almachtige onze tekortkomingen bedekt en ons het vermogen schenkt om ons leven te leiden op de manier die Allah de Almachtige voor ons wenst. God is uiterst vriendelijk; Hij heeft niet verklaard dat er een specifieke tijd binnen de vrijdag specifiek in de Ramadan is vastgesteld voor het aanvaarden van het gebed, maar Hij heeft in het algemeen het belang en de zegeningen van de vrijdag verklaard.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat als wij vandaag in ons gebed beloven dat wij na deze Ramadan het niveau van onze deugdzaamheid zullen blijven verhogen, zullen streven naar het vergroten van onze band met God, dat wij tot de volgende vrijdag uitsluitend ter wille van God zullen bidden, dat wij er tot de volgende vrijdag naar zullen streven het geloof voorrang te geven boven wereldse zaken en dat wij tot de volgende Ramadan zullen blijven streven in de inspanningen die wij tijdens deze Ramadan hoopten te leveren, dan zijn dit de manieren waarop wij ware deugdzaamheid kunnen aannemen. Wanneer onze aanbidding en onze daden uitsluitend ter wille van God zijn, dan zal Allah, die de Meest Barmhartige, de Meest Genadevolle is, ons zeker de zegeningen schenken waar we tijdens deze Ramadan zelfs maar in beperkte mate naar streefden. De essentie is rechtschapenheid en het voortdurend streven om de geboden van God te vervullen en Hem te vrezen.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat als we op deze manier vooruit blijven gaan en niet toestaan dat wereldsheid ons overwint, dan zullen zelfs onze beperkte inspanningen tijdens deze Ramadan door God worden geaccepteerd en zal Hij ons zijn zegeningen blijven schenken. Dit is een basisprincipe dat we altijd in gedachten moeten houden. Als wij ons leven inrichten naar rechtschapenheid, dan geven wij ook een voorbeeld voor de toekomstige generaties, waardoor de deugd van generatie op generatie zal voortduren.

De tijdens de Ramadan bereikte niveaus voor de rest van het leven handhaven

Zijne Heiligheid (aba) zei dat wij als Ahmadi’s trouw hebben gezworen aan de Imam van het Tijdperk, en dat de voorwaarden van bai’at (inwijding) waarop wij hem hebben aanvaard allemaal geworteld zijn in rechtschapenheid. Dit is iets waar de Beloofde Messias (as) ons voortdurend aan herinnerde, zodat we een revolutie in onszelf teweeg kunnen brengen die niet beperkt blijft tot één maand in het jaar, maar eeuwig is. Ongetwijfeld heeft God ons de tijd van de Ramadan als tijd voor training gegeven, maar dit is opdat we na de Ramadan nieuwe hoogten in rechtschapenheid kunnen blijven bereiken, in tegenstelling tot het terugvallen in onze vroegere staat zoals het geval was vóór de Ramadan.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de Beloofde Messias (as) was gezonden om de normen van rechtschapenheid te verhogen en voor onze hervorming, en dit is waar hij ons voortdurend aan herinnerde. Zijne Heiligheid (aba) citeerde de Beloofde Messias (as) die zei dat dit precies het doel was waarvoor hij was aangesteld en hem was verteld dat gedurende zijn tijd de hemelen opnieuw dicht bij de aarde zouden komen. Zijn bedeling zal tot het einde der tijden voortduren, en vandaag zijn het zijn volgelingen die hun geloof moeten beschermen en het hoogste niveau ervan moeten bereiken. Dit kan niet worden bereikt door inspanningen die beperkt blijven tot één maand, maar deze inspanningen moeten de maand overstijgen en wij moeten er voortdurend naar streven de normen van ons geloof te verhogen. Wanneer wij dit doen, zullen wij behoren tot degenen die onze belofte van trouw hebben begrepen en ernaar streven deze na te komen. Dan zullen we behoren tot degenen waarnaar Allah verwijst toen hij tegen de Beloofde Messias (as) zei: “Ik ben met jou en met degenen die jij liefhebt.” Wanneer Allah de Almachtige met iemand is, wat hebben ze dan nog meer nodig?

Zijne Heiligheid (aba) zei dat we dit niveau alleen kunnen bereiken wanneer we voortdurend streven naar de liefde van Allah de Almachtige. Daardoor zullen we tot de gelukkigen behoren die de zegeningen van Allah de Almachtige oogsten en wiens gebeden worden aanvaard. Dit zal ertoe leiden dat wij het vertrouwen hebben om anderen tot God te roepen en de ware dienaar van de Heilige Profeet (sa) te aanvaarden. Dit is afhankelijk van het bereiken van hoge normen van rechtschapenheid. Zij onder ons die in staat zijn dit te begrijpen zullen de manifestaties van Gods genade blijven zien. Ieder van ons kan deze manifestaties zien, zolang wij ons leven inrichten volgens de geboden van God.

Bescherming tegen de aanvallen van Satan

Zijne Heiligheid (aba) citeerde de Beloofde Messias (as) die zei dat rechtschapenheid en onwetendheid niet samen kunnen gaan. Een rechtschapen persoon besteedt tijd aan aanbidding en vervult de rechten van de mensheid. Ware rechtschapenheid draagt een bepaald licht in zich dat iemand van anderen onderscheidt. Dit licht zal elk aspect van iemands leven overnemen, en ook de paden die hij betreedt zullen verlicht worden. Dit is de norm waarnaar een gelovige en een rechtschapen mens moet streven. Zelfs na de Ramadan zou het ons doel moeten zijn om dit niveau en deze norm te bereiken. Gelukkig zijn zij die elke handeling verrichten ter wille van God en Zijn welbehagen. Anderzijds, als wij hier niet naar streven, zullen onze aanspraken en onze belofte hol zijn, en zullen onze inspanningen gedurende de maand Ramadan geen enkel voordeel opleveren. We moeten onszelf dus voortdurend analyseren om te zien of we voortdurend streven naar rechtschapenheid. Zo kunnen we Satan bestrijden en verslaan.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat in het huidige tijdperk Satan ons vanuit elke hoek heeft omsingeld en dat we zonder de hulp van God niet uit de klauwen van Satan kunnen worden gered. Gods hulp is met de rechtvaardigen, en in een tijd waarin de aanvallen van Satan sterker zijn dan ooit tevoren, moeten we ons ook meer dan ooit tevoren richten op onze gebeden. Of het nu via tv, sociale media of de talloze andere middelen is, Satan viert hoogtij, en in zulke omstandigheden moeten we vooral vrezen voor onze kinderen en erop toezien dat we hen een gezonde en mooie toekomst bezorgen. Daarom mogen we na de Ramadan niet verslappen, maar moeten we onze kennis van de Koran en het geloof blijven vergroten, zodat er in onze huizen een permanente sfeer ontstaat. We moeten voortdurend bidden om gered te worden van de aansporingen van Satan en de Antichrist.

Zijne Heiligheid (aba) citeerde de Beloofde Messias (as) die zei dat de Antichrist een manifestatie van Satan is. Er is voorspeld dat er in de laatste dagen vele gevechten met Satan zullen plaatsvinden, maar uiteindelijk zal Satan worden verslagen. Dit is echter afhankelijk van mensen die de paden der gerechtigheid bewandelen. De uiteindelijke nederlaag van Satan zou komen ten tijde van de Messias. God heeft echter beloofd dat de gelovigen en zij die de Beloofde Messias (as) volgen, tot de Dag des Oordeels de overwinnaars zullen zijn, maar alleen zij die de Beloofde Messias (as) werkelijk volgen, kunnen tot die groep van ware gelovigen worden gerekend. Daarom moeten we onszelf voortdurend analyseren om te zien of we voldoen aan de vereisten om tot die groep van gelovigen te behoren, anders zal het huilen in gebed gedurende een paar dagen tijdens de maand Ramadan geen blijvend voordeel opleveren.

Zijne Heiligheid (aba) citeerde de Beloofde Messias (as) die zei dat door hem te volgen en zich aan zijn leer te houden men niet alleen van Satan kan worden gered, maar Satan kan overwinnen. Door de Beloofde Messias (as) werkelijk te volgen en zich aan zijn leer te houden, kan men worden opgenomen in de belofte van God aan de Beloofde Messias (as): “Ik zal zeker al degenen in uw huis beschermen.” Satan kan dus niet worden overwonnen met woorden alleen, maar de overwinning op Satan hangt af van onze daden en de manier waarop wij ons gedragen. Het perfecte voorbeeld voor ons is de Heilige Profeet (sa), wiens Satan moslim werd.

Het effect & resultaat van het ware gebed

Zijne Heiligheid (aba) citeerde de Beloofde Messias (as) die zei dat als men de Heilige Koran observeert, men ziet dat deze begint met een gebed en eindigt met een gebed. Dit is een duidelijke aanwijzing dat niets bereikt kan worden zonder God. Totdat men de genade en zegeningen van God bereikt, kan men niets bereiken. Zelfs om Zijn genade en zegeningen te verkrijgen, moet men bidden. En gebeden zijn niet louter woorden, maar ware gebeden brengen een soort dood op zichzelf. Het ware gebed heeft een magnetische werking die genade en zegeningen aantrekt. Maar zo’n magnetisch gebed kan niet beschouwd worden als een gebed waarin iemands gedachten hier en daar afdwalen en meer bezig zijn met wereldse zaken. Het is veeleer het ware gebed dat volledig aan God is gewijd en dat de deuren naar succes kan openen:

‘Zeker, succes komt tot de gelovigen, die nederig zijn in hun gebeden.’ (De Heilige Koran, 23:2-3)

Zijne Heiligheid (aba) citeerde verder de Beloofde Messias (as) die zei dat een natuurlijk resultaat van waar gebed is dat iemands verlangen naar de wereld geleidelijk afneemt. Over iemand die op zo’n manier bidt kan nooit gezegd worden dat hij God vergeten is, maar degenen die voorrang geven aan de wereld zijn degenen die God vergeten zijn. Zij die in de ware zin bidden worden niet ingehaald door het wereldse werk dat zij doen, maar hun gebeden houden hen gericht op God.

Zijne Heiligheid (aba) zei dat ware aanbidding inhoudt dat het effect ervan zichtbaar is in ons zichtbare leven en op onze ziel. Zulke aanbidding brengt ons naar een hoger niveau van moraliteit en behoedt ons voor het opgaan in wereldsheid en voor de klauwen van Satan, omdat zo iemand zich in de bescherming van God bevindt. Een dergelijke aanbidding kan niet worden bezoedeld door de gedachte aan iets anders dan God.

Waarom het gebed soms nutteloos blijft

Zijne Heiligheid (aba) zei dat de essentie van het gebed aanbidding is. Men kan het gebed aanbieden, maar het heeft geen nut als het verstoken blijft van ware aanbidding. Anders kan men simpelweg naar de moskee gaan en het gebed verrichten en vervolgens wreedheden begaan, zoals de verschillende terroristische organisaties vandaag de dag doen. Daarom is het de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap die het ware voorbeeld van gebeden moet vestigen die de zegeningen en het welbehagen van Allah de Almachtige aantrekken. Zodra we dit doen, dan zullen we recht hebben gedaan aan onze belofte van trouw aan de Beloofde Messias (as) en zullen we ook werkelijk hebben geprofiteerd van de maand Ramadan.

Zijne Heiligheid (aba) citeerde de Beloofde Messias (as) die zei dat het ware gebed datgene is waarbij iemands hart smelt. Men moet ook onthouden dat we onze gebeden niet moeten veiligstellen met de gedachte dat God onze gebeden nodig heeft. God heeft niets nodig, maar wij zijn degenen die God wanhopig nodig hebben en daarom is het noodzakelijk voor ons om onze gebeden veilig te stellen.

Gebeden van Zijne Heiligheid (aba)

Zijne Heiligheid (aba) bad dat wij in staat mogen zijn om te aanbidden in de ware zin. Mogen onze gebeden nooit het type zijn dat God ontstemt. Mogen wij de zegeningen van God ontvangen. Mogen wij een band met God opbouwen en deel hebben aan de beloften van God aan de Beloofde Messias (as). Mogen wij onze toekomstige generaties de gewoonte van aanbidding bijbrengen, zodat zij gered kunnen worden. Zoals de Beloofde Messias (as) zei, wanneer ware aanbidding is gevestigd, dan kan Satan geen kwaad doen. Het zal ons goed doen onze standaard van aanbidding te verhogen en daardoor opgenomen te worden onder degenen die recht doen aan het deel uitmaken van de gemeenschap van de Beloofde Messias (as). Dit vereist dat we ervoor zorgen dat geen deel van onze dag of nacht zonder gebeden gaat. Moge Allah de Almachtige ons in staat stellen ons leven te leiden volgens de leer van Allah en Zijn Boodschapper (sa) en volgens het verlangen van de Beloofde Messias (as). Moge het plezier van Allah ons uiteindelijke doel zijn. Laten we zweren nooit te rusten totdat we zo’n rechtvaardige verandering in onszelf hebben ontwikkeld die ons in staat stelt te leven op een manier die God behaagt en op een manier die Satan ervan weerhoudt ons leven te infiltreren. Moge Allah de Almachtige ons daartoe in staat stellen.

Zijne Heiligheid (aba) riep op tot gebed voor de Ahmadi’s in Pakistan, opdat Allah hen beschermt tegen de kwade plannen van de vijanden. Pakistaanse Ahmadi’s moeten vooral bidden voor hun toestand, en ervoor zorgen dat deze gebeden niet beperkt blijven tot een paar dagen, maar continu zijn. Ook zij zouden moeten zweren hun leven in te richten op een manier die God behaagt. Zijne Heiligheid (aba) riep ook op tot gebed voor Ahmadis in Burkina Faso, Bangladesh, Algerije en Ahmadis die over de hele wereld wonen, dat Allah iedereen redt van de kwade listen van de tegenstanders. Zijne Heiligheid (aba) bad dat Allah ons in staat moge stellen deugdzame veranderingen in onszelf teweeg te brengen. Moge Hij ons het vermogen schenken om ware gebeden te verrichten en moge Hij die gebeden aanvaarden.

Samenvatting vrijdagpreek door de Ishaat team MKA NL. De Ishaat team neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek

Betekenis en belang van de Islamitische geloofsbelijdenis | Vrijdagpreek Hazrat Khalifa-tul-Masih V(aba) | 14 April 2023

Feature image
Feature image

Klik hier om de video te bekijken

Na het reciteren van Tashahhud, Ta’awuz en Soera al-Fatihah zei Zijne Heiligheid, Hazrat Mirza Masroor Ahmad(aba) dat La ilaha illallah – Er is geen God dan Allah – de basis van de eenheid van God is.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat de Heilige Profeet(sa) zei dat Allah heeft bepaald dat het verboden is voor een persoon om het vuur binnen te gaan die dit reciteert ter wille van het verkrijgen van Gods welbehagen. Wanneer iemand verkondigt dat er geen God is dan Allah, uitsluitend ter wille van God en door Hem volledig toegewijd te zijn, verkrijgt men op zijn beurt de zegeningen van God. Dit is inderdaad dezelfde leer die door alle profeten is gebracht. Maar helaas zijn het de mensen van diezelfde profeten die deze leringen zijn vergeten en ze hebben veranderd in een middel om partners met God te associëren.

Een voorbede op de Dag des Oordeels

Zijne Heiligheid(aba) zei dat we het geluk hebben de leringen te hebben aanvaard die ons volledig beschermen tegen het associëren van partners met God en die ons ook in staat stellen om zowel in dit leven als in het volgende succes te behalen. Iemand die de leringen van de Heilige Profeet(sa) volgt en de Eenheid van God uitsluitend ter wille van Gods welbehagen verkondigt, dan zullen zij zeker zegeningen ontvangen en zullen zij degenen zijn die de tussenkomst van de Heilige Profeet(sa) ontvangen op de Dag des Oordeels. In feite heeft de Heilige Profeet(sa) gezegd dat degenen die oprecht La ilaha illallah verkondigen, zijn voorbede zullen verdienen op de Dag des Oordeels.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat de Heilige Profeet(sa) het Zegel der Profeten was en God gaf hem ook de mogelijkheid om een ​​voorbidder te zijn. Geloven in de Heilige Profeet(sa) is in feite een geloofsleer, en de ware verkondiging van Gods eenheid kan niet zonder geloof in de Heilige Profeet(sa) en het geloof dat hij het Zegel der Profeten is. De Heilige Profeet(sa) leerde ons vrij te zijn van en te beschermen tegen het associëren van partners met God. Helaas zijn er mensen onder zijn volk en natie die bezwijken voor verschillende vormen van shirk (associëren van partners met God). Waar de diepere betekenissen van La ilaha illallah worden geleerd, wordt ons ook geleerd over de gerespecteerde rang van de Heilige Profeet(sa).

Zijne Heiligheid(aba) zei dat hij verschillende citaten van de Beloofde Messias(as) zou presenteren over dit onderwerp.

Drie tekenen van het volledige geloof

Zijne Heiligheid(aba) citeerde de Beloofde Messias(as) die zei dat God Zelf Zijn verkondiging uitlegde dat hij de Islam had voltooid als de perfecte en complete religie; God presenteerde drie voorwaarden en tekenen:

  1. “waarvan de wortel hecht is”
  2. “zijn takken reiken tot in de hemel”
  3. “brengt zijn vrucht voort in ieder jaargetijde”

(De Heilige Koran, 14:25-26)

Wat betreft het eerste teken, de Beloofde Messias(as) zei dat dit verwijst naar La ilaha illallah. De Almachtige God zegt bijvoorbeeld:

“Voorwaar, in de schepping der hemelen en der aarde en in de wisseling van nacht en dag en in de schepen die de zee bevaren, met datgene wat de mensen tot voordeel strekt; en in het water dat Allah van de hemel nederzendt, waarmede Hij de aarde doet herleven na haar dood en daarop alle soorten dieren verspreidt, en in de verandering der winden, en in de wolken die tussen de hemel en de aarde in dienst zijn gesteld, zijn inderdaad tekenen voor een volk, dat begrijpt.” (De Heilige Koran, 2:165)

In dit vers heeft de Almachtige God het feit bewezen dat er geen God is dan Allah door middel van de natuurwet, wat duidelijk wijst op het feit dat er een enkele Schepper en Intelligente Ontwerper is die deze natuurwet in gang heeft gezet. Een blik op de wereld maakt duidelijk dat het niet op zichzelf tot stand had kunnen komen, het geeft veeleer duidelijk aan dat deze wereld een Schepper heeft die Genadig, Genadevol, Almachtig, Eén zonder enige partner, Eeuwigdurend, en een Intelligente Ontwerper moet zijn, het hoogtepunt van alle eigenschappen en iemand die openbaring stuurt. Vandaar, La ilaha illallah verankert stevig in het hart dat God de Ultieme Schepper is die het hele universum heeft geschapen en als zodanig moeten we ons tot Hem wenden voor al onze behoeften. Zo’n niveau van geloof zorgt ervoor dat men niet kan vervallen in shirk.

Echte hulp kan alleen bij Allah worden gezocht

Zijne Heiligheid(aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias(as) die zei dat Allah de Almachtige de enige is die kan en het vermogen heeft om hulp te bieden, en dus is Hij de enige tot wie men zich moet wenden. Er staat in de Heilige Koran:

“U alleen aanbidden wij en U alleen smeken wij om hulp.”

Daarom is Hij de enige bij wie we hulp kunnen zoeken en Hij is de enige die echt de macht heeft om hulp te bieden. Daarom moet men zich houden aan de geboden van God en Zijn Boodschapper(sa). Dit staat bekend als het volgen van het “rechte pad”, wat natuurlijk niet zonder kan La ilaha illallah.

Zijne Heiligheid(aba) citeerde verder de Beloofde Messias(as) die zei dat God niet alleen beweerde dat er geen andere God is dan Hij, maar dat hij alle noodzakelijke bewijzen en argumenten aanvoerde alvorens deze bewering te doen, zodat het duidelijk en onweerlegbaar was. De grootsheid van Gods eenheid en La ilaha illallah werd aanschouwd tijdens de verovering van Mekka. Wanneer de Heilige Profeet(sa) aan Abu Sufyan vroeg of de superioriteit van La ilaha illallah niet had gerealiseerd, antwoordde Abu Sufyan en zei dat hij dat zeker had gedaan, want als een van hun afgoden enige goddelijkheid bezat, zouden ze hen nu al hebben geholpen.

De hemelse tuin ervaren in dit leven

Zijne Heiligheid(aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias(as) die zei dat men geen redding kan bereiken door de ondergang van iemand anders, maar echte redding kan alleen worden bereikt door La ilaha illallah. Het is niet alleen voldoende om dit te verkondigen, men moet het eerder volledig begrijpen en er in overeenstemming mee leven. Dan, wanneer Gods eenheid het hart van een persoon overneemt, beginnen ze te leven en de hemelse tuin te ervaren in datzelfde leven. De betekenis van La ilaha illallah volgens het woordenboek is: ‘Ik heb geen verlangen, geen geliefde, niemand om te aanbidden, niemand om te volgen behalve Allah’. Wanneer zo’n toestand zich voordoet, begint men het Paradijs in deze wereld te ervaren.

Zijne Heiligheid(aba) citeerde verder de Beloofde Messias(as) die zei dat God veel geboden heeft gegeven, waarvan sommige voorwaardelijk zijn. De hadj kan bijvoorbeeld alleen worden ondernomen als aan alle vereiste voorwaarden is voldaan. Hetzelfde is het geval met Zakat en het is alleen verplicht voor degenen die aan de vereiste voorwaarden voldoen. Er zijn ook gevallen waarin de dagelijkse gebeden een andere vorm kunnen aannemen, bijvoorbeeld gecombineerd of ingekort vanwege reizen. Echter, het gebod van La ilaha illallah is niet voorwaardelijk, maar universeel. Al het andere valt onder dit gebod – als iemand niet aanbidt volgens een hoge standaard, kan hij niet volledig geloven in La ilaha illallah. Als iemand Gods eenheid verkondigt, dan moet hij dit bewijzen door middel van zijn daden door te handelen naar Gods geboden en leringen en deze te vervullen. Vandaar is het overkoepelende beginsel en gebod “Er is geen andere God dan Allah” en “Mohammed(sa) is de Boodschapper van Allah” is het voorbeeld van het volgen en implementeren van La ilaha illallah.

De voorkeur geven aan iemands geloof over de hele wereld

Zijne Heiligheid(aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias(as) die zei dat het leven niet zeker is en op elk moment kan wegglippen. Daarom moet men niet denken dat ze voldoende tijd hebben, maar dat ze zich onmiddellijk tot God en Zijn aanbidding moeten wenden. Men zou elke dag moeten analyseren in hoeverre ze voldoen aan de voorwaarden en eisen die aan La ilaha illallah verbonden zijn. Het is noodzakelijk om voorrang te geven aan het geloof boven wereldse zaken. Het bereiken van wereldse dingen zou niet iemands doel moeten zijn, maar door voorrang te geven aan geloof, vallen ook wereldse inspanningen onder het geloof. De metgezellen namen ook deel aan de wereld, maar ze deden dit zonder hun geloof, hun overtuigingen of hun aanbidding in gevaar te brengen. Totdat La ilaha illallah niet elke vezel van iemands wezen overneemt, kan men op geen enkel niveau echt succes behalen.

Zijne Heiligheid(aba) citeerde verder de Beloofde Messias(as) die zei dat iemand die de Heilige Koran leest zich volledig bewust is van het feit dat God niet houdt van louter verbale beweringen. Dergelijke claims kunnen geen verandering of verbetering teweegbrengen. Er kwam een ​​tijd voor het Joodse volk dat louter beweringen deed, maar slechte gedachten en ideeën in hun hart en geest had. Zo zond God verschillende rampen over hen. Geloofden ze niet in de Thora en de profeten? Natuurlijk deden ze dat. God was echter niet tevreden met louter verbale beweringen en de harten die hun woorden niet weerspiegelden. Dit betekent dat als iemand met zijn woorden beweert te geloven in de eenheid van God en in de Heilige Profeet(sa), Zijn Boodschapper, het zal hen niet baten totdat hun harten hetzelfde verkondigen en zij zullen geen verlossing bereiken totdat zij deze bewering in praktijk brengen. Een eed levert geen voordeel op zonder actie. Mensen kunnen voor de gek worden gehouden, maar God kan niet worden misleid. Daarom moeten de acties van een persoon oprecht zijn, en die oprechtheid kan worden afgeleid uit een waar begrip van La ilaha illallah.

Men kan het paradijs niet betreden door alleen maar de geloofsbelijdenis uit te spreken

Zijne Heiligheid(aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias(as) die zei dat als de loutere uiting van La ilaha illallah genoeg was om iemand het Paradijs binnen te laten, dan zou er geen actie nodig zijn en God verhoede zou de Sharia tevergeefs zijn. Dit is echter niet het geval. Integendeel, zonder actie en implementatie kan men het Paradijs niet betreden. Totdat men de eisen belichaamt die bij La ilaha illallah horen, zullen ze in geen enkele vorm succes boeken. Bovendien, als iemand accepteert dat alle moeilijkheden omwille van God zijn en dat Hij Zijn dienaren helpt, dan zal niets hen zorgen baren of hen kwellen vanwege hun vertrouwen en geloof in God. Dit was precies de methode die door de metgezellen werd toegepast.

Het uitroeien van de subtiele vormen van shirk

Zijne Heiligheid(aba) ging door met het citeren van de Beloofde Messias(as) die zei dat het niet genoeg is om simpelweg het aanbidden van afgoden te vermijden. In feite zijn er andere verborgen vormen van het aanbidden van dingen. De Heilige Koran geeft aan dat men onbewust zijn eigen verlangens kan aanbidden. La ilaha illallah weerlegt niet alleen afgoden, maar alle andere vormen van aanbidding en dingen die mensen associëren als gelijk aan God, of ze nu verborgen of zichtbaar zijn. Iemand die alleen afhankelijk is van zichtbare middelen, begaat bijvoorbeeld ook shirk. Er zijn ook mensen die denken dat ze zo geleerd en ontwikkeld zijn dat hun gedachten en ideeën het voorwerp van hun aanbidding worden. Zulke dingen kunnen niet worden uitgeroeid zonder de genade van God. Ware moed is het vermijden van alle vormen van het associëren van partners met God en het alleen wenden tot Allah de Almachtige.

Zijne Heiligheid(aba) citeerde verder de Beloofde Messias(as) die zei dat de leden van zijn gemeenschap verkondigen dat ze geloven in de eenheid van God, maar dat ze geen echt geloof hebben. Degenen die zich de rechten van anderen toe-eigenen, onrechtvaardig zijn of andere kwalen niet vermijden, kunnen niet worden beschouwd als een gelovige in de eenheid van God, want iemand die deze overtuiging aanhangt, brengt zeker een positieve verandering in zichzelf teweeg. Alleen wanneer de innerlijke afgoden van trots, arrogantie, vijandschap, jaloezie, haat, huichelarij, oneerlijkheid enz. worden uitgeroeid, kan iemand echt geloven in de eenheid van God.

Zijne Heiligheid(aba) zei dat we er tijdens de maand Ramadan naar moeten streven om deze innerlijke afgoden te elimineren, zodat we tot degenen kunnen behoren die echt geloven in La ilaha illallah.

Zijne Heiligheid(aba) bad dat we in de resterende dagen van Ramadan degenen mogen zijn die onszelf reinigen van deze innerlijke onzuiverheden door middel van inspanning en gebed. Mogen we veilig blijven voor elke vorm van verborgen shirk en alle vormen van afgoden uitroeien. Moge God de enige zijn die we aanbidden, ons enige verlangen en onze geliefde. Mogen we de realiteit van La ilaha illallah begrijpen en wanneer we verkondigen dat Mohammed(sa) de Boodschapper van Allah is, mogen we dan zijn zuivere voorbeeld voor ons houden. Dit alles kan niet worden bereikt zonder de genade van God, waar we fysiek en geestelijk naar moeten streven.

Ware betekenis van de nacht van het lot

Zijne Heiligheid(aba) zei dat we in de laatste tien dagen van Ramadan spreken over de Nacht van het Lot – dit kan alleen worden bereikt als elk woord en elke daad aan God is gewijd en dit is het geval voor de rest van ons leven. Dit is het ware en eeuwige teken dat je de Nacht van het Lot hebt bereikt. Het ware teken dat je de Nacht van het Lot hebt bereikt, is de impact en verandering die het teweegbrengt in iemands hart. Andere tekenen van het zien van licht, het horen van regen of het ruiken van een zoete geur zijn allemaal tijdelijk, terwijl een revolutie in het hart een permanente manifestatie is van de Nacht van het Lot.

Zijne Heiligheid(aba) dat op sommige plaatsen regelingen zijn getroffen voor speciale gebeden gedurende drie dagen in het licht van zijn eerdere verklaring dat als we allemaal drie dagen lang gezamenlijk zouden bidden, Gods speciale genade zich zou manifesteren. Zijne Heiligheid(aba) zei dat als deze drie dagen zijn ingericht voor gebeden, alleen om terug te keren naar onze vorige toestand en het ware doel van la ilaha illallah te vergeten, onthoud dan dat Allah de omstandigheden van ons hart en onze intenties kent. Als deze dagen worden ingesteld om het genoegen van Allah te bereiken, dan moet dat met de eed zijn dat ze een blijvende verandering in ons leven teweeg zullen brengen. In dit geval zal Allah de Almachtige Zijn speciale hulp en genade tonen om ons te bevrijden van de wreedheden die door de vijanden worden opgelegd. Zijne Heiligheid(aba) herinnerde er ook aan dat hij ook zei dat dit alleen zou gebeuren als elk lid van de Gemeenschap zijn of haar toestand zou hervormen. Daarom moet eraan worden herinnerd dat als dit niet het geval wordt, degenen die deze programma’s houden, niet moeten klagen dat, God verhoede, God hun gebeden niet hoorde. In feite informeerde God de Beloofde Messias(as) dat hij hem zou helpen met zijn speciale hulp en genade. Als we God maken tot ons ware en enige verlangen, doel en de Enige die we aanbidden, dan kan deze revolutie nog sneller tot stand komen. Daarom moeten we beloven onze toestand permanent te wijzigen. De Heilige Profeet(sa) zei dat de laatste tien dagen van Ramadan zijn voor redding van het vuur, zoals hij ook had verkondigd dat er geen God is dan Allah. Dit geeft ons duidelijk aan dat niets van dit alles kan worden bereikt zonder echte en oprechte acties. Onze elke actie zou La ilaha illallah moeten weerspiegelen. Zijne Heiligheid bad dat Allah de Almachtige ons in staat zou stellen ons leven op deze manier te leiden.

Zijne Heiligheid(aba) drong ook aan op gebeden voor de algemene toestand van de wereld, dat Allah genade moge hebben en Zijn zegeningen aan de mensheid moge schenken.

Samenvatting vrijdagpreek door de Ishaat team MKA NL. De Ishaat team neemt de volledige verantwoordelijkheid voor eventuele fouten of miscommunicatie in deze samenvatting van de vrijdagpreek